Voetbal

Haagse voetballers spelen voor Joodse vluchtelingen

In de nacht van 9 op 10 november 1938 vond in Duitsland de Kristallnacht plaats. In heel het land waren pogroms, waarna een groot aantal Joden op de vlucht sloeg. Daarom werd later die maand in Den Haag een wedstrijd gespeeld tussen een stedelijk team en een elftal van Joodse voetballers.

Op 27 november meldde Het Vaderland dat de voetbalwereld graag iets wilde doen voor de Joodse vluchtelingen, die naar ons land waren gekomen. V.U.C. leverde het veld en bijhorende lichtinstallatie en de Haagse Voetbalbond zegde toe een sterk team samen te stellen.

Hieronder het verslag van de wedstrijd uit Het Vaderland:

‘Ten bate van het Comité voor de Joodsche vluchtelingen werd gisteravond op het V.U.C.-terrein een wedstrijd gespeeld tusschen een Haagsen K.N.V.B.-elftal en een elftal van Joodsche K.N.V.B. spelers. Het Haagsche elftal kwam zeer verzwakt in het veld, ook al door het ontbreken van de H.B.S.’ers die opgesteld waren. De belangstelling was maar zeer matig: naar schatting waren er een kleine 2000 menschen.

De wegblijvers hebben ongelijk gehad, want het is een vrij aardige, snelle wedstrijd geworden, waarin het spel nu wel niet op een hoog peil stond, maar waarin zoo nu en dan toch aardig voetbal te zien gegeven werd.

De Joodsche spelers blonken uit door hun enthousiasme, waardoor ze meestentijds de betere techniek en tactiek der Hagenaars de baas waren. Daar kwam nog bij, dat hun doelman M. Cohen in werkelijk grootschen vorm was, waardoor hij er een ongeloofelijk aantal zeer gevaarlijke ballen heeft uitgehouden.

Hoewel de Hagenaars in het veld iets domineerden, waren de Joodsche aanvallen toch uiterst gevaarlijk. Dat bleek na 24 minuten, toen de gasten de leiding namen uit een hard schot van Koppens, dat door Dorjee iets van richting werd veranderd (0—1). Met dezen stand kwam de rust.

Na de hervatting bleek echter, dat het tempo in de eerste helft voor de Joodsche spelers iets te hoog was geweest, maar de Hagenaars kregen nu een groot overwicht. Reeds na 10 minuten lag de gelijkmaker in het net, een fraaie doelpunt van v. d. Beukel (1—1).

Behoudens enkele gevaarlijke aanvallen van de Joodsche ploeg, bleef Den Haag ook na den gelijkmaker in den aanval, maar erg aantrekkelijk was de wedstrijd daarna niet meer. Het binnentrio van Den Haag was hopeloos uit vorm en miste tal van kansen. Bovendien was ook nu Cohen ongenaakbaar, zoodat het einde kwam met een 1-1 gelijkspel.’

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.