Home > Vraag het de redactie > Van wie is de uitspraak: Sport is de belangrijkste bijzaak van het leven?
Kees Jansma in 1980
Vraag het de redactie

Van wie is de uitspraak: Sport is de belangrijkste bijzaak van het leven?

De uitspraak dat sport de belangrijkste bijzaak van het leven is, wordt aan vele sprekers toegeschreven. Kees Jansma wordt vaak genoemd en ook de namen van Herman Kuiphof en paus Johannes Paulus II vallen regelmatig. Hierbij worden overigens twee varianten door elkaar heen gehaald, want in veel gevallen luidt het citaat dat voetbal de belangrijkste bijzaak van het leven is.

Sport moet bijzaak blijven in het bestaan, maar als een van de belangrijkste bijzaken gaan vóór de genoegens van de bittertafel, het groene laken en het café-chantant, of beter… deze geheel verdringen, door overtuigend de naarheid van die dingen aan te toonen.

Daarom zijn er enkele vragen:

1. Gaat de oudste uitspraak over sport of over voetbal?

2. Wie zei dat dan en wanneer was dat?

Om te beginnen met Kees Jansma. Op 4 juni 1992 stond er een uitgebreid interview met hem in het Nieuwsblad van het Noorden met als kop: ‘Sport is de belangrijkste bijzaak van het leven.’

Hij was alleen niet de eerste die dit zei. Dat blijkt onder meer in een artikel van 28 februari 1974 in de Leeuwarder Courant. Sprekend over de internationale sportwereld merkte de auteur toen op dat sport allang niet meer ‘de belangrijkste bijzaak van de wereld’ is.

Maar we kunnen veel verder terug, naar 28 november 1898 – eind negentiende eeuw dus! Het Nieuws van den Dag had die dag het uitgebreide artikel Sport en leven, waarin een belangrijke conclusie werd getrokken: ‘Sport moet bijzaak blijven in het bestaan, maar als een van de belangrijkste bijzaken gaan vóór de genoegens van de bittertafel, het groene laken en het café-chantant, of beter… deze geheel verdringen, door overtuigend de naarheid van die dingen aan te toonen.’

Het is niet exact de gezochte quote, maar komt er wel heel dichtbij. Met deze opmerking werd in ieder geval een nuancering aangebracht in het toenmalige debat over de opkomst van sport. Tegenstanders zagen hierin een lichaamscultus, een modegril zonder maatschappelijk nut. Dat verwijt trof met name de beroepssporters, die werden beschouwd als circusartiesten. Het Nieuws van den Dag erkende dat sommige van die profs inderdaad te veel eerzucht vertoonden, maar wees er tegelijk op dat lichaamsbeweging een goede bijdrage leverde aan de gezondheid. Zolang sport als één van de belangrijkste bijzaken werd beschouwd, was er niets aan de hand.

Wichtige Nebensache

De gezochte uitspraak komt alleen helemaal niet uit het Nederlands! Een belangrijke aanwijzing hiervoor stond op 21 september 1985 in het Vrije Volk: ‘De Duitsers zeggen het mooi: Sport is die wichtigste Nebensache der Welt.’ Jan Luitzen bevestigt dit na een onderzoek in zijn enorme digitale bestand: in 1960 publiceerde Horst Peets het boek Sport is die wichtigste Nebensache der Welt. Een oudere bron is niet gevonden – het artikel uit 1898 als uitzondering.

En zo zijn er enkele conclusies:

1. De originele uitspraak moet zijn ‘Sport is de belangrijkste bijzaak van het leven.’ De voetbalvariant is hiervan een afgeleide.

2. Deze komt oorspronkelijk uit Duitsland en werd in 1960 bekend door een boek van Horst Peets.

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.