NieuwSchaatsen

Hemelvaartsdag 1935: NSB organiseert propaganda-Elfstedentocht

De NSB gebruikte in de jaren 30 de Elfstedentocht voor propaganda. Niet in de winter op het ijs, maar op Hemelvaartsdag op de autoweg. ‘Kameraden, reserveert reeds nu Hemelvaartsdag voor onzen elf-stedentocht.’

Foto via Wikipedia

Onze tijd is niet gezegend met veel Elfstedentochten. Dat was in de jaren veertig van de vorige eeuw wel anders met maar liefst vier edities, nog los van twee andere koude winters. Juist in de moeilijkste tijd uit onze moderne geschiedenis schaatste iederéén – van prinses Juliana tot leden van de NSB.

Enkele maanden vóór de Duitse inval pakte prinses Juliana haar schaatsen om voor het oog van de nationale pers een stukje te gaan schaatsen. Haar dochter prinses Beatrix mocht mee in een slee, goed ingepakt onder een warme deken. In diezelfde maanden oefenden Nederlandse soldaten in gevechtstenue in speciale schaatspatrouilles, wederom met de nationale pers erbij. ‘Het medevoeren van een lichten mitrailleur ondervindt geen bezwaren,’ zag de verslaggever van Het Algemeen Handelsblad. De boodschap was duidelijk: op het Nederlandse ijs is zowel ons koningshuis als ons leger paraat. Mooie propaganda, maar in de lente vielen de Duitsers gewoon ons land binnen.

Soldaten oefenen op het ijs. ANP Photo 1940 / Co Zeylemaker. Gelicenseerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken 4.0 Licentie.

Op 30 januari 1940 was er een Elfstedentocht onder vreselijke omstandigheden vanwege de zwaarste sneeuwstorm, die dat evenement tot dan toe had meegemaakt. Het was de laatste editie voordat Nederland bij de oorlog werd betrokken. De twee winters daarna werd de Elfstedentocht opnieuw gehouden – de enige keer met drie Elfstedenwinters op rij! Voor mijn boek 8070 Dagen. Wachten op de Elfstedentocht onderzocht ik hoe er in die tijd tegen dit Friese cultuurgoed werd aangekeken door de nationaalsocialisten, zowel de Nederlandse als de Duitse.

Propaganda in Friesland

In de jaren dertig organiseerde de Weerbaarheidsafdeling van de NSB twee rondritten langs de Friese elf steden – niet op de schaats maar met de auto en de motor. Op 30 mei 1935, Hemelvaartsdag, was er zo’n rondrit, die was aangekondigd in het partijblad Volk en Vaderland.

De partijleden werd beloofd dat ze die dag Friesland veel beter zouden leren kennen. ‘Wat is daarvoor beter geschikt dan het organiseeren van een elf-stedentocht — een tocht, die zoowel op het ijs als langs den weg een internationale vermaardheid geniet.’ Tegelijkertijd leende zo’n uitstapje zich uitstekend voor propaganda. ‘Kameraden, reserveert reeds nu Hemelvaartsdag voor onzen elf-stedentocht. Gij dient daarmee onze beweging en gij zult genieten van het schoone, dat een dergelijke tocht biedt.’

Volgens eigen zeggen van de partij reed die dag een stoet van honderd auto’s en bussen door Friesland, waarbij de plaatselijke autoriteiten zoveel mogelijk de boel frustreerde met onaangekondigde controles. Heel veel tijd voor propaganda kregen de NSB’ers daarom niet, maar ‘kameraden uit andere deelen van het land hebben op dezen dag een beeld gekregen, van hetgeen Friesland aan natuurschoon biedt’.

Een jaar later werd deze Elfstedenpropagandatocht herhaald, opnieuw op Hemelvaartsdag, met zo’n tachtig wagens. Partijleider Mussert was er ook bij en vuurde onderweg zijn achterban aan: ‘In een gloedvol betoog sprak hij voorts over onzen strijd; de oogen der aanwezige Friezen spraken een duidelijke taal toen Mussert hen in een vurige peroratie bezwoer, dat eenmaal de N.S.B.-vlag gansch het Friesche land zou overwapperen.’ Dit keer lukte het wel om alle elf steden aan te doen.

