NieuwVoetbal

Heeft Garrincha ‘Het voetbalboek voor de jeugd’ van Hans Molenaar gelezen?

Het is een erecode in het voetbal om een bal buiten de lijnen te schieten als een tegenstander een blessure oploopt. Het is voor de tegenstander dan ook weer een erecode om bij de spelhervatting die bal terug te geven. Maar waar komt dit gebruik vandaan?

Garrincha op het WK van 1962. Via Pressens Bild / Wikipedia

Het officiële begin van dit gebruik is van  27 maart 1960 in Brazilië. Op die dag speelde de legendarische  Garrincha met Botafogo tegen Fluminense. Opeens ontving hij de bal van zijn tegenstander Pinheiro, die daarbij een spier verrekte. Alhoewel Garrincha vrij op de doellijn stond, zag hij zijn tegenstander gevloerd op de mat liggen en schoot daarop de bal over de zijlijn voor een blessurebehandeling.

Tijdens de ingooi die daarop volgde, gooide Altair van Fluminense de bal terug naar de tegenstander, omdat hij zich realiseerde dat die ingooi onverdiend was. De toeschouwers wreven zich de ogen uit, maar nadat ze begrepen wat er was gebeurd, werd een massaal applaus geheven. Een nieuw sportief gebruik was zomaar in het voetbal beland.

Een voetbalboek uit 1950

Toch bestaan er al ouder voorbeelden, nota bene in het Nederlandse boek Voetbal. Het voetbalboek voor de jeugd, dat Hans Molenaar in 1950 schreef. Daarin werd voor de jongste spelertjes de geschiedenis en de regels van de sport beschreven. ‘Bovendien laten twee van jullie voetbalkameraadjes, Henk en Johnny, op foto’s zien hoe je trappen en koppen etc. moet.’

Op pagina 118 staat: ‘Het gebeurt wel eens dat een speler op het veld gewond ligt zonder dat de scheidsrechter het opmerkt. Speel in dergelijke gevallen niet door, maar maak het spel dood door de bal over de zijlijn te schoppen. Ook al moet je daardoor een zeer gunstige positie prijsgeven. Het is een staaltje van sportieve plicht!

Gebeurt het aldus dat een van je tegenstanders de bal over de zijlijn heeft getrapt, omdat hij een van jouw elftalgenootjes gewond op het veld zag liggen, zodat een van je medespelers de bal moet ingooien en dit ingooien wordt aan jou opgedragen, maak dan geen gebruik van het voordeel dat je door een sportieve tegenstander kreeg, maar gooi de bal naar de tegenpartij.’

Zo blijven we achter met één vraag: heeft Garrincha dit boek gelezen voordat hij in 1960 voetbalgeschiedenis schreef?

Advertentie

Bestel bij Bol.com

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.