Schaatsen

De voorlopers van de ISU Wereldbeker schaatsen

Op 23 november is het exact dertig jaar geleden dat de eerste wedstrijden in de strijd om de ISU Wereldbeker langebaanschaatsen werden verreden. Eerdere pogingen om een dergelijk circuit op te zetten, waren geen lang leven beschoren.

Door Dirk Maas

De laatste jaren klinkt de roep om veranderingen in de schaatssport steeds luider. Rintje Ritsma hield in februari 2013 een pleidooi voor het inkorten van het schaatsseizoen. Wereldkampioenschappen zouden volgens hem exclusiever gemaakt moeten worden. Niet meer een WK allround en een WK afstanden in hetzelfde jaar, maar het ene jaar het allroundkampioenschap en het andere jaar de afstandskampioenschappen.

Kort na de Spelen in Sotsji kwam een brief van ISU-voorzitter Ottavio Cinquanta naar buiten waarin hij het langebaanschaatsen rigoureus op de schop wilde gooien. De Winterspelen zouden het vanaf 2018 zonder de 1000 meter, 5 kilometer vrouwen en 10km moeten doen. Ook het WK allround, WK sprint en EK allround zouden moeten worden afgeschaft.

In plaats daarvan zouden nieuwe onderdelen als een ‘vier continenten afstandenkampioenschap moeten komen. De Italiaan verdedigde zijn voorstellen door te wijzen op de afnemende interesse van sponsoren en publiek. Hervormingen zouden de beste manier zijn om de belangstelling weer aan te wakkeren.

Het laatste plan om wijzigingen in de schaatskalender aan te brengen, komt uit de koker van de Noorse schaatsbond. Als het aan de Noren ligt, worden de drie wereldkampioenschappen op de langebaan in de toekomst binnen tien dagen afgewerkt. De secretaris-generaal van de bond, Halvor Lauvstad, is ervan overtuigd dat op die manier het schaatsen aantrekkelijker zal worden voor het publiek, de media en sponsoren waardoor er meer inkomsten voor de sport aangeboord zullen worden.

De eerste organisatie voor professionele hardrijders op de schaats

Plannen om in te grijpen in de schaatskalender beperken zich niet tot deze eeuw. Begin jaren zeventig van de vorige eeuw zijn er geluiden te horen om het schaatsprogramma juist uit te breiden.

Het schaatsprogramma in de jaren zestig en begin jaren zeventig doet, in vergelijking met het huidige schaatsseizoen, karig aan. In november gaat, met de IJsselcup, het seizoen van start. De maand december staat in het teken van schaatsinterlands.

De eerste schaatswedstrijden van het nieuwe kalenderjaar worden begin januari in Oslo, tijdens de Nieuwjaarsraces, verreden. In dezelfde maand staan er twee allroundtoernooien op het programma: eerst de nationale kampioenschappen en daarna, eind januari, de Europese kampioenschappen. In februari komt de mondiale titelstrijd aan bod: midden februari het WK allround, een week later het WK sprint. Het schaatsseizoen wordt begin maart afgesloten met wedstrijden om de Gouden Schaats in Inzell.

Het geringe aantal wedstrijden stemt de schaatsers niet tot tevredenheid. Ard Schenk verwoordt, vlak voor de Olympische Spelen van 1972 in Sapporo, die onvrede kernachtig: ‘Wij allrounders trainen in feite acht tot negen maanden voor twee weekeinden’.

Hij is een vurig voorstander van een systeem dat toegepast wordt in de autosport: een reeks wedstrijden met een puntenwaardering, een Grand Prix maar dan voor de schaatssport. Schenk vindt in voormalig wereld- en Olympisch kampioen schaatsen Jonny Nilsson een geestverwant. Met landgenoten Tom Liden, Bengt Eriksson en de Amerikanen Edgar Neely en W.H. Moore Jr. staat hij in augustus 1972 aan de basis van de International Speed Skating League (ISSL): de eerste organisatie voor professionele hardrijders op de schaats.

