AtletiekHockeyNieuwOlympische SpelenSchaatsenWielrennen

Overleden sporters in 2020

In de sportwereld overleden er dit jaar helaas weer talloze toonaangevende personen. Hieronder worden enkelen van hen in herinnering geroepen.

Vanaf 2003 vervulde Kees Bakker (76) diverse functies bij Vitesse, zoals commissaris en bestuurslid, om vervolgens in 2013 voorzitter te worden van Stichting Betaald Voetbal ‘Vitesse-Arnhem’. Drie jaar later werd hij heel even voorzitter van de Raad van Commissarissen, waarna hij lid werd van de Raad van Advies.

De Amerikaans basketballer Kobe Bryant (41) speelde heel zijn twintigjarige carrière voor de Los Angeles Lakers. Hij werd met die ploeg vijf keer NBA-kampioen. Toen de Lakers afgelopen oktober voor de zeventiende keer de NBA-titel veroverden, leidde dat in de straten van LA tot grote festiviteiten, die voor een groot deel werden opgedragen aan Lakers-icoon Bryant. Die was kort daarvoor overleden.

Bryant won verder goud met het nationale team van de VS op de Spelen in Peking. Dit werd gezien als een redemption, nadat de VS op de Spelen van 2004 in Athene slechts brons hadden gewonnen. Ook op de Spelen van Londen in 2012 veroverde Bryant met Team USA goud.

Tonny Bruins Slot (73) was vermaard om zijn analyses van voetbalwedstrijden en tegenstanders. Hij werd vooral bekend als rechterhand van Johan Cruijff en Ronald Koeman. Cruijff en Bruins Slot wonnen in 1987 met Ajax de Europa Cup II. Cruijff nam Bruins Slot een jaar later mee naar Barcelona. Daar kende hij de grootste successen uit zijn loopbaan als assistent. Barcelona won vier landstitels en in 1992 de Champions League.

Australiër Ashley Cooper (83) schreef tennisgeschiedenis door in 1958 de Australian Open, Wimbledon én de US Open op zijn naam te schrijven. Slechts elf mannen zijn erin geslaagd om in één kalenderjaar drie Grand Slams te winnen. ‘Ashley was een grootheid in het tennis en een briljante speler. Hij zal erg gemist worden,’ aldus Craig Tiley van de Australische tennisbond.

Internationale voetbalscheidsrechter Charles Corver (84) ) floot vier Europacupfinales, een finale voor de wereldbeker voor clubteams en op twee Europese- en twee Wereldkampioenschappen. Hij werd in 200 door Voetbal International uitgeroepen tot scheidsrechter van de eeuw.

De Belg Roger Decock (93) was de oudste nog levende winnaar van de Ronde van Vlaanderen. Hij won de klassieker in 1952. ‘Wind, hagel, sneeuw en sneeuwwater’, zo sprak hij over de barre weersomstandigheden tijdens de koers destijds. Hij won verder onder meer Parijs-Nice en de Scheldeprijs. Decock reed in de zomer van 1951 achter Wim van Est, toen de Nederlander in de Tour de France in de afdaling van de Aubisque een ravijn in reed. ‘Ik probeerde iedereen te verwittigen dat Van Est zwaar was gevallen, maar niemand stopte’, zou hij daar later over vertellen. Decock stopte wel. Hij verloor 25 minuten. ‘Wat kon het me schelen, ik vond een mens in nood belangrijker.’

Dat hij een nobel mens was, blijkt ook uit zijn wieleractiviteiten in de Tweede Wereldoorlog. Op de fiets smokkelde hij eten voor het verzet.

Hans van Delft (73) was tussen 1997 en 2006 voorzitter van N.E.C. Onder zijn leiding veranderde de club van degradatiekandidaat in een die middenmoter. Grote stunt was het aantrekken van Johan Neeskens als trainer in 2000. Hoogtepunt tijdens was het bereiken van Europees voetbal in het seizoen 2002/03. Dankzij een zeer late goal van Jarda Simr boekte N.E.C. op de laatste speeldag een 0-1 zege bij RKC Waalwijk. Zo eindigde de club uit Nijmegen sensationeel als vijfde in de Eredivisie.

