NieuwSchaatsen

Duitse soldaten als toeschouwers bij de Elfstedentocht van 1941

Drie Elfstedentochten vonden plaats tijdens de Tweede Wereldoorlog, alhoewel Nederland bij de editie van 1940 nog niet was bezet. De Duitsers vonden het vreselijk interessant, maar reden niet mee. In samenwerking met het Friesch Dagblad.

Duitse soldaten in Harlingen kijken toe in 1941. Foto via de Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie

Vanwege de mobilisatie was die invloed toch al duidelijk merkbaar, onder meer door de deelname van ruim duizend soldaten van alle rangen, zo althans schatte de aanwezige verslaggever van Nieuwsblad van het Noorden. Dat hadden er nog meer kunnen zijn als de militaire autoriteiten daarvoor toestemming hadden gegeven, wat vaak niet gebeurde.

De gelukkige soldaten die wel mochten meedoen, werden in de nacht voor deze tocht opgevangen in een kazerne, desnoods in het hooi. Voor de snelste drie militairen in zowel de wedstrijd als de toertocht had sportbestuurder Karel Lotsy speciale medailles uitgeloofd.

Binnen de kazerne gold de militaire bevelstructuur, beschreef Het Leeuwarder Nieuwsblad: ‘Groepsgewijze wordt hun door den luitenant instructies gegeven hoe precies te handelen, zoo laat opstaan, zoo laat de poort uit, het witzijden lint met nummer en naam van het detachement om de linkerarm.’

Eenmaal buiten de poort bestond die hiërarchie niet meer, want op Elfstedenijs zijn er geen rangen en standen, óók niet in mobilisatietijd. Bij de inschrijfbalie stonden alle soldaten daarom dwars door elkaar heen te wachten – onderofficieren, luitenants en kapiteins. Er deden zelfs dienstplichtigen mee, zoals G.F.F. v.d. Steen. Hij had er een reis van negentien uur voor over om op tijd vanuit Sas van Gent te vertrekken om de start in Leeuwarden mee te maken, in normale omstandigheden nota bene zijn woonplaats.

Harlingen 1941

Een jaar later was er opnieuw een Elfstedentocht, maar zonder Nederlandse soldaten. Op 15 juli 1940 was de Nederlandse krijgsmacht namelijk opgeheven. De Duitsers waren ook zeer geïnteresseerd, maar die hadden natuurlijk geen soldaten die eventjes 200 kilometer op een dag konden afleggen.

Enkele vooraanstaande nazi’s hebben wel een groot deel van de wedstrijd vanuit de auto gevolgd. De Beauftragte van de Rijkscommissaris voor Friesland en een propagandaleider bezochten Bolsward, Workum, Hindeloopen, Stavoren, Sloten en Sneek. ‘De heeren waren verbaasd over de rijcapaciteiten der koploopers en genoten zeer,’ aldus de dagbladen in hun verslag. De Rijkscommissaris voor Friesland ging de volgende dag zelfs naar Franeker om winnaar Auke Adema persoonlijk te huldigen, nog steeds verbaasd over het gigantische doorzettingsvermogen om zo’n afstand schaatsend af te leggen.

Langs de route in Harlingen lagen barakken met Duitse soldaten. Op deze foto uit de collectie van de Koninklijke Landmacht zien we dat er een aantal buiten is gaan staan om te kijken naar de voorbijtrekkende Elfstedenschaatsers, ongetwijfeld net zo verbaasd als hun superieuren.

Om de Noord

In dat jaar werd trouwens Om de Noord gereden, ofwel met Dokkum als eerste stad na de start, in plaats van Sneek, zoals we nu gewend zijn. Harlingen lag in 1941 dus op de eerste helft van de route, vóór Bolsward.

Het zou de laatste keer zijn dat dit gebeurde, want door de grote drukte tijdens deze tocht op het ijs tussen Bartlehiem en Dokkum waren er zeer zware ongelukken. Terugkerende wedstrijdrijders vanuit Dokkum knalden in het donker tegen de toerrijders, die nog onderweg waren naar de eerste stempelpost. Sinds 1942 is de Elfstedentocht daarom altijd Om de Zuid, zelfs als er maar één zwemmer onderweg is.

Meer over sport in de Tweed Wereldoorlog in mijn boek Door Wilskracht Zegevieren, vanaf april te koop

Advertentie

Bestel bij Bol.com

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.