Het Olympisch Stadion in Berlijn.
NieuwOlympische SpelenSport en politiekSteunfonds Freelance JournalistenZomerspelen

De Koreaan die Japanner moest zijn

De olympische marathon van Berlijn in 1936 werd gewonnen door een Japanner. Officieel dan, want Koreanen zien dat anders.

Het Olympisch Stadion in Berlijn.

Tussen 1910 en 1948 werd Korea bezet door Japan. De Japanners onderdrukten de lokale cultuur, Japans werd de voertaal en Koreaans mocht er niet worden gesproken. In dit bezette land werd Sohn Kee-chung op 29 augustus 1912 geboren in de stad Sinŭiju, dat ligt in het huidige Noord-Korea.

Sohn ontwikkelde zich als kind tot een waar loopwonder. Rennen tegen vriendjes was al snel te saai, dus werden er races georganiseerd tegen kinderen op de fiets. Ook zijn leraren begrepen al vroeg dat de jonge Koreaan over bijzondere talenten beschikte. Zij stuurden hem naar een Seoel naar een atletiekschool. Daar ontfermde wondertrainer Lee Sun-il zich over hem. Hi onderwierp hem aan een Spartaans traininsgregime, waarbij Sohn met zand in zijn broekzakken en bakstenen in een zak op zijn rug, eindeloze stukken moest rennen.

De aanpak bleek effectief. Sohn won op zijn zeventiende zijn eerste marathon. De jaren hierna, tussen 1933 en 1936, liep hij dertien marathons, waarvan hij er tien won. Hij verbeterde op 3 november 1935 het wereldrecord en bracht dit naar een tijd van 2:26.42 uur. Dit record hield tien jaar stand. Tijdens het lopen van wedstrijden ging Sohn overigens officieel door het leven als Son Kitei, de Japanse versie van zijn naam.

Japan en de marathon

Tijdens de olympische marathon van 1936 in Berlijn waren alle ogen op dit loopwonder gericht. De Japanners hadden er in Berlijn alle belang bij om de marathon te winnen, omdat in 1940 de Olympische Spelen in Tokio zouden zijn. De Duitse sporthistoricus Karl Lennartz schreef in 2004 in The Journal of Olympic History: ‘Als beoogd gastheer voor de Spelen van 1940 had Japan zich enorm ingespannen in de voorbereidingen voor Berlijn – met de marathon als belangrijk aandachtspunt vanwege de uitmuntende resultaten sinds 1930.’

Dat was nog zwak uitgedrukt, want de snelste zeven marathonlopers van 1935 waren allemaal Japanners. Zo werd op 9 augustus 1936 niets aan het toeval overgelaten. Alle Japanse atleten die niet aan de marathon meededen, werden op strategische plekken langs de route gezet, om hun landgenoten aan te moedigen. Ze waren niet de enige, want er stonden die dag maar liefst één miljoen toeschouwers langs de weg.

Olympisch eikje en een vlag

Na een spannende race kwam Sohn als eerste over de finishlijn, gevolgd door de Brit Ernie Harper en een andere Koreaanse-Japanner, Nam Sung-yong. Op het erepodium stonden de twee landgenoten met gebogen hoofd naar de puntjes van hun schoenen te staren. Een van houding van stille schaamte en woede, zoals later zelf omschreven.

Sohn hield op het ereschavot krampachtig een klein eikje – die kregen alle winnaars in Berlijn – tegen zijn borst gedrukt. Nam zei later dat hij op dat moment jaloers was op Sohn, niet vanwege de kleur van zijn medaille, maar omdat hij zelf geen eikje had om de Japanse vlag op zijn shirt mee te bedekken.

Later die dag organiseerden enkele Japanse atleten een feestje ter ere van de overwinning op de marathon. Maar Sohn en Nam waren niet aanwezig. In plaats daarvan vierden zij een eigen feestje in het huis van An Bong-geun, een voornaam lid van de Koreaanse nationale beweging. Naar eigen zeggen zag Sohn hier voor het eerst de oude Koreaanse vlag, verboden sinds de Japanse bezetting.

Japan of Korea?

De overwinning van Sohn bleef ook in bezet Korea niet onopgemerkt. Dagblad Dong-A-llbo uit Seoul, had een foto van winnaar Sohn geplaatst, maar daarbij de Japanse vlag weggeretoucheerd. Acht redacteuren werden meteen door de Japanners opgepakt, gemarteld en gevangengezet. De krant mocht negen maanden niet verschijnen.

Eind jaren zestig ontstond er een nieuwe rel toen Koreaanse politici ontdekten dat op de Wall of Fame in het Olympisch Stadion in Berlijn nog steeds de Japanse naam van de winnaar stond vermeld, dus Kitei Son. Daarachter stond ook nog eens Japan in plaats van Korea als geboorteland van de atleet.

De Koreanen eisten van het IOC dat de naam werd veranderd in Sohn Kee-chung en de landsnaam in Korea, maar het comité weigerde dit. In 1970 drong een Koreaanse politicus zelfs het Berlijnse stadion binnen om eigenhandig die veranderingen toe te passen, die snel daarna weer ongedaan werden gemaakt.

Nationale held

Sohn bleef zich ondertussen vooral met hardlopen bezighouden. Als trainer was hij behoorlijk succesvol. Zo won zijn leerling Hwang Young-jo in 1992 tijdens de Zomerspelen in Barcelona goud op…de marathon.

Het hoogtepunt uit zijn leven had hij waarschijnlijk vier jaar eerder beleefd. Tijdens de openingsceremonie van Zomerspelen in 1988 in Seoul droeg hij namelijk ten aanzien van 80.000 juichende toeschouwers de olympische fakkel het Olympisch Stadion in.

Sohn overleed in 2002 op negentigjarige leeftijd als een nationale held.

Dit artikel is mede mogelijk gemaakt door het Steunfonds Freelance Journalisten.

Micha Peters
Bedenker en beheerder van Sportgeschiedenis.nl. Journalist en (sport)historicus.