De markante oud-scheidsrechter Frans Derks (89) floot van 1956 tot 1978 in de Eredivisie. Hij was een flamboyante verschijning die veel aandacht besteedde aan zijn uiterlijk. Zo had hij een opvallend kapsel en floot hij steevast in een kort strak broekje.

Derks stond er ook om bekend dat hij zelden een kaart trok. In alle wedstrijden die hij floot in de Eredivisie, gaf hij slecht veertien keer geel en twee keer rood. Liever waarschuwde hij spelers verbaal. Hij liet zijn kaarten zelfs geregeld in de kleedkamer achter.

Pim Doesburg (77) begon zijn loopbaan in 1962 bij Sparta, waarmee hij in 1966 de KNVB-beker won. In 1967 stapte hij over naar PSV, maar in 1970 keerde hij terug. Tien jaar later tekende hij opnieuw in Eindhoven. Met PSV werd hij in zijn tweede periode twee keer landskampioen. Doesburg speelde in totaal 687 wedstrijden in de Eredivisie, een record.

Na zijn actieve carrière werd hij keeperstrainer. Die functie vervulde hij bij Sparta, Feyenoord en het Nederlands elftal. Hij kwam zelf acht keer uit voor Oranje. ‘Sparta Rotterdam treurt om het verlies van één van de grootste Spartanen uit de clubgeschiedenis en zal Pim ontzettend missen’, aldus de website van de Rotterdamse club.

Eddy Pieters Graafland (86) was een onverschrokken keeper die was gespecialiseerd in het stoppen van penalty’s. Hij hield lang voor het beroemde boekje van Jan Reker zelf al een schrift bij, waarin aantekeningen maakte van iedereen die een strafschop nam. ‘Ik keek naar alle Polygoonjournaals om te zien of er voetbalwedstrijden waren en van alle Nederlandse en Europese duels noteerde ik de strafschoppen.’ Bovendien was hij de eerste Nederlandse doelman die de Europa Cup I omhoog mocht houden: op 6 mei 1970 na een 2-1 zege op Celtic.

In 1951 debuteerde hij op zijn zeventiende bij Ajax. Zijn grootste successen vierde Pieters Graafland echter bij de aartsrivaal Feyenoord. In 1958 vertrok hij voor een recordbedrag van 134.000 gulden naar Feyenoord. Een jaar daarvoor maakte de keeper zijn debuut in Oranje: op 28 april 1957 tegen België in het Olympisch Stadion in Amsterdam. Een unieke ervaring, aldus Pieters Graafland in 2014. ‘Dan sta je daar in een rij met die spelers, je weet gewoon niet wat je meemaakt. Iedere voetballer wil ooit een keer in het Nederlands elftal spelen en ik heb dat 47 keer mogen doen.’

Marc de Hond (42) speelde van 2007 tot 2016 rolstoelbasketbal voor BV Lely (nu Apollo Amsterdam) in de landelijke Eredivisie. In februari 2010 werd hij ambassadeur van Fonds Gehandicaptensport. Vanaf het voorjaar van 2010 trainde hij mee met de nationale selectie. Na drie jaar fulltime sporten nam De Hond eind 2012 afscheid van het Nederlands rolstoelbasketbalteam. Hij wilde meer tijd besteden aan zijn maatschappelijke carrière.

Barry Hulshoff (73) speelde bij het Gouden Ajax van begin jaren zeventig. Met Ajax won hij de drie keer de Europa Cup 1 en de winst van de Wereldbeker. Hij maakte hierna carrière als trainer. Na een kortstondig verblijf bij Ajax, was hij in België actief bij Lierse, Westerloo, Beerschot, Sint-Truiden, Aalst en KV Mechelen. Hulshoff speelde tussen 1971 en 1973 veertien interlands voor Oranje. Daarin scoorde hij zes keer.

