Home > Nieuw > Het grootste verraad van de sport: Ben Bril opgepakt door boksmaatje
NieuwOlympische SpelenVechtsporten

Het grootste verraad van de sport: Ben Bril opgepakt door boksmaatje

De Amsterdamse bokser Sam Olij had in 1928 de eer om de Nederlandse vlag te dragen tijdens de openingsceremonie van de Olympische Spelen in zijn eigen stad. Nog geen twintig jaar later werd hij ter dood veroordeeld wegens oorlogsmisdaden als Jodenjager. Zijn Joodse boksmaat Ben Bril was één van zijn slachtoffers. 

De Nederlandse boksploeg op de Olympische Spelen van 1928 in Amsterdam. Boven, van links naar rechts: instructeur Ploeger, Jansma (trainer), Steenhorst (trainer), Miljon, Blommers, Olij. Onder, vlnr: burgemeester Kolfschoten, Van Klaveren, Baan, Bril

In Amsterdam is op maandag 15 oktober de twaalfde Ben Bril Memorial, vernoemd naar een legendarische Amsterdamse bokser, die ook als scheidsrechter internationaal aanzien had. Samen met Sam Olij bokste Bril in de jaren dertig bij Olympia in Amsterdam. Gezamenlijk kwamen ze uit voor het nationale amateurteam en vertegenwoordigden ze Nederland op de Olympische Spelen in het eigen Amsterdam. Tijdens hun gezamenlijke trainingen deelde Bril de lekkerste broodjes uit, als eigenaar van een broodjeswinkel in Amsterdam. In de loop der jaren voegde Jan Olij zich bij dit gezelschap, zoon van Sam en ook een hele goede bokser. Net als zijn vader was hij politieagent.

Op 4 maart 1940 kwamen beide boksers voor de laatste keer uit op een evenement dat de kranten haalde. Twee maanden later koos boksfamilie Olij de kant van de Duitsers. Het ene moment deelden ze hun leven met Joden, het andere moment maakten ze jacht op Joden. Sam Olij werd zelfs één van de meest beruchte Jodenjagers.

Afscheid van de bokssport

Ben Bril was op 31 maart 1940 al gestopt als actief bokser. “Dames en heren”, zei hij tegen een verbaasd publiek, “met deze wedstrijd neem ik afscheid van de bokssport.” Hij voelde aankomen dat het niet lang meer zou duren voordat zijn Joodse familie geen plaats meer mocht nemen op de eerste rij bij zijn wedstrijden.

Bril kreeg gelijk, want in 1942 werd hij samen met zijn vrouw Celia en zoon Albert gearresteerd – nota bene door Jan Olij. “Plicht is plicht,” zei zoon Olij en zette het pistool op het hoofd van Albert. Sam Olij was daarna één van de bewakers van Bril. “Plicht is plicht,” zei vader Olij en schold Bril nog eens goed uit.

Dit gedrag van vader en zoon Olij is de ergste vorm van verraad uit de Nederlandse sport. Via kamp Vught en Westerbork belandde Bril met zijn gezin in Bergen-Belsen, waar ze levend uitkwamen – in tegenstelling tot 182 andere familieleden van Bril die wél in de oorlog werden vermoord.

De familie Olij werd meteen na de bevrijding opgepakt. ‘De door iederen Amsterdammer gehate fascistische politieagent en mensenjager Sam Olij is met zijn zoon in een café in Landsmeer gegrepen,’ schreef De Waarheidop 17 mei 1945. “Ik had niet het flauwste begrip van wat er gebeuren zou,” verklaarde Sam Olij tijdens zijn proces over het lot van de Joden, die door hem werden opgepakt. Hij kreeg de doodstraf, alhoewel die werd omgezet in een celstraf van uiteindelijk negen jaar. Tot verbijstering van nabestaanden dook hij meteen na vrijlating weer op bij een bokswedstrijd in Landsmeer. “Hoe is dit mogelijk?”, vroeg een ooggetuige zich af in Het Parool.

Jan was inmiddels al ontsnapt en gevlucht naar Argentinië waar hij in 1988 werd opgespoord door Bart Middelburg van Het Parool. Ben Bril en zijn zoon hebben Sam Olij nog één keer gezien tijdens een zeiltocht op de Loosdrechtse Plassen, zo schreef Ed van Opzeeland in de biografie van Bril. Het was enkele weken na de vrijlating van de oorlogsmisdadiger. “Daar vaart de man die al je ooms heeft vermoord,” zei Bril tegen Albert, waarna een woeste achtervolging werd ingezet. Olij ontsnapte – wederom. “Anders hadden we hem verzopen,” zei Bril. “Slecht voor de waterkwaliteit ongetwijfeld, maar dat was mij het wel waard geweest.”

Scheidsrechter

Bril, in zijn eigen loopbaan tienvoudig nationale kampioen weltergewicht, werd in 1947 scheidsrechter en maakte naam als ‘s werelds beste arbiter. Als speler maakte hij één keer de Olympische Spelen mee en als scheidsrechter drie. Een onverbeterlijke idealist, arrogant, technisch hoogbegaafd, rechtvaardig- iedereen wist wel iets over hem te zeggen. “Het is gewoon allemaal een kwestie van mentaliteit, van zelfbeheersing,” zei Bril zelf.

Zelfs in wedstrijden met Duitsers bleef hij onpartijdig, ondanks de oorlog. “Als scheidsrechter ben je neutraal. De beste moet winnen, zonder aanzien des persoons. Of een bokser wereldkampioen of Olympisch kampioen was, maakte me niets uit. Als er iemand een hekel heeft aan moffen, dan ben ik het, maar dat heb ik als scheidsrechter nooit laten merken.”

Bril is in 2003 overleden.

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.