De ISSL heeft twee afdelingen, één voor de sprinters en één voor de allrounders. Onder die allrounders bevinden zich, naast Schenk, onder andere Kees Verkerk, Jan Bols en Eddy Verheijen. De ISSL gaat niet overhaast van start. In het eerste jaar staan een EK- en WK-allround op het programma. Deze toernooien worden begin januari voorafgegaan door wedstrijden om de Wereldbeker. Het plan is om de wedstrijden om de Wereldbeker in het tweede jaar van de ISSL uit te breiden. De professionele bond denkt aan races in de Verenigde Staten, Finland en Japan.

Wedstrijden om Zilveren Schaats voor profschaatsers Den Haag, 6 en 37 Verheijen,…

Wedstrijden om de Zilveren Schaats voor profschaatsers in Den Haag op 24 februari 1973

ISSL verdwijnt, WISO komt

De eerste Wereldbeker , die in schaatscentrum De Uithof te Den Haag wordt gehouden, is een prooi voor Ard Schenk. Hij wint op 6 en 7 januari 1973 de 500 meter, 1500 meter en 5000 meter. Alleen op de 10 kilometer moet hij de winst laten aan Kees Verkerk.

Financieel gezien draait het gebeuren in de residentiestad uit op een fiasco. De ISSL rekent vooraf op 20.000 toeschouwers om quitte te spelen. Dat aantal wordt bij lange na niet gehaald. Het verlies loopt voor de ISSL in de tonnen.

De maanden daarna blijft de profbond weinig rampspoed bespaard. De schaatsers verwijten het ISSL-bestuur amateuristisch handelen omdat ze hun toernooien niet goed weten te verkopen. De tribunes bij ISSL-wedstrijden blijven grotendeels leeg. Bovendien komt het bestuur zijn financiële verplichtingen aan de schaatsers niet na. Eind juli 1973 barst de bom. Edgar Neely kan niet met het beloofde geld over de brug komen, de International Speed Skating League is failliet.

Een jaar na lancering lijkt het professionele schaatsavontuur alweer ten einde. In augustus dient er zich echter een nieuwe organisatie aan die de boedel van de ISSL wil overnemen. De World Ice Sport Organisation (WISO) wil via een andere opzet de profschaatssport nieuw leven inblazen.

De WISO wil voortaan schaatspakken voorzien van reclame-uitingen waardoor het voor potentiële sponsors aantrekkelijker moet worden om zich aan te melden. Daarnaast denkt de WISO aan reclame langs de baan en donaties van particulieren. Omdat het niet primair draait om het maken van winst heeft de WISO een stichting als rechtsvorm. Enkele dagen nadat verscheidene schaatsers, onder wie nogmaals Schenk en Verkerk en Bols, een profcontract tekenen, binden verschillende sponsoren zich aan de WISO. Andermaal vindt er een EK- en WK-allround professioneel schaatsen plaats. Het Wereldbekercircuit doet verschillende locaties aan, waaronder Den Haag, Eindhoven en Alkmaar.

Opnieuw blijkt dat het professionele schaatsen niet onder een gelukkig gesternte geboren is. De wedstrijden over twee dagen trekken amper duizend toeschouwers, reclameborden komen letterlijk en figuurlijk niet goed uit de verf en rijders trekken tijdens huldigingen op het erepodium trainingspakken met daarop een landennaam aan in plaats van een merkenpak van één van de sponsoren.

Net als bij de ISSL spelen kwesties over achterstallige betalingen de WISO parten. Het leidt ertoe dat Schenk en de West-Duitse sprinter Erhard Keller hun motivatie beginnen te verliezen en zich terugtrekken uit de World Ice Sport Organisation. Het lukt de organisatie niet de slotwedstrijden in maart rond te krijgen en in februari houdt de WISO op te bestaan. Wederom loopt een poging om een Wereldbekercyclus succesvol te organiseren op niets uit.

