NieuwWielrennen

Erik Breukink won bijna de Tour de France

Erik Breukink won in 1989 in Luxemburg in het shirt van Panasonic de proloog. In de dertiende etappe naar Marseille moest Breukink uitgeput afstappen. Helemaal leeggereden na een zware Ronde van Italië. Een jaar later kwam Breukink in dienst van PDM wel dicht in de buurt van een Tourzege.

Na vijftien ritten in de Tour van 1990 stond ene Claudio Chiappucci aan de leiding in het algemeen klassement. Deze tot dan toe vrijwel onbekende Italiaan, die als gele truidrager overal zijn mamma mee naar toe sleepte, had geprofiteerd van een vroege vlucht op de eerste dag. Ook Frans Maassen, Steve Bauer en Ronan Pensec mochten toen tien minuten wegrijden van het peloton. Maar deze drie waren één voor één weggevallen uit de top van het klassement.

Chiappucci dus in het geel. Na allerlei schermutselingen in en na de Alpen was Erik Breukink tweede op 1’52”, Greg Lemond derde op 2’24” en Pedro Delgado vierde op 4’29”. Met andere woorden: de kans dat een Nederlander de Tour ging winnen – met alleen nog anderhalve Pyreneeënrit voor de boeg – was haast net zo reëel als de kans dat Oranje zondag wereldkampioen voetbal was geworden. Al stond Breukink wel al bekend om zijn beruchte ‘slechte dag’.

‘Nee, ik reed niet lekker’

Zijn mindere moment beleefde hij in de zestiende etappe op de Tourmalet, op weg naar Luz Ardiden. Het was de gele truidrager zelf (‘die dekselse Chiappucci’) die aanviel. Aan Mart Smeets vertelde Breukink indertijd: “Nee, ik reed niet lekker, dat had ik de uren daarvoor al gemerkt. Niet slecht, maar er zat iets onzekers in mijn hele rijden.”

Breukink vond zijn ritme niet, bovendien haperde er iets aan zijn versnellingsapparaat. Hij moest van fiets wisselen met de onvolprezen Jos van Aert. Langzaam maar zeker reed de groep met favorieten weg van de beoogde Nederlandse Tourwinnaar. “Natuurlijk had Lemond gezien dat ik niet goed reed, dat had iedereen in die groep gezien. Je hebt daar maar één blik voor nodig. Dat hebben alle wielrenners.”

Miguel Indurain, net als Breukink van 1964, won de rit op Luz Ardiden, vóór Greg Lemond. Die zou dat jaar zijn derde Tour winnen. De PDM-kopman verloor die dag ruim vier minuten, maar stond aan de finish nuchter de teleurgestelde journalisten te woord: “Zeg het maar. Ik heb niet goed gereden, dat weet ik.”

Op de voorlaatste dag klopte een formidabele Breukink iedereen in een lange tijdrit rond het Lac de Vassivière. Hij kwam slechts dertien seconden tekort om Chiappucci van de tweede plaats in het eindklassement te stoten. Breukink werd uiteindelijk derde op 2’29” van Lemond, maar hij was na de Amerikaan de morele tweede van de Tour.

Intralipid-affaire

In de Tour 1991 was de toen zevenentwintigjarige Nederlander één van de grote favorieten. De beruchte Intralipid-affaire gooide roet in het eten. Erik Breukink werd nadien nog een keer zevende in de Tour, maar hij zou nooit meer in de buurt komen van het podium. Volgens sommigen omdat hij zich tijdens de wilde jaren negentig behoudend opstelde op het gebied van medische begeleiding.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je je waardering laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -