Voetbal

3 april 1996: Ajax neemt afscheid van het Olympisch Stadion

Op 3 april 1996 verloor Ajax met 0-1 van Panathinaikos – de halve finale in de Champions League. Het was tevens het officiële afscheid van het Olympisch Stadion. Jari Litmanen en Youp van ’t Hek vonden dat helemaal niet erg.


Ajax speelde tot twintig jaar geleden zijn grote wedstrijden doorgaans in het Olympisch Stadion, omdat De Meer hiervoor ongeschikt was. Met de oplevering van de Amsterdam Arena in de zomer van 1996 kwam hieraan een einde.

De halve finale in de Champions League van het seizoen 1995/1996 was daarmee het afscheid van Ajax van het Olympisch Stadion. ‘Wat is er mooier dan om van het Olympisch Stadion afscheid te nemen met een prachtige wedstrijd tegen Panathinaikos,’ schreef Ajax-voorzitter Michael van Praag daarom in het programmaboekje. Zijn hoop vervloog echter tijdens de wedstrijd zelf, want de Grieken wonnen verrassend met 0-1 door een doelpunt in de slotfase.

De Grieken waren blij

Volgens coach Louis van Gaal was daarmee de kans op het bereiken van de finale heel klein geworden, want er waren maar weinig clubs die zich staande konden houden in de Atheense heksenketel. En toch is dat wat er gebeurde, want Ajax won met 0-3 en ging daarmee voor het tweede opeenvolgende jaar naar de finale van Champions League.

Kille betonbak

Ruim twintig jaar later hebben veel Ajax-supporters heimwee naar het Olympisch Stadion, maar dat zegt meer over hun gevoel over de Amsterdam Arena dan het Olympisch Stadion zelf. Het Ajax Magazine bijvoorbeeld schreef in april 1996 – de maand van het afscheid – over het kille Olympisch Stadion.

Jari Litmanen pinkte ook geen traantje weg in een gesprek met Simon Zwartkruis: “Het voetbal is heel snel veranderd. Ajax is een bedrijf geworden. Voor de club is de Arena het beste en daar gaat het om. En ik zal het eerlijk gezegd geen ramp vinden als we niet meer in het Olympisch Stadion hoeven te spelen. Het is toch niet zo leuk dat je, als Europees kampioen, na een grote wedstrijd onder de douche gaat en er komt maar één miezerig straaltje naar beneden, dat nog koud is ook.”

Zicht van de supporters in het Griekse vak, die overgens denken dat ze die dag in De Meer waren.

En zelfs Youp van ’t Hek was toen al helemaal klaar met het Olympisch Stadion. Op 8 november 1995 sprak hij met Het Parool over de sloop van dit stadion, die toen nog onafwendbaar leek. “Ik zie geen mogelijkheid het Olympisch Stadion te behouden”, was zijn conclusie. “Bepaalde dingen gaan gewoon voorbij, hoe erg dat ook is. Het stadion in zijn huidige vorm voldoet niet meer. Het is een monument en er is veel gebeurd. Maar dat is niet zaligmakend.”

Enkele jaren later had Van ’t Hek de volgende sketch:

Op 24 september 2014 speelde Ajax toch nog een keer een officiële wedstrijd in het Olympisch Stadion. Het ging om de bekerwedstrijd tegen de Amsterdamse amateurs van J.O.S. Het was een sportieve formaliteit, want Ajax won met 9-0.

Voor de aanwezige Ajacieden was het een feest van nostalgie om weer terug te zijn in het Olympisch Stadion. Dat de meeste supporters in 1996 blij waren dat ze deze plek hadden verlaten, wist toen niemand meer.

Advertentie

Bestel bij Bol.com

 

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.