HockeyNieuw

De banden tussen hockey en het Koningshuis

Tijdens het EK hockey hebben we elke dag een verhaal. Vandaag over de liefde van leden van het Koningshuis voor deze sport.

De opening van het WK hockey van 1973 in het Wagener Stadion. Prinses Beatrix geeft Nico Spits als aanvoerder van het Nederlandse team een hockeystick

Hockey is diplomatie.

Tijdens het staatsbezoek van de Argentijnse president aan Nederland in maart 2017 onthaalden koning Willem-Alexander en koningin Máxima hun gasten in de Beurs van Berlage. ‘De Koninklijke Nederlandse Hockey Bond en de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond tonen hoe beide sporten kunnen bijdragen aan samenwerking, kennisuitwisseling en sociale ontwikkeling,’ aldus de officiële aankondiging. ‘Tijdens een hockeyclinic voor jonge Argentijnse en Nederlandse hockeyspelers geven trainers demonstraties.’

De koning en de koningin zullen de hockeydemonstraties met interesse hebben gevolgd, want hun oudste dochter werd in 2010 lid van HGC in Wassenaar. Tijdens de Olympische Spelen van 2016 in Rio de Janeiro werd Willem-Alexander De Juichkoning genoemd, onder meer vanwege zijn betrokkenheid bij het hockey. Zijn moeder was in 1964 al net zo enthousiast in Tokio.

Hulde

Deze band tussen hockey en koningshuis gaat terug tot de inhuldiging van koningin Wilhelmina, toevallig in hetzelfde jaar als de oprichting van de Nederlandsche Hockey en Bandy Bond. Op 7 september 1898 bood de Nederlandse sport Wilhelmina een prachtig handgemaakt sportalbum aan, mede voorzien van de namen van de hockeyclubs uit Amsterdam, Den Haag, Haarlem, Velsen en Zwolle. Op 22 september 1898 was er op het Haagse landgoed Clingendaal een Sportbetooging voor de jonge koningin. In het defilé liepen enkele hockeyers mee, gewapend met hun stick. In het Hoofdcomité voor de aanbieding van een Hulde adres van de Nederlandsche sport aan Hare Majesteit de Koningin zaten drie hockeyers, onder wie Toon Abspoel van AH&BC.

In 1910 was er in Amsterdam opnieuw zo’n manifestatie tijdens een koninklijk bezoek, met Joop Wagener van AH&BC in het organisatiecomité. Vanaf het Frederik Hendrikplantsoen marcheerde een duizendtal jonge sporters naar het terrein achter het Rijksmuseum. ‘Het deed goed, dit kleine leger van kloeke jonge mannen en vrouwen te zien voorbijgaan,’ oordeelde Het Nieuws van den Dag. Vanuit de koningsloge keek Wilhelmina daarna naar verschillende sporten, waaronder tien minuten hockey tussen een team uit Amsterdam en een samengesteld elftal van de Hilversumsche Hockeyclub. ‘Ze vlogen over het veld, weerden zich met alle energie, spanden zich dubbel in nu de tijd, waarin zij hun bedrevenheid konden toonen.’

Amsterdam 1928

Op de Olympische Spelen in Amsterdam bezocht prins Hendrik de opening van het hockeytoernooi, wat blijkbaar zo goed beviel dat hij zich meteen aanmeldde om de finale tussen Nederland en Brits-Indië bij te wonen. Op het laatste moment moest hij afzeggen, ‘nu het aanvangsuur van den wedstrijd is vervroegd’, zoals De Maasbode schreef. De hockeywereld stelde die koninklijke aandacht op prijs, bleek tijdens het eerste van de Internationale Hockeybond in Amsterdam. In een telegram aan koningin Wilhelmina spraken de aanwezigen van ‘een betuiging van diepen eerbied tot Uwe Majesteit’.

In 1938 kreeg de Nederlandsche Hockeybond de koninklijke eretitel. Deze mededeling werd gedaan tijdens een feestelijke receptie in het Amsterdamse Krasnapolsky. ‘Er heerscht groote vreugde in hockeykringen,’ wist De Revue der Sporten. Of, zoals de bond het zelf zei: ‘Wij zijn dankbaar gestemd, dat in den naam van onzen bond als het ware blijvend tot uiting komt, hoe zeer we ons één gevoelen met H.M. de Koningin en de Koninklijke Familie.’

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je dat laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Meest recente boek: 'Door Wilskracht Zegevieren' over sport in de Tweede Wereldoorlog. Schreef ook boeken over - onder meer - Amsterdam 1928 en de Elfstedentocht, net als de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Al 25 jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.