Hulshoff was de eerste Nederlandse voetbalprof die was te bewonderen in een tv-reclame. In 1974 was hij samen met zijn hond te zien in een commercial voor het hondenvoermerk Chappi.

De Hongaars waterpolospeler György Kárpáti (84) werd in 1952 (Helsinki), 1956 (Melbourne) en 1964 (Tokyo) olympisch kampioen. Hij was de laatste nog levende speler van het legendarische team dat op de Spelen van 1956 de Sovjet-Unie versloeg. Dit gebeurde kort nadat de opstand van de Hongaren tegen het Sovjetleger was neergeslagen. De wedstrijd tegen de Sovjetrussen ging de sportgeschiedenis in als de bloed-in-het-waterwedstrijd.

Ab Krook (76) maakte negen Winterpelen mee en begeleidde decennialang topschaatsers. Als bondscoach loodste hij twee vrouwen naar olympisch succes: Annie Borckink pakte in 1980 goud in Lake Placid, Ria Visser won zilver. Onder zijn leiding werd Bart Veldkamp in 1992 olympisch kampioen op de tien kilometer in Albertville. Ook Falko Zandstra en Leo Visser wonnen toen medailles. Krook was tot en met de Spelen van Turijn in 2006 topsportcoördinator van schaatsbond KNSB.

Piet van der Kruk (78) was de laatste Nederlandse gewichtheffer op de Olympische Spelen. In 1968 eindigde hij in Mexico-Stad als negende bij de zwaargewichten. De vijfvoudig Nederlands kampioen verbeterde meer dan dertig keer een Nederlands record. Hij was ook een goede kogelstoter. Viermaal werd hij op dit onderdeel Nederlands kampioen en met een afstand van 17,09 meter had hij jarenlang het nationaal record in handen. Later was Van der Kruk onder meer bondscoach van de Nederlandse gewichtheffers, directeur van het Nederlands centrum voor dopingvraagstukken, bondscoach van de gewichtheffers en voorzitter van de krachtsportbond. Tot op hoge leeftijd was ook hij televisiecommentator bij het gewichtheffen.

Judoka Ilona Lucassen (23) pleegde afgelopen zomer zelfmoord. Last van depressie had ze volgens van haar naasten niet. Lucassen liet ook geen afscheidsbrief achter. Sinds 2016 was ze lid van de Nederlandse selectie. Hoogtepunt in haar carrière was een bronzen medaille bij de Grand Prix in Den Haag in 2018.

Met de dood van Argentijn Diego Armando Maradona (60) verloor de voetbalwereld één van zijn allergrootste iconen.‘Toen bekend werd dat Maradona was overleden, ontplofte het internet. Er zijn enorm veel eerbetonen’’, aldus NOS-correspondent Marc Bessems. “De Argentijnen kunnen gewoon niet geloven dat hun God er niet meer is.’

Maradona brak begin jaren tachtig door bij het Argentijnse Boca Júniors. Door Barcelona werd hij naar Europa gehaald, maar dat werd geen groot succes. Toen hij naar Napoli verhuisde bloeide hij echt op. Dankzij Maradona won de club in 1987 en 1990 tweemaal de Italiaanse landstitel, nog altijd de enige twee kampioenschappen van Napoli, en in 1989 de UEFA cup.

Onsterfelijk werd Pluisje op het WK van 1986 in Mexico. In de kwartfinale tegen Engeland, was Maradona niet te houden. Hij opende de score met een omstreden handsbaldoelpunt, de beroemde Hand van God. Niet veel later dribbelde hij op spectaculaire wijze langs de gehele Engelse defensie, om nogmaals te scoren. Het werd uiteindelijk 2-1. In de finale werd vervolgens Duitsland met 3-2 verslagen en was Argentinië wereldkampioen.

