AtletiekOlympische Spelen

De eerste olympische finale van Fanny Koen

Op 9 augustus 1936 liep Fanny Blankers-Koen al haar eerste olympische finale – nog als Fanny Koen. Ze was er in Berlijn namelijk ook al bij.

Fanny Koen in 1937 in Amsterdam

Fanny Koen was in 1936 nog een provinciaaltje, schrijft Kees Kooman in zijn prachtige boek Een koningin met mannenbenen. Ze kwam namelijk uit Hoofddorp en dat was ook toen een dorp. Kooman: ‘En wie uit een dorp kwam, werd boer genoemd, of zoals in haar geval boerin.’

Ze kwam op twee onderdelen uit: de 4 x 100 meter estafette en het hoogspringen. Koen wilde ook de individuele 100 meter lopen, maar kreeg hiervoor geen toestemming. Kooman: ‘Om nooit opgehelderde redenen werd ze niet ingeschreven.’

Estafette

Op 8 augustus had Koen zich gekwalificeerd voor de finale voor de 4 x 100 meter, samen met Kitty ter Braake, Ali de Vries en Lies Koning. De finale was de volgende dag, vandaag exact 72 jaar geleden. Die was om half vier, aldus de officiële evaluatie van deze Spelen. Het was ongeveer 21 graden warm, er scheen zon en de wind blies tussen de 1,3 en 1,6 meter per seconde over de baan.

Nederland liep die finale tegen de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Canada, Italië en Duitsland. In een tijd van 48,8 seconde werd Koen met haar drie collega’s vijfde. Daarmee eindigde ze dus in de staart van haar eerste olympische finale. Alleen Duitsland liep langzamer die dag.

Hoogspringen

Op diezelfde 9 augustus probeerde Koen zich te plaatsen voor de finale van het hoogspringen. Heel merkwaardig is dat deze halve finale om 3 uur begon: een half uur voor aanvang van de 4 x 100 meter! Binnen een uur zowel het hoogspringen als een estafette: zou Koen die twee wedstrijden door elkaar hebben afgewerkt? Dus eerst even springen, dan de estafette en tot slot nog een paar keer springen?

Het zou een verklaring kunnen zijn dat ze zich met een sprong van 1.55 meter niet plaatste voor de finale. Daarmee eindigde ze die dag als gedeelde zesde, waar ze erg ontevreden over was. Maar als het klopt dat ze in zo’n korte tijd twee keer in actie moest komen op compleet verschillende onderdelen is het wel te begrijpen.

De nog jonge Koen zou ook te veel onder de indruk zijn geweest van de enorme mensenmassa in het stadion. Die hadden gekeken naar de spectaculaire finale van de 4 x 100 meter van de mannen, waar Jesse Owens zijn vierde gouden medaille won. Nederland had hier zilver of brons kunnen winnen als Tinus Osendarp niet vlak voor de finish zijn stokje had laten vallen.

Koen was dus erg ontevreden, maar het zou voor haar wel de basis vormen voor haar latere loopbaan. In Berlijn nam ze zich voor om ooit op de hoogste trede te staan. Door de oorlog moest ze hier echter wel twaalf jaar op wachten.

Advertentie

Reserveer bij bol.com