Die berühmte Elfstedentocht

De Nederlandse nationaalsocialisten waren dus gecharmeerd van de Elfstedentocht, ongeacht op welke manier die werd afgelegd. Hetzelfde gold voor de Duitse nazi’s, als we afgaan op de artikelen in de Deutsche Zeitung in den Niederlanden. Deze krant verscheen in ons land als spreekbuis van de bezettingsmacht van 5 juni 1940 tot en met 5 mei 1945. Via de digitale archieven bij Delpher.nl is die nu weer te raadplegen. Zo is te herleiden dat die krant al op 17 augustus 1940 voor de eerste keer schreef over die berühmte Elfstedentocht als het hoogtepunt van een Nederlandse schaatswinter.

Op 3 december 1940 schreef die Zeitung opnieuw over de Elfstedentocht, ‘ein eissportliches Ereignis, an dem ganz Holland mit Begeisterung teilnimmt’. De ijsmarathon werd omschreven als de strijd van de schaatser tegen de natuur, knokkend tegen de elementen. Dat de kopgroep van vijf rijders tijdens de tocht van 1940 besloot om van Dokkum tot en met de eindstreep samen te werken maakte een hele diepe indruk: ‘Weiter ging es durch eine unwirtliche Gegend, einander beschützend gegen den unbarmherzig heulenden Wind. Sie vergassen den Wettkampf, sie waren Kameraden geworden. Sie wurden auf der letzten Strecke stürmisch bejubelt und begrüsst. Das Publikum fühlte es, dass die Männer eine Schicksalsgemeinschaft eingegangen waren, dass sie die ungeheuer schweren Strapazen zusammengefügt hatten.

Zoals het hoort in een propagandablad werd hier alleen de waarheid wel het nodige geweld aangedaan. Die vijf schaatsers schonden namelijk op het laatst hun afspraak, dat bekend werd als het Pact van Dokkum. Vlak voor de finish kwam aan die zogenaamde kameraadschappelijkheid een ruw einde toen iedereen toch voor de eindzege ging, jagend op de eeuwige roem. Vanwege de chaos die hierdoor ontstond was onduidelijk wie er uiteindelijk als eerste was binnengekomen. Op advies van prins Bernhard, die toevallig net aanwezig was, werd besloten om alle vijf rijders te noteren als winnaar. Niks kameraden, zoals de Duitse krant schreef, maar één grote organisatorische chaos.

Hoe dan ook: weer tien dagen later volgde een nieuwe lofzang over de Elfstedentocht in dit dagblad, waarbij de schaatstocht werd neergezet als iets dat een veel groter doel diende. ‘Deze eenvoudige schaatsers uit het volk belichamen in hoge mate de taaiheid en de wilskracht van het Friese ras.’ Zo’n evenement kon daarom alleen maar worden toegejuicht en worden gestimuleerd, waarmee de Elfstedentocht door de bezetters was omarmd: ‘Möge es auch dieses Jahr wieder einen friesischen Elfstedentocht geben.’ Zolang de organisatie, de deelnemers en het publiek verder geen gedoe veroorzaakten stond de Duitse bezettingsmacht het toe om die te organiseren. Niet dat dit makkelijk ging, want onder meer door verduisteringen en vervoersproblemen kostte dit veel moeite. Desondanks stroomde Friesland zowel in 1941 als 1942 helemaal vol met rijders en toeschouwers.

Schaatsende NSB-ers

Tijdens de Elfstedentocht van 1942 deed zelfs een groep van twintig rijders mee van de Nationale Jeugdstorm, onderdeel van de NSB. Zoals die partij in de jaren dertig twee keer een Elfstedenpropagandatocht op de motor organiseerde, gebeurde dat in 1942 op het ijs zelf.