De Italiaanse baanrenner Guido Messina (89 won tijdens de Zomerspelen van1952 in Helsinki goud op de ploegenachtervolging. Hij werd daarnaast vijfmaal wereldkampioen op de individuele achtervolging, tweemaal bij de amateurs en driemaal bij de profs.

De Amerikaan Bobby Morrow (84) won op de Olympische Spelen van 1956 drie gouden medailles: op de 100, de 200 en de 4 x 100 m estafette. Hij bevindt zich in select gezelschap: alleen Jesse Owens (1936), Carl Lewis (1984) en Usain Bolt (2012 en 2016) wonnen deze drie afstanden ook op één en dezelfde Spelen.

De Britse autocoureur Stirling Moss (90) eindigde tussen 1955 en 1958 viermaal op rij op de tweede plaats in het wereldkampioenschap Formule 1. Moss wordt daarom ook wel de beste autocoureur genoemd die nooit wereldkampioen werd.

Rob Rensenbrink (72) begon met voetballen bij het Amsterdamse DWS, maar het grootste deel van zijn carrière speelde hij in België. Daar kwam hij uit voor onder meer Club Brugge en RSC Anderlecht. In 1973 werd hij Belgisch topscorer. Drie jaar later won hij de Gouden Schoen. Rensenbrink viel vooral op door zijn onnavolgbare dribbels, enorme snelheid en fluwelen techniek. Vanwege zijn beweeglijkheid en flexibiliteit werd hij ook wel het slangenmens genoemd. Als speler van Anderlecht veroverde hij onder meer de Europacup II en de UEFA Super Cup.

In 1974 en in 1978 bereikte Rensenbrink met Oranje de finale van het WK. Nederland verloor toen van West-Duitsland en Argentinië. In de finale tegen Argentinië raakte Rensenbrink in de extra tijd, bij een 1-1 stand, de paal, een nog altijd voortdurend trauma voor voetbalminnend Nederland.

Onder de bezielende leiding van voorzitter Harry van Raaij (84) had PSV op het veld veel succes. Nadat in 1996 de beker werd gewonnen, volgden in 1997, 2000, 2001 en 2003 de landstitel. Door zijn uitgesproken karakter was Van Raaij zeer geliefd bij de supporters. Toen de rouwwagen voor de begrafenis van Van Raaij langs het Philips Stadion reed, stonden er duizenden supporters met uitgedeelde handfakkels langs de weg. ‘Zoiets heb ik niet eerder meegemaakt”, zei een supporter toen tegen Omroep Brabant. “Het is meer dan terecht. Hij heeft enorm veel voor PSV betekend. Ik weet niet of je het kan zien, maar ik heb tranen in mijn ogen.’

Shorttrackster Lara Ruijven (27) werd in 2019 wereldkampioen op de 500. Ze stond bekend om haar doorzettingsvermogen, discipline en optimistische karakter. Eind juni werd er bij haar een stoornis aan het immuunsysteem geconstateerd. Ondanks diverse operaties verslechterde haar situatie en overleed ze nog geen twee weken later.

Heel de shorttrackwereld was zwaar ontdaan, zo ook haar teamgenoot Suzanne Schulting ontdaan. Op Instagram schreef ze: ‘Jij zei ooit tegen mij, in de heatbox, voor de start van mijn finaledebuut in de relay, dat het wel goed zou komen, dat ik me geen zorgen hoefde te maken. Dit zei ik twee weken geleden ook tegen jou. Maar het is niet goed gekomen. Ik ga je zo verschrikkelijk missen lieve Laar.’

De Amerikaan Don Shula (90) is de meest succesvolste coach in het American football. Hij coachte van 1963 tot 1969 de Baltimore Colts en daarna meer dan 25 jaar de Miami Dolphins. Als NFL-coach haalde hij zes keer de Super Bowl. Twee keer won hij die prijs ook, 1972 en 1973. In 1972 deed hij dat zelfs met een zogenaamd perfect season, een seizoen met louter overwinningen, het enige ooit in de NFL. Shula boekte als coach maar liefst 347 overwinningen in de NFL, een record.

