NieuwWielrennen

Luis Herrera en de Vuelta

De Colombiaanse klimmer Luis Herrera won In 1987 de Ronde van Spanje.

Ineens was daar Luis Herrera. Hoewel zijn roem hem vanuit de Andes al vooruit was gesneld, was de kleine Colombiaan tot 9 juli 1984 voor het Europese wielerpubliek een onbekende grootheid. Het tijdschrift Wieler Revue durfde Herrera voor aanvang van de Tour al te tippen voor de bolletjestrui (hoewel één jaar te vroeg was dit een goede voorspelling), maar zijn geboortedatum (4 mei 1961) was bij de redactie op dat moment nog onbekend.

De Tour

De eerste tien dagen van de Tour van 1984 bleef Herrera op de vlakke wegen onzichtbaar. Maar in de eerste de beste Pyreneeënrit naar het skistation Guzet Neige reed Herrera net iets te laat weg uit de groep met favorieten, anders had hij de eerder ontsnapte Schot Robert Millar nog achterhaald en zo meteen zijn allereerste bergetappe in de Tour gewonnen.

Lichtgewicht Herrera danste vroege vluchters als Jean-René Bernaudeau en Gerard Veldscholten voorbij alsof ze stilstonden. De opvolger van gevleugelde klimmers als Federico Bahamontes en Charly Gaul leek geboren. Een week later wist ‘Lucho’ Herrera op L’Alpe d’Huez wel zijn eerste Touretappe te winnen.

Hand- en spandiensten

In de Tour van 1985, waarin de Colombiaan overduidelijk hand- en spandiensten verleende aan Bernard Hinault, won hij de etappe naar St. Etienne ondanks een spectaculaire valpartij in een afdaling. In dezelfde rit waarin ook gele truidrager Hinault hard tegen het asfalt sloeg, kwam Herrera juichend maar met bebloed hoofd over de streep. Samen met zijn tijdelijke bondgenoot werd hij afgevoerd naar het ziekenhuis. Beiden konden de volgende dag starten.

De Tour zou de renner nooit winnen. Zelf zei hij daarover in 1992: “Vijfde in het eindklassement was het maximaal haalbare voor mij.” Behalve vijfde werd hij ook nog een keer zesde in de Tour. Herrera won in Frankrijk in totaal drie bergetappes en twee keer het bergklassement. Opvallend: toen hij zijn tijdrit verbeterde leek dat ten koste te gaan van zijn klimmerskwaliteiten.

Zoon van een tuinman

Herrera, die in zijn gehele loopbaan alleen voor Colombiaanse ploegen reed, werd als zoon van een tuinman geboren in het dorp Fusagasuga, 1500 meter boven de zeespiegel, op zo’n veertig kilometer van de nog hoger gelegen hoofdstad Bogota. De kleine Luis kreeg zijn eerste fiets op zijn elfde, om van huis naar school te kunnen rijden. Op zijn veertiende won hij de eerste koers waaraan hij deelnam.

Een Tourzege bleek dus te hoog gegrepen, maar in de Ronde van Spanje van 1987 was hij wel succesvol. Op weg naar Lagos de Covadonga had de kleine Colombiaan de leiderstrui veroverd, die hij vier dagen voor Madrid in een tijdrit weer verloor van Sean Kelly. Herrera had vervolgens een beetje geluk omdat de Ier gekweld werd door een steenpuist en zelfs moest opgeven. De klimmer won zo de ronde vóór de West-Duitser Raimund Dietzen. Laurent Fignon en Pedro Delgado werden derde en vierde.

Nationale zaak

Die Vuelta werd de laatste week een nationale zaak in Colombia. In het Wielerjaarboek lezen we dat het staatshoofd per telegram aandrong op Colombiaanse eenheid. Er stonden namelijk niet minder dan vier (!) Colombianen in de top tien van het eindklassement. Oscar de Jesus Vargas werd vijfde, Henry Cardenas negende en Omar Hernandez tiende. Winnaar Herrera werd in Bogota als een held ontvangen, en van de ene naar de andere receptie gesleept.

Eind 1992 nam Herrera afscheid van het profpeloton. Wieler Revue zocht hem op bij zijn ouders in Fusagasuga. Hij was toen juist getrouwd met een fraaie langbenige geblondeerde rondemiss. Ondanks de problemen kon Herrera zich geen mooier land voorstellen dan Colombia. Hij verklaarde in de toekomst iets terug te willen doen voor het land waaraan hij veel te danken had.

Advertentie

Bestel bij Bol.com