NieuwSchaatsen

Hongaarse vluchtelinge schreef sportgeschiedenis voor Nederland

Sarolta Benedict-Stieber was in 1956 de eerste Nederlandse vrouwelijke scheidsrechter op de Olympische Spelen. Na de Tweede Wereldoorlog was ze hier beland als vluchteling.

Sjoukje Dijkstra en mevrouw Benedict in 1964 naast elkaar, foto Harry Pot via het Nationaal Archief

Vluchtelingen spelen vaak een belangrijke rol in de sport. Waar ze in het ene land mee zijn begonnen, zetten ze dan elders voort. Ook in Nederland zijn er voorbeelden.

Zij vervult een functie liever voor 110 dan voor 80 procent

Amsterdam 1928

Sarolta Stieber werd in 1905 geboren in Polen, maar kwam een eeuw geleden namens Hongarije in actie bij verschillende sporten. “Als jong meisje,” zei ze op 28 januari 1961 in Tubantia, “ging ik ’s morgens om zes uur paardrijden, ik deed aan hockey, aan zwemmen en kunstrijden.”

Ze was in 1928 zelfs op de Olympische Spelen van Amsterdam, waar ze de halve finale in het zwemmen bereikte op de 100 meter vrije slag. Vanwege een blessure haalde ze het einde van die wedstrijd niet.

Kort daarna werd ze als eerste vrouw van haar land professor in de lichamelijke opvoeding, pas 21 jaar oud. Na afloop van alle wedstrijden, trainingen en wetenschappelijke onderzoeken had ze voldoende energie om ook nog eens met grote regelmaat tot diep in de nacht op de dansvloer te staan.

‘Zij doet niets half,’ vatte De Gooi- en Eemlander treffend samen op 8 januari 1964. ‘Zij vervult een functie liever voor 110 dan voor 80 procent.’

Tante Lotti

Stieber trouwde op 1 december 1928 met János Benedek, zevenvoudig atletiekkampioen van Hongarije. In 1924 was hij weliswaar aanwezig op de Olympische Spelen in Parijs, maar kwam daar niet in actie. Het stel kreeg twee zonen.

In 1948 ontvluchtte dit gezin het communistische regime van Hongarije, acht jaar vóór de Russische inval in dit land. Ze gingen naar Enschede, omdat familie in Nederland woonde, zo schreef Tubantia op 12 augustus 1952. ‘Haar man nam vier arbeiders uit Hongarije mee en begon hier met de heer Jannink een slijpsteenindustrie, een zelfde bedrijf als hij in Hongarije had.’

Eén van de weinige bezittingen die Benedict-Stieber vanuit Hongarije mee had kunnen nemen, was een gouden medaille. ‘Ze draagt de medaille thans aan een armband,’ aldus de Twentsche Courant op 27 november 1959. Alle andere eigendommen en prijzen, ook van haar man, waren afgepakt door het communistische regime.

In korte tijd leerde ze de Nederlandse taal, waarbij ze haar nieuwe land verkende met tientallen bezoeken van de Limburgse mijnen tot en met de Deltawerken. Al snel stond ze hier bekend als Mevrouw Benedict of Tante Lotti.

Nederlandse primeur

De KNSB wees Benedict-Stieber in 1956 aan als jurylid bij het kunstrijden op de Olympische Winterspelen in Cortina d’Ampezzo. Historisch, want daarmee was zij de eerste Nederlandse vrouwelijke scheidsrechter op de Olympische Spelen, al was ze hier niet geboren.

Vanwege die migratiegeschiedenis moest er wel wat extra papierwerk worden ingevuld. “Ik heb al in Hongarije gejureerd, maar ik moest in Nederland opnieuw aangemeld worden omdat ik een ander land vertegenwoordigde.”

Vier jaar later werd ze opnieuw naar de Winterspelen gestuurd. In haar hoedanigheid als jurylid maakte ze zo van heel nabij de opkomst van Sjoukje Dijkstra en Joan Haanappel mee, bij wie ze weer bekend stond als Tantje Lotje.

Benedict-Stieber is op 30 januari 1985 overleden in Enschede.

Waardeer deze site!

Onze content is gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je dat laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
https://sportgeschiedenis.nl
Specialist in sporterfgoed. Al dertig jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.