Theo Slijkhuis (81) begon in 1951 aan jeugdopleiding van Vitesse. In1960 stapte hij voor twee seizoenen over naar N.E.C., waar hij in de Tweede divisie tot 30 doelpunten kwam. Na nog een seizoen bij Vitesse, ging Slijkhuis voor AGOVV spelen. In 1968 maakte Slijkhuis nog furore als topschutter van Rheden, dat toen streed om het amateurkampioenschap.

Brit Nobby Stiles (78) maakte deel uit van de Engelse nationale ploeg die in eigen land in 1966 wereldkampioen werd. De speler van Manchester United won verder met zijn club twee keer de landstitel en in 1968 op Wembley de Europa Cup I.

Lolbroek Wim Suurbier (75) boekte in de jaren ‘70 met Ajax en Oranje grote successen. Liefst 509 wedstrijden speelde hij in het rood-wit van Ajax. Waar Suurbier kwam, werd gelachen.

Suurbier speelde 509 wedstrijden voor Ajax, alleen Sjaak Swart speelde meer wedstrijden voor de Amsterdamse club. Hij speelde Suurbier 60 interlands, met de verloren WK-finales van 1974 in Duitsland en 1978 in Argentinië als hoogtepunten Hij was de eerste moderne back: met zijn enorme snelheid kon hij de hele flank van het veld bestrijken. Zo werd hij een van de eerste opkomende en aanvallend ingestelde vleugelverdedigers.

Samen met clubgenoot Ruud Krol vormde hij het komische duo Snabbel en Babbel. Het duo was specialist in  kleedkamerhumor: ze plasten in rijdende bussen en legden drollen in schoenen van ploeggenoten.

De Amerikaans turner Kurt Thomas (64) was in 1978 de eerste turner uit de VS die een wereldtitel veroverde (op vloer). Een jaar later prolongeerde hij die titel en greep toen ook goud op rekstok. Thomas was een turnpionier. Zo introduceerde hij twee oefeningen die naar hem werden vernoemd: de thomasflair (op paard) en de thomassalto (op vloer). Hij speelde in 1985 ook in de film Gymkata, waarin Thomas zijn turnvaardigheden gebruikte om met alle slechteriken af te rekenen.

Rob Vente (80) was de eerste na-oorlogse sportjournalist met een rubriek in een dagblad waarin niet zozeer de sport centraal stond, maar juist het wereldje eromheen. Zo ontstond Bal-na in De Haagsche Courant en Het Rotterdams Nieuwsblad. Het waren stukjes van een halve pagina, die draaiden om grappen, grollen en onbenulligheden uit de sportwereld.

Jacques Visschers (79) heeft zijn gehele actieve carrière (1960-1971) voor NAC gevoetbald. Hierna was hij onder meer elftalleider van NAC, bestuurslid van de VVCS en lid van de tuchtcommissie van de KNVB.

Jan Vullings (83) was negen jaar een voorzitter van Willem II. Daarmee haalde hij tussen 1996 en 2006 driemaal Europees voetbal. Vullings wilde een bedrijfsmatige aanpak projecteren op de Tilburgse club. Onder zijn leiding kreeg het stadion van de club dan ook 15 skyboxen. Vullings ergerde zich ook aan de vaak extreem hoge spelerssalarissen. Die stonden in geen verhouding tot wat bepaalde mensen in hoge maatschappelijke functies verdienden. ‘Er moet een verhouding zijn tussen hetgeen er betaald wordt en wat je ervoor moet doen’, aldus Vullings.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je dat laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Micha Peters
Bedenker en beheerder van Sportgeschiedenis.nl. Journalist en (sport)historicus.