SchaatsenWinterspelen

17 februari 1952: Nederland wint voor de eerste keer een medaille op de Winterspelen

Op 17 februari 1952 was Kees Broekman de eerste Nederlander met een medaille op de Olympische Winterspelen. Hij won zilver op de 5.000 meter. We hebben een ooggetuigenverslag vanuit de kleedkamer van Broekman.

‘Voor de eerste maal in de geschiedenis van de Olympische Winterspelen, welke dateert van 1924,’ zo blikte Het Nieuwsblad van het Noorden terug,’ heeft Nederland, zo buitengewoon bemoeilijkt in de beoefening van de wintersport door het gebrek aan ijs en sneeuw en bergen, een medaille veroverd.

Broekman keek op. Voor de eerste keer kwam er een glimlach op zijn gezicht. De strijd was gewonnen.

Een historisch ogenblik voor de Nederlandse sport in het algemeen had zich voltrokken in dat mistige koude Bislett-Stadion, dat door het enthousiasme van de 30.000 toeschouwers verwarmd werd en waarbij wij weer eens duidelijk hebben kunnen constateren hoe hartelijk de Nederlandse schaatsenrijders zich in de sympathie van het Noorse publiek mogen verheugen.

Nederland heeft op deze 5000 meter inderdaad ongekende successen behaald. Kees Broekman ging met een zilveren medaille terug, Anton Huiskes nestelde zich op de vierde plaats, Wim van der Voort op de vijfde en Egbert van ‘t Oever, als een der laatsten rijdend, wist zijn persoonlijk record aanzienlijk te verbeteren.’

Ook De Waarheid kon zijn geluk niet op: ‘Drie Nederlanders onder de eerste vijf, dat is een prestatie die laat zien welk een kracht Nederland is geworden in de schaatssport.’

Drie Nederlanders onder de eerste vijf, dat is een prestatie die laat zien welk een kracht Nederland is geworden in de schaatssport.

In de kleedkamer

De Leeuwarder Courant zat bij Broekman in de kleedkamer terwijl die de andere races afwachtte. ‘Tijdens de rit van zijn ernstigste concurrent voor de zilveren medaille, Sverre Haugli, zat Kees Broekman met een van spanning vertrokken gezicht in de kleedkamer. Hij luisterde naar de tijden, welke door de luidspreker tot hem kwamen.

Twee seconden voorsprong op Broekman, klonk de scherpe stem. Rondentijd 40 sec. Eén seconde voor Broekman. Rondentijd 40 seconden. Zelfde tijd als Broekman.

Ronde voor ronde was de spanning, op het gezicht van Broekman te lezen. De laatste ronde ging in. Nog waren de tijden dezelfde. In die 400 meter moest liet gebeuren.

Het gejuich van de tienduizenden toeschouwers klonk zwakjes door tot het kleedlokaal. ledereen was stil. Toen klonk het door de luidspreker: 8 min. 22.4 sec. voor Haugli.

Broekman keek op. Voor de eerste keer kwam er een glimlach op zijn gezicht. De strijd was gewonnen.

Het was een volkomen veranderde Broekman, die opstond. Hij zou het ere-podium betreden, naast Hjalmar Andersen. Jaren had hij hiervoor getraind, sober had hij geleefd. Het doel was eindelijk bereikt om voor de eerste maal voor zijn land een medaille bij de Winterspelen te behalen.

“Denk nu niet, dat liet zo gemakkelijk gegaan is. Het ijs was moeilijk. Hjallis had het me al gezegd. Je kon de streek niet voor honderd procent maken, zoals een week geleden te Hamar. En nog nooit heb ik zoveel moeite gehad met mijn ademhaling.”

Advertentie

Reserveer bij bol.com

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.