Home > Sport en politiek > De politieke geschiedenis van voetballand Kroatië
Sport en politiekVoetbal

De politieke geschiedenis van voetballand Kroatië

In 1998 deed Kroatië als piepjong land voor de eerste keer mee aan het WK voetbal. Nu staat het in de finale als het meest succesvolle voetballand, dat is ontstaan na het einde van het communisme. 

Foto via Wikipedia

De Bosatlas van het Nederlandse voetbal maakt de intree van Kroatië in het wereldvoetbal zichtbaar. Hierin staat namelijk een kaart over de groei van de FIFA vanaf de oprichting in 1904.

De FIFA is in meer dan honderd jaar gegroeid van zeven landen naar 211 – méér dan er bij de Verenigde Naties zijn aangesloten! Deze ontwikkeling is een spiegel van de moderne wereldgeschiedenis, want mondiale sociale, maatschappelijke en politieke golfbewegingen hebben altijd een directe invloed op de ontwikkeling van het voetbal – zo ook de komst van Kroatië zo’n 25 jaar geleden.

Tot aan de Eerste Wereldoorlog kreeg de FIFA bijna jaarlijks nieuwe leden, maar dat ging nog niet heel erg hard. Deze tijdlijn in de Bosatlas van het Nederlandse voetbal laat dat goed zien.

Na de Eerste Wereldoorlog veranderde er iets fundamenteels, want toen sloot het meerendeel van het Zuid-Amerikaanse continent zich aan bij de FIFA, samen met Japan en China. Een land als Japan was in diezelfde tijd tevens een snel opkomende politieke macht, wat in de sport meteen zichtbaar werd. Niet toevallig won Japan zijn eerste gouden olympische medaille in 1928 in Amsterdam, tevens als eerste van het complete Aziatische continent.

Na de Tweede Wereldoorlog volgde de groei van de FIFA de dekolonisatie in Azië en Afrika. Behalve de politieke onafhankelijkheid zochten die landen zo ook op sportief gebied aansluiting bij de wereldgemeenschap – óók via het IOC.

De laatste expansiegolf van de FIFA was eind vorige eeuw als direct resultaat van het uiteenvallen van de Sovjet-Unie en Joegoