Olympische SpelenTennis

De twee olympiërs op de Titanic

In de nacht van 14 op 15 april 1912 zonk de RMS Titanic naar de bodem van de Atlantische Oceaan. Aan boord van de Titanic (het zusterschip van de Olympic) waren twee olympiërs. Beiden overleefden de ramp.

Door Jeroen Heijmans

De 21-jarige tennisser Dick Williams reisde samen met zijn vader van Zwitserland naar de Verenigde Staten, waar hij zijn studie aan Harvard wilde beginnen. Tijdens de ramp forceerde hij een deur om een medepassagier te verlossen. Een steward van de Titanic zei hem te zullen rapporteren vanwege het vernielen van bedrijfseigendommen – een gebeurtenis die de film Titanic haalde.

Williams wist uiteindelijk te overleven, maar zijn vader verdronk. In de VS voltooide hij zijn studie aan Harvard, en werd een tennistopper. Hij won de US Championships twee maal, haalde een dubbeltitel op Wimbledon en in 1924 won hij Olympisch goud in het gemengd dubbelspel, samen met Hazel Wightman.

Een andere passagier had zijn olympische carrière al achter de rug toen hij op de Titanic aanmonsterde. Cosmo Duff-Gordon was in 1906 lid van de Britse ploeg die bij het degenschermen de zilveren medaille veroverde. Twee jaar later was hij bij de Spelen in Londen lid van het organisatiecomité van olympische schermwedstrijden.

Evenals Williams overleefde Duff-Gordon de scheepsramp, maar nadien kwam hij negatief in het nieuws. Er gingen geruchten dat hij bemanningsleden in de reddingsboot had betaald om niet terug te gaan om drenkelingen op te vissen. Na een onderzoek naar deze geruchten van de Britse Handelskamer, werd de rijke Schot echter onschuldig bevonden. Ook Duff-Gordon is te bewonderen in de film over de ramp uit 1997.

Advertentie

Bestel bij Bol.com