HockeyNieuw

Nederlandse hockeyers speelden jarenlang met andere spelregels dan de rest van de wereld

Op 14 april 1925 was er een hockeywedstrijd met een Amsterdams team volgens de internationale spelregels. Dat klinkt niet bepaald opzienbarend, maar bijna honderd jaar geleden was dat een sportieve revolutie.

Foto via het Stadsarchief Amsterdam

Hockey was vóór 1928 een onbekende sport bij het grote publiek in ons land. Dat kwam vooral door de eigenaardige Nederlandse spelregels, waarbij er zonder slagcirkel werd gespeeld. Verder bestonden er mixed teams van mannen en vrouwen, net als bij het korfbal. En dan was er nog het materiaal: hockeysticks met twee platte kanten en een zachte oranje bal, bekend als de sinaasappel of de Scheurleer-bal.

Bij de oprichting van de Hockeybond in 1898 was er nog niets aan de hand, want in die tijd golden hier nog de internationale regels. Tien jaar later werd het wat ingewikkelder met zowel Nederlandse als internationale regels, waardoor er twéé varianten naast elkaar bestonden. In 1913 werd de oranje bal verplicht gesteld en was de strafcirkel afgeschaft. Géén internationale regels meer op Nederlandse hockeyvelden.

Het gevolg was dat het Nederlandse hockey in een internationaal isolement terecht kwam. Het is tenslotte voor een scheidsrechter aanzienlijk prettiger als de twee teams dezelfde spelregels gebruiken, Voor de Olympische Spelen van 1920 in Antwerpen sloeg de Hockeybond zelfs de uitnodiging af, omdat hier de internationale regels niet meer werden beheerst.

Amsterdam 1928

In aanloop naar de Spelen van 1928 groeide het verzet tegen dit isolement, want onder die omstandigheden kon Nederland niet eens meedoen aan het eigen olympische hockeytoernooi. De Hockeybond experimenteerde daarom op 14 april 1925 in het Amsterdamse Stadion met de internationale regels in een wedstrijd tussen Amsterdam en Nottingham. ‘Het Bondsbestuur is door het vertoonde internationale spel in zijn overtuiging gesterkt, dat deze speelwijze het hockeyspel tot veel hooger plan verheft en ongetwijfeld den weder-opbloei onzer sport zal bevorderen. Het Bondsbestuur wenscht dan ook de beoefening van het internationale spel voortgang te doen vinden.’

Nederland kon eindelijk aan internationale hockeytoernooien meedoen, en dus ook aan de Spelen in Amsterdam. De sportieve revolutie die daarop volgde is uniek, want vanuit een internationaal isolement stond ons land binnen drie jaar in een olympische hockeyfinale. Dat het ongenaakbare Brits-Indië die met gemak won, was bijzaak. Veel belangrijker was dat die finale door ongeveer 40.000 mensen werd bekeken – volgens De Haagsche Courant de best bezochte hockeywedstrijd ter wereld tot dan toe!

Hockey was uit zijn isolement geraakt, zowel internationaal als in Nederland zelf.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je dat laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Specialist in sporterfgoed. Schrijft mee aan het boek "Nooit meer Qatar" over de FIFA en mensenrechten, te verschijnen eind mei 2022. Al 25 jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.