NieuwVoetbal

De eerste bekerfinale van Ajax

Op 27 mei 1917 speelde Ajax voor de eerste keer de bekerfinale. In het Nederlandsche Sportpark – de voorganger van het Olympisch Stadion en kortweg het Stadion genoemd – werd met 5-0 gewonnen van VSV uit Velseroord.

Ajax, de bekerwinnaar van 1917

Ajax speelde toentertijd in de Tweede Klasse, maar dat was op een veel te laag niveau. Ondanks enkele opeenvolgende kampioenschappen hield de Voetbalbond promotie tegen, waardoor de Amsterdammers niet konden spelen in de Eerste Klasse. Ook in het voorgaande seizoen was de club oppermachtig in zijn klasse, maar de bond beriep zich op organisatorische moeilijkheden vanwege de oorlog. Daarbuiten begreep eigenlijk niemand waarom die promotie werd tegengehouden, alhoewel er nog geen besluit was genomen over het nieuwe seizoen. Ajax behoorde in 1917 tot de besten van het land, maar kreeg geen kans om dat te bewijzen.

In de bekercompetitie stootte de club door naar de finale. In de voorspellingen werd rekening gehouden met de winst van de Amsterdammers. ‘Ajax treedt in ‘t veld tegen den 3e klasser V. S. V. uit Velseroord,’ blikte De Provinciale Drentsche en Asser Courant vooruit. ‘Die 3e klassers hebben ‘t ver gebracht! Dat zij echter ‘t groote Ajax zullen slaan is niet aan te nemen.’

En zo ging het inderdaad, tekende Het Algemeen Handelsblad op: ‘Deze in het Stadion gespeelde eindwedstrijd is natuurlijk in het voordeel van de Amsterdammers geëindigd. Wel hebben de Velseroorders een goeden indruk gemaakt, maar tegen ‘t technisch betere spel van Ajax konden ze natuurlijk niet op. In de eerste helft tegen wind in spelende naderden ze, soms zeer gevaarlijk het Ajax-doel, terwijl het hun gelukte gedurende een half uur de score blank te houden. De rust kwam ten slotte met een 2–0 voorsprong voor de Amsterdammers. Na de rust vlotte ‘t samenspel van Ajax beter, wat uitgedrukt werd door een drietal doelpunten, aldus een 5-0 overwinning behalende. De cijfers zijn echter eenigszins geflatteerd, daar enkele scheidsrechterlijke beslissingen zeer in het nadeel van V. S. V. waren.’

De prijsuitreiking, nog zónder badjassen voor de finalisten, vond meteen daarna plaats. De moeilijke verhouding tussen club en bond bleef ook daar niet onbesproken. C.A.W. Hirschmann overhandigde de prijs namens de bond aan Ajax-aanvoerder Pelser. ‘Spreker wenschte aanvoerder Pelser geluk met het fraaie seizoen, dat zijn elftal achter zich heeft, en wees er met nadruk op, dat er van eenige tegenwerking van het bondsbestuur ten opzichte van Ajax, zooals wel eens beweerd wordt, geen sprake is. Tijdens deze speech werd door verschillende aanwezigen luid geïnterrumpeerd.’ In reactie daarop zei Ajax-voorzitter Egeman dat hij niet opnieuw wilde dat de bond promotie van zijn club blokkeerde. Kortom: de sfeer was gespannen.

Ajax benoemde daarom nog een comité om in eigen kring de huldiging te vieren en dat zou op 10 juni gebeuren. ‘Er zal een voetbalwedstrijd aan verbonden worden.’ Hiervoor kwam Be Quick uit Groningen op bezoek, de kampioen van Noord-Nederland. Onder tropische omstandigheden verloren de bezoekers met 4-1.

Duizenden toeschouwers waren hierop afgekomen; honderden belangstellenden werden weggestuurd omdat er geen plek meer over was. Tijdens de huldiging werd een groot aantal kransen uitgedeeld, waren er fanfares en natuurlijk veel gewichtige toespraken. Ajax kreeg de kampioensvlag 1916 – 1917 overhandigd en alle spelers en coach Jack Reynolds kregen zilveren sigarettenkokers met inscripties en initialen. ‘Het was een mooie dag van de Ajaciden’, vond De Tijd.

Het jaar erna speelde Ajax eindelijk weer in de Eerste Klasse. Het werd meteen kampioen van Nederland, dus geheel onterecht was dat besluit van de bond niet.

Advertentie

Reserveer bij bol.com

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.