NieuwOlympische Spelen

Anton Geesink wilde in 1960 als worstelaar naar de Olympische Spelen

Op 25 augustus 1960 begonnen de Olympische Spelen in Rome. Anton Geesink wilde meedoen als worstelaar, maar door ingrijpen van het NOC ging dat niet door. Dat verklaart meteen zijn zeer slechte relatie later met Nederlandse sportbestuurders.

Een jaartje of vijftien geleden bracht Anton Geesink een bezoek aan het Olympisch Stadion in Amsterdam. Ik gaf hem een rondleiding door het sportmuseum de Olympic Experience, dat inmiddels niet meer bestaat. We spraken onder meer over de Olympische Spelen van 1960 in Rome, waaraan Geesink mee had willen doen als worstelaar. Door een aanvaring met het NOC werd hem dit echter verboden.

Foto

Tijdens zijn bezoek was het allemaal al bijna een halve eeuw was geleden, maar nog steeds zat het Geesink zeer hoog. Dat werd duidelijk toen we bij een grote foto stonden van Charles Pahud de Mortanges, de NOC-voorzitter die Geesink in 1960 het slechte nieuws bracht. Ik vroeg Geesink of hij wilde poseren naast het portret van Pahud de Mortanges.

Hij beet me toe: “Waarom wil je net hier een foto van me maken, bij die Pahud?”

“Omdat hij een belangrijk lid was van het IOC,” was mijn zeer gedeeltelijke antwoord, “net als u.” Ik zei er natuurlijk niet bij dat het een doorzichtige poging was om hem aan het praten te krijgen over zijn frustratie van toen. Zijn voormalige voorlichter had me namelijk gewaarschuwd dat hij weigerde om daarover nog iets te zeggen. “Dat zullen we nog wel eens zien,” zei ik terug.

Telegram

Het lukte, want een stortvloed aan slechte herinneringen overspoelde Geesink toen hij de foto zag van Pahud de Mortanges. Hij barstte los. “Vlak voor de Spelen in Rome begonnen, was ik in Zuid-Frankrijk om judolessen te geven. Wat verdiende ik er mee? Een tientje per dag, of zo.

Opeens kreeg ik een telegram van het NOC met de boodschap dat ik onmiddellijk naar Nederland moest komen. Waarom wist niemand, want dat stond er niet bij. Een vriend van me dacht nog dat ik goed nieuws ging krijgen. Hij dacht dat ze me zouden vertellen dat ik tijdens de openingsceremonie de Nederlandse vlag mocht dragen.

We pakten meteen de trein van Nice naar Nederland. Weet je hoe lang zo’n reis duurde in 1960? Meer dan 24 uur! En waarom ik naar het NOC moest, wist ik niet. Misschien dus om de vlag te dragen.

Goed, ik kwam eindelijk binnen en bij elkaar heb ik er nog geen vijf minuten gezeten. Pahud had het woord en zei meteen dat ik niet naar de Olympische Spelen mocht. Ik zou professional zijn, omdat ik een judoschool had. Hij heeft me niet eens bedankt voor het maken van de lange reis of gevraagd of ik nog reiskosten had.”

Tijdens zijn betoog keek Geesink zeer boos naar de foto van Pahud de Mortanges. “En hij was degene die me dat vertelde. Het IOC wist van niets, dat had me helemaal niet op een lijst gezet. Het kwam echt vanuit het NOC.”

Geldprijzen

De grote kampioen van 1964 werd dus op deze manier deelname ontzegd aan de Spelen van 1960. Dat juist Pahud de Mortanges dat deed, was op zijn zachtst gezegd merkwaardig. Tijdens zijn eigen sportieve loopbaan in het paardrijden, had hij op de Olympische Spelen van 1924, 1928 en 1932 gouden medailles gewonnen. En ook in 1936 deed hij nog mee aan de Spelen in Berlijn. In diezelfde periode had Pahud geld verdiend met zijn sport – hetzelfde waarop Geesink in 1960 werd afgestraft.

Het Amersfoortsch Dagblad/De Eemlander schreef op 11 juni 1934 bijvoorbeeld dat Pahud de Mortanges enkele prijzen had gewonnen op een concours-hippique in Bussum. Bij het Concours Schoonste Rijpaard kreeg hij tien gulden, bij het Concours Jachtpaarden veertig gulden en bij het Springconcours 75 gulden. Ondanks deze geldprijzen deed Pahud twee jaar later wel mee aan de Olympische Spelen in Berlijn.

Dat zal Geesink allemaal niet hebben geweten toen hij in 1960 werd uitgesloten van de Spelen in Rome. Het maakte waarschijnlijk allemaal ook niet meer uit, want zijn wrok tegen leden van het NOC was zo al groot genoeg.

Aan het eind van zijn betoog keek Geesink weer even naar mij met iets mildere blik. “OK, neem die foto dan maar.”

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je dat laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Meest recente boek: 'Door Wilskracht Zegevieren' over sport in de Tweede Wereldoorlog. Schreef ook boeken over - onder meer - Amsterdam 1928 en de Elfstedentocht, net als de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Al 25 jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.