Tekening van Pim Mulier
Atletiek

Mode in 1893: kijken naar langeafstandslopers

Eind negentiende eeuw was atletiek al populair. Er werden zelfs wedstrijden van meer dan tachtig kilometer gelopen!

Tekening van Pim Mulier

Het is altijd druk in Amsterdam tijdens de marathon. Zo’n 45.000 deelnemers deden mee aan één van de verschillende onderdelen. Het sportevenement is een eigen bedrijfstak geworden.

Sport & Strategie schreef hier in april al eens over nadat het Mulier Instituut en KU Leuven het boek Running across Europe hadden gepubliceerd, geschreven door Koen Breedveld en Jeroen Scheerder. De auteurs constateren onder meer dat er veel is veranderd sinds 1975, sinds het moment dat Amsterdam begon met zijn stadsmarathon.

‘Van een wedstrijdsport om naar te kijken, wordt hardlopen steeds meer een bezigheid waarin iedereen kan deelnemen. Naar schatting doen 50 miljoen Europeanen aan hardlopen.’ Alleen al in Nederland zijn er naar schatting zo’n 2,4 miljoen lopers die een half miljard euro besteden. De marathons trekken daarbij steeds meer belangtelling, blijkt dit weekend dus weer in rond het Olympisch Stadion – start en finish van de TCS Amsterdam Marathon.

In de mode

De geschiedenis van de langeafstandsloop gaat echter nog veel verder terug dan de jaren 70 van de vorige eeuw. In 1894 kwam sportpionier Pim Mulier in het boek Athletiek en voetbal namelijk met een opmerkelijke constatering: ‘In het jaar 1893 beginnen de lange afstandsloopen in de mode te geraken.‘ Dat was drie jaar vóór de eerste marathon ooit, die van 1896 op de Olympische Spelen in Athene!

Mulier schreef over een langeafstandsloop, die op 26 augustus 1893 werd georganiseerd door de Amsterdamsche Athletische Club, opgericht op 29 oktober 1891. En dan niet één van 42,195 kilometer lang, maar van 85 kilometer! Het heette alleen geen marathon, want dat woord was in 1893 nog niet bedacht voor deze wedstrijd. In plaats daarvan werd deze loop een go as you please race genoemd, waarbij de deelnemer zelf mocht weten of die ging hardlopen, marcheren of wandelen.

Een dichte mensenmassa

De dertig deelnemers begonnen op de Middenweg in Amsterdam – bij het huidige kantoor van de ABN Amro. Hier dus, maar dan 122 jaar geleden.

Vanaf daar liepen ze naar Abcoude, Breukelen, Utrecht, Maartensdijk, Hilversum en Weesp weer terug. Onderweg werden ze getroffen door een urenlange wolkbreuk. ‘De modderige, glibberige wegen en de doornatte kleeding belemmerden het loopen zeer,’ schreef De Telegraaf in een uitgebreid verslag.

Ondanks de slechte omstandigheden was de publieke belangstelling enorm met ‘eene dichte menschenmassa langs de wegen geschaard,’ zoals ANWB-blad De Kampioen het omschreef. Mulier had dus gelijk toen hij opmerkte dat de langeafstandslopen in de mode waren.

Gerard Adolfs was de snelste in 1893, pas 21 oud en in het dagelijks leven boekhouder. Hij liep de 85 kilometer in 8 uur en dertig minuten. Hij ontving een gouden kampioensmedaille met sjerp en zelfs een speciale medaille, die beschikbaar was gesteld door koningin-regentes Emma.

Een beter bewijs dat hardlopen in 1893 in de mode was kunnen we niet vinden, want als zelfs de koningin zich ermee gaat bemoeien…

Advertentie

Koop bij bol.com

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.