SchaatsenWinterspelen

16 februari 2002: Gerard van Velde wint goud op de klapschaats

Op de Olympische Winterspelen van 2002 had Gerard van Velde precies duizend meter nodig om af te rekenen met de hatelijke bijnaam Gerard van Vierde. Met een nieuw wereldrecord en olympisch record versloeg hij Jan Bos en Erben Wennemars, die eindigden op respectievelijk de tweede en vijfde plaats.

Diezelfde Bos en Wennemars hadden Van Velde twee jaar daarvoor nog streng geadviseerd om te stoppen met topsport, omdat het toch niets zou worden met de klapschaats. Winnen is altijd al leuk, maar voor Van Velde al helemaal.

Op de persconferentie na afloop van de gouden race was Bos dan weer wel zo sportief om de Amerikaanse journalisten te vertellen over het moeilijke sportieve verleden van Van Velde. Altijd tegenslag, altijd een fractie van een fractie verwijderd van eremetaal. Ophouden, terugkeren, en in 2000 dus zelfs het advies van Wennemars en Bos om er maar helemaal mee op te houden. “Je maakt jezelf belachelijk, Gerard,” aldus zijn schaatsende collega’s.

Uit de ploeg

Van Velde gebruikte die persconferentie ook zelf om nog één keer zijn schaatscarrière samen tot vatten. Op de Winterspelen van 1992, dus precies tien jaar eerder, eindigde hij als vierde op de 1000 meter met een minimale achterstand op het erepodium. Om in 1996 de definitieve aansluiting met de wereldtop te vinden, werd speciaal op zijn verzoek de Amerikaanse coach Peter Mueller naar Nederland gehaald. Net in die jaren was de doorbraak van de klapschaats, waarmee Van Velde absoluut niet overweg kon. Van alle Nederlandse schaatsers leek hij degene te zijn, die de meeste moeite had om mee te gaan met de nieuwste ontwikkelingen. Mueller richtte zich daarom vooral op Wennemars en Bos, de talenten van de toekomst, en gooide van Van Velde in 1998 zelfs helemaal uit de ploeg.

Ik wilde dat mijn laatste olympische optreden een goeie race zou zijn. Een race waardoor je in je latere leven met een tevreden gevoel kunt terugkijken.

Een ramp komt nooit alleen, want in diezelfde tijd werd bij de toenmalige vriendin van Van Velde een hersentumor geconstateerd, waardoor hij besloot te stoppen met topsport. Na lang aandringen van Rintje Ritsma, Martin Hersman en Geert Kuiper hervond hij toch weer iets van zijn zelfvertrouwen en ging in 1999 voor de lol weer eens mee naar een trainingskamp in Inzell. Van Velde: “Een geintje.”

Daar besloot hij toch de draad weer op te pakken en omdat zijn rentree boven verwachting ging, werd hij bevestigd in zijn keuze. “Veel mensen vonden dat heel dom,” aldus Van Velde, die eindelijk de overstap naar de klapschaats had gemaakt. Zo slaagde hij erin zich te plaatsen voor de Winterspelen van 2002, waar de ellende van vooraf leek te beginnen met wéér een vierde plaats – nu op de 500 meter. Wéér Gerard van Vierde

Voortekenen

Er zijn mensen, die zeggen dat Van Velde nooit goud had gewonnen als hij bij die 500 meter wél een bronzen medaille had bemachtigd. Dat zou zijn innerlijk vuur hebben gedoofd, zijn laatste kans op succes. Zelf zei hij over de duizend meter: “Ik wilde dat mijn laatste olympische optreden een goeie race zou zijn. Een race waardoor je in je latere leven met een tevreden gevoel kunt terugkijken.”

De voortekenen waren in ieder geval al goed, zei zijn coach Geert Kuiper. Van Velde had op zijn kamer een briefje hangen met daarop een schema voor zijn duizend meter: 16,5 – 24,8 – 26,0 met een eindtijd van tussen 1.07,30 en 1.07,60. Kuiper: “Op dat moment wist ik dat hij de knop had omgezet.”

En het ging nóg sneller: 1.07,18. Toen moesten alle concurrenten nog komen en begon het lange wachten. Van Velde ontblootte zijn bovenlichaam en liep zenuwachtig rond. “Nee, dat was geen open sollicitatie om in de Playgirl te verschijnen. Ik had het gewoon verschrikkelijk benauwd.”

De bochten die ik neem / Verbrijzelen de tijd

Eén rit voor het einde kwamen de tranen, want nog steeds was zijn tijd niet verbeterd. Met twee rijders over had Van Velde tenslotte in ieder geval al brons – géén vierde! Een minuut later bleek het een gouden medaille te zijn. “Ik was heel geëmotioneerd, ik kon er met mijn hoofd niet bij. Iedere sporter droomt wel eens dat hij de tijdens de Olympische Spelen goud haalt, Maar als het dan daadwerkelijk zo ver is, is het heel onwaarschijnlijk.”

Van Velde keek na dit verhaal om zich heen op de persconferentie. “Well, that’s my story.” De Amerikaanse journalisten knikten eerbiedig toen Jan Bos dit beaamde: “That’s quite a story.”

Een gedicht

En dat vonden meer mensen, want Van Velde was opeens hot. Na alle moeilijke jaren liet hij zich hierin echter niet meeslepen: “Sport is voor het grootste gedeelte teleurstelling, zo ervaar ik het tenminste. Af en toe ben je in vorm, rijd je de sterren van de hemel. Maar dat is maar heel zelden. De volgende keer gaat het weer minder en dan ben je meteen weer ontevreden. Echt: als je niet goed kunt relativeren, is je als topsporter een kort leven beschoren.” Grote kampioenen weten als niemand anders wat het is om te verliezen.

Van Velde was dan weer wél onder de indruk van een gedicht, dat Jan Wolkers schreef na zijn olympische zege.

Ik zweef op kou
En sla de kille lucht
Als geesten van mij af
De bochten die ik neem
Verbrijzelen de tijd
En geven vleugels waar
Geen engel van durft dromen
De eindstreep krimpt van ongeloof
Daar sta ik half ontkleed
En zie de snelheid van mijn vlucht

Van Velde vond dit razend knap: “Mijnheer Wolkers verplaatst zich in mij. Hij geeft weer wat ik zie. Dat zo’n groot schrijver zich met mij bezighoudt, dat ik hem boei, is een groot compliment van mijnheer Wolkers.”

En in 2009 vertelde Van Velde tegen Andere Tijden Sport dat ook Pim Fortuyn onder de indruk was geraakt van zijn olympische titel. Meteen na zijn race stuurde de politicus een mail naar de schaatser met het voorstel om minister van sport te worden als de verkiezingen door de LPF waren gewonnen. Van Velde zag deze mail alleen pas na de dood van Fortuyn en heeft hier dus nooit op kunnen reageren. Dat vond hij wel jammer: “Ik had wel eens een gesprek met hem willen hebben.”

Advertentie

Bestel bij Bol.com

 

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.