Ron Couwenhoven schreef in 2009 het boek Een eeuw Elfstedentocht. Berichten uit de schatkamer van het Eerste Friesche Schaatsmuseum. Hierin maakte hij een reconstructie van deze deelname als enige voorbeeld van nazipropaganda tijdens een Elfstedentocht zelf. Opvallend was dat al deze schaatsers jónger waren dan achttien jaar, de vereiste minimumleeftijd om mee te mogen doen. ‘Dat dat mogelijk was lijkt een tot op heden onbekende concessie van het Elfstedenbestuur aan de NSB en de Duitse nazi-bezetters,’ aldus Couwenhoven. ‘De leeftijdsgrens was immers altijd getrokken bij achttien jaar. Maar het was een tijd, waarin men voor de minste of geringste tegenwerking van de machthebbers opgepakt kon worden.’

Dertien jongeren van de Jeugdstorm haalden die dag de finish met de zestienjarige Paulus Tjallema uit Finkum als snelste. De gelijkgeschakelde pers schreef een paar zinnen over deze Tjallema: ‘Na in den vroegen morgen verschillende bezigheden op de boerderij van zijn vader te hebben verricht, is hij op de fiets naar Leeuwarden gekomen. Zonder zich eenige rust te gunnen reed hij daarna den tocht, en eerst in Dokkum, toen hij vernam, dat hij aan den kop lag van de Jeugdstormgroep rustte hij een half uur, om daarna frisch en monter de laatste etappe naar Leeuwarden af te leggen.’

Deze jonge schaatser kwam uit een hecht SS-gezin, blijkt uit een overlijdensadvertentie in het huisblad Storm van 5 december 1941. Broer Klaas was gesneuveld, bijna twintig jaar oud. ‘Met Mussert voor Volk en Vaderland tegen Bolsjewisme en Kapitalisme’. Andere familieleden, zo meldde de advertentie trots, vochten in die tijd met de Waffen SS in Rusland of voerden het beheer over geroofde Joodse bezittingen.

De ouders van Paulus Tjallema werden na de oorlog veroordeeld door een tribunaal, in beide gevallen met vier jaar cel, tien jaar ontzegging van stemrecht en een boete van tienduizend gulden. Daarbij werden ze verantwoordelijk gehouden voor de daden van hun drie zoons. Van de schaatser Paulus Tjallema is daarna niets meer vernomen, ook omdat er in oorlogstijd geen Elfstedentocht meer werd gereden.

Canadees ijs

Prinses Juliana zat tijdens die Elfstedentocht van 1942 allang in Canada, samen met de drie prinsesjes Beatrix, Irene en Margriet. Waar Beatrix in de mobilisatiewinter van 1940 nog met haar moeder op het Nederlandse ijs stond, betrad ze in haar laatste oorlogswinter het Canadese ijs. Net als in 1940 was dit een politiek signaal, zoals de verzetskrant Vrij Nederland op 27 januari 1945 schreef.

‘Een oceaan houdt ons nog steeds gescheiden van de kleine prinsesjes. Juist op hoogtijdagen als deze wordt dit gemis des te pijnlijker gevoeld. Wij gedenken in grote dankbaarheid, wat Canada doet voor ons, wat het deed voor haar, maar wij benijden in stilte dit land, want wij zien reikhalzend uit naar het ogenblik, dat zij voet zullen zetten op eigen vaderlandse bodem, dat zij kunnen schaatsen op Hollands vaarten, kunnen rijden op Hollands wegen, kunnen spelen in Hollands tuinen. Dan zullen de portretten, die nu in bijkans iedere woning de wanden tooien, ter hand worden genomen en met ontroering zullen we zeggen: Zij hadden het goed in het verre land, maar nu zijn ze thuis, in Nederland.’

En jawel! In de strenge winter van 1947 – de zésde van het decennium – schaatsten de drie oudste prinsesjes eindelijk weer op Nederlands ijs, opnieuw gadegeslagen door de nationale pers.

Een bewerkte versie van dit artikel stond in Geschiedenis Magazine.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je je waardering laten blijken door een kleine bijdrage te doen

Mijn gekozen waardering € -

Advertentie

Koop bij bol.com

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.