NieuwSchaatsen

Jaap Eden heeft al sinds 1893 het baanrecord van Paterswolde

Tijdens koude winters lagen er door heel Nederland tijdelijke ijsbanen, soms eenmalig. Als de dooi inviel, smolten deze sportlocaties onherroepelijk. De baanrecords zijn daarom nog steeds in handen van schaatslegendes als Kees Verkerk en Atje Keulen-Deelstra – zelfs van Jaap Eden van eind negentiende eeuw! Dit artikel lees je gratis, maar een donatie is welkom – onderaan deze pagina.

Jaap Eden met zijn prijzen, montagefoto

Het Nederlandse landschap ligt vol vergeten baanrecords. We wachten tenslotte al bijna 25 jaar op een langdurige winter met alles erop en eraan, zoals toertochten, wedstrijden op natuurijs en natúúrlijk de zestiende Elfstedentocht. Een complete generatie heeft zo’n winter nog nooit meegemaakt – behalve via geschiedenisboeken en saaie verhalen van hun oudere familieleden.

Topsport is nep

Schaatswedstrijden in de buitenlucht zijn volkomen anders dan in een overdekte hal met kunstijs. Ten eerste weet niemand vooraf wanneer die zullen plaatsvinden, waar we nu al weten dat het WK allround van 2023 ergens in maart in Heerenveen zal zijn – corona volente.

En dan is het ook absoluut niet vanzelfsprekend dat alle deelnemers aan een buitenevenement onder gelijkwaardige condities zullen rijden. Een onverwachte sneeuwbui of windvlaag kan de hele ranglijst op de kop gooien, waartegen geen officieel protest mogelijk is. Deze onvoorspelbaarheid in de buitenlucht is oneindig veel groter dan de schaatssport onder een dak, die plaatsvindt onder maximaal geconditioneerde omstandigheden. Schaatsen in de buitenlucht is als het echte leven, een strijd tegen de elementen. Topsport is nep en namaak, een nabootsing van een niet-bestaande realiteit.

Misschien wel het mooiste aan zo’n ouderwetsche schaatswinter was dat er overal wedstrijden waren op tijdelijke schaatsbanen, die verdwenen als de temperatuur weer steeg tot boven het vriespunt. Jeen van den Berg had in de naoorlogse decennia met zijn vrouw afgesproken dat alleen de trofeeën van de laatste winter in de huiskamer mochten staan, omdat er anders geen ruimte meer was om er ook nog een eettafel neer te zetten. In een langdurige schaatswinter reden de beste rijders namelijk bijna dagelijks tegen elkaar op al die tijdelijke banen en Van den Berg was zo’n beetje onverslaanbaar op alle afstanden tussen de 200 meter en de 200 kilometer.

Op die uitgezette banen op natuurijs werden natuurlijk ook baanrecords gereden, die in veel gevallen in 2021 nog steeds niet zijn verbeterd – simpelweg omdat daarna nooit meer een goede wedstrijdschaatser daar in actie is gekomen. Er is alleen niemand die al die records nog kent, want de banen zijn gesmolten en de herinneringen begraven. Een vergeten record op een vergeten ijsbaan is vluchtiger dan een leugentje op Twitter.

Wie weet bijvoorbeeld dat de legendarische Jaap Eden op 11 januari 1893 in Paterswolde de 5000 meter aflegde in een tijd van 9.16,8? Meer dan 125 jaar is dat nog steeds het heersende baanrecord! Gonne Donker, in 1937 de eerste Nederlandse vrouw op een WK allround, finishte op 24 januari 1940 in Aalsmeer op de 500 meter na 58,6 seconden. Ruim tachtig jaar later heeft nog steeds niemand in Aalsmeer dat sneller gedaan. En zo is Nederland bezaaid met vergeten records van de sportlegendes van heel vroeger.

Koek-en-zopie op een tijdelijke baan bij Amsterdam in de winter van 1917

Graft 1963

In al die vluchtigheid werd soms wel fundamentele sportgeschiedenis geschreven, zoals in het Noord-Hollandse Graft op 16 en 17 februari 1963. In de koudste winter sinds 1789 (zoek maar op) werden er door heel het land ijsbanen aangelegd, waarop wekenlang kon worden geschaatst op steeds dikker ijs. Er was in die winter zelfs een autorally over het bevroren IJsselmeer met een mobiel benzinestation van Shell op het ijs!

De piepjonge Kees Verkerk reed in die oneindige winter met zijn schaatsvrienden van ijsbaan naar ijsbaan en gooide na afloop van wéér een erepodium de prijzen in de achterbak van zijn auto. Vol enthousiasme meldde hij zich in Graft voor een unieke vierkamp op natuurijs: 500 meter, 1500 meter, 5000 meter en 10.000 meter. Alle Nederlandse toppers uit die tijd deden mee, maar ook zijn nog onbekende leeftijdgenoot Ard Schenk. Langs de route stonden honderden toeschouwers, die geen enkel probleem hadden met de snijdende kou.

De schaatsers zelf ook niet trouwens, die voor de tien kilometer toch 25 lange rondjes moesten maken door diezelfde kou. Voor Schenk was het zelfs zijn debuut op deze afstand, nota bene in zijn eerste directe duel ooit tegen Verkerk. Zijn natuurtalent werd meteen zichtbaar, want Schenk won met een tijd van 18.16 minuten, als vanzelfsprekend na ruim een halve eeuw nog steeds het heersende baanrecord. Verkerk won uiteindelijk het eindklassement.

De huldiging in Graft in 1963

Op deze baan in Graft begon zo het tijdperk van Ard & Keessie. En negen jaar na die eerste 10.000 meter van Schenk werd hij op diezelfde afstand olympisch kampioen – een directe lijn tussen een klassieke schaatswinter en olympische topsport.

Vanwege het actuele tekort aan ouderwetsche schaatswinters in onze tijd is deze wintercultuur voor mensen boven de veertig jaar alleen nog maar een herinnering en voor de jongere mensen een hinderlijk vast onderwerp bij praatprogramma’s in de maanden november tot en met februari. Toch zijn er nog overal om ons heen van die vergeten baanrecords, die werden verreden in gesmolten stadions – van Akkerwoude tot Achlum en Amstelveen. We moesten op die plekken maar eens een bord neerzetten met de naam van de recordhouder en de dag waarop die tijd werd gereden. Zodat we bij een eventuele volgende ouderwetsche schaatswinter weten welke records er zo snel mogelijk uit de boeken gereden moeten worden.

BAANRECORDS

  • 11 januari 1893: Jaap Eden, Paterswolde, 5000 m, 9.16.8
  • 26 januari 1914, Coen de Koning, Amstelveen, 3000 m, 6.19,9
  • 24 januari 1940: Gonne Donker, Aalsmeer, 500 m, 58,6
  • 9 februari 1956: Henk van der Grift, Nieuw Loosdrecht, 500 m, 50,6
  • 10 februari 1956: Jeen van den Berg, Beetgummermolen, 500 meter, 49,2
  • 29 december 1962: Kees Verkerk, Puttershoek, 1500 m, 2.25.9
  • 30 december 1969: Ans Schut, Gorredijk, 1.500 m, 2.54.0,
  • 1 januari 1970: Atje Keulen-Deelstra, Akkerwoude, 1500 m, 2.42.2
  • 19 januari 1980: Evert van Benthem, Nagele, 1500 m, 2.18,8

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je je waardering laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Meest recente boek: 'Door Wilskracht Zegevieren' over sport in de Tweede Wereldoorlog. Schreef ook boeken over - onder meer - Amsterdam 1928 en de Elfstedentocht, net als de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Al 25 jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.