Eric Heiden (Verenigde Staten) zwaait naar het publiek tijdens het uitrijden na …

Eric Heiden tijdens de Uniekaas Trofee in Alkmaar op 25 februari 1979

Een officieuze Wereldbeker

Ondanks het ter ziele gaan van het profschaatsen is het enthousiasme om een serie wedstrijden om de Wereldbeker in te stellen onverminderd groot. Nu zijn het de nationale schaatsbonden, Nederland voorop, die bij de ISU aandringen op een reeks meerdaagse wedstrijden. In de zomer van 1978 wordt tijdens een informele bijeenkomst van afgevaardigden van de schaatsbonden van Nederland, West-Duitsland, Noorwegen, Zweden, Frankrijk en Italië besloten om in het seizoen 1978/1979 een serie van vier tweedaagse wedstrijden in het leven te roepen. Die races die in Oslo, Örebro, Alkmaar en Inzell worden gehouden tellen mee voor de Uniekaas International Speedskating Trophy, de officieuze Wereldbeker. De wedstrijdenreeks, bestaande uit drie grote vierkampen en één kleine vierkamp, is een proef. De afgevaardigden willen op het ISU-congres in 1980 een voorstel indienen om deze wedstrijden officieel te maken.

In tegenstelling tot de wedstrijdenreeks van de ISSL en WISO slaat deze cyclus van wedstrijden wel aan. De complete wereldtop doet aan iedere race mee en het publiek stroomt in groten getale toe. Eric Heiden geeft in de races om de Wereldbeker een voorproef van zijn dadendrang om op de Winterspelen van 1980 vijf keer goud te winnen. Hij wint nagenoeg alle races en hij verzekert zich daarmee van de eindzege in de Wereldbeker. De Nederlandse Kaasunie, naast sponsor van de KNSB-kernploegen ook geldschieter van de Wereldbeker, heeft plannen om het toernooi te verruimen en wil daarnaast het prijzengeld verhogen.

Een tweede jaargang van de Uniekaas International Speedskating Trophy vindt evenwel geen doorgang. De Amerikanen geven in het Olympische jaar voorkeur aan een voorbereiding in eigen land om in hun Lake Placid te kunnen schitteren. Naast het afzeggen door de Amerikanen hebben ook de Russen en de Noren hun twijfels over deelname.

Een en ander heeft tot gevolg dat de Kaasunie er geen brood meer in ziet om aan de Wereldbeker een vervolg te geven. De sponsor houdt de deur nog wel op een kier mocht de ISU in de zomer van 1980 besluiten aan de Wereldbeker een officiële status te verlenen. Maar de ISU verwerpt het Nederlandse voorstel om wedstrijden voor de Wereldbeker te houden en daarmee komt een langjarige reeks van tweedaagse wedstrijden maar niet van de grond.

ISU ziet het licht

Midden jaren tachtig verliest het schaatsen in Scandinavië aan populariteit. De paar toernooien die per jaar worden gehouden trekken nauwelijks nog publiek in landen als Zweden en Noorwegen. Gerhard Zimmermann, in mei 1984 gekozen tot voorzitter van de technische commissie van de ISU, onderkent dat de schaatskalender in zijn huidige vorm zijn beste tijd wel heeft gehad en zoekt naar nieuwe ideeën om de afnemende interesse in het schaatsen een halt toe te roepen.

De oud-schaatser legt zijn oor te luisteren bij zijn voormalige coach Rolf Thormoud Moum, lid van dezelfde commissie waarvan Zimmermann voorzitter is. De Noor heeft verschillende voorstellen over de toekomst van de schaatssport en legt die voor. Het uiteindelijke plan is per seizoen acht tot twaalf wedstrijden op verschillende banen te houden. Waar in de jaren zeventig nog in grote of kleine vierkampen om de prijzen gestreden werd, daar wordt voortaan aan bekers voor individuele afstanden gedacht.

Moum slaagt erin het conservatisme van de bestuursbonzen van de ISU te overwinnen en op 23 november 1985 gaan in Trondheim de eerste ISU Wereldbekerwedstrijden van start. Sommigen twijfelen aan de levensvatbaarheid van de zoveelste reeks wedstrijden. De scepsis ten spijt lukt het toch om van de Wereldbeker een volwaardig evenement te maken. De Wereldbeker is een vast onderdeel van de schaatskalender geworden. Zijn geestelijk vader is het helaas niet gegeven het dertigjarig jubileum mee te maken. Rolf Thormod Moum overlijdt, enkele dagen voor zijn 81e verjaardag, op 1 juni 2015.

 

Advertentie

Bestel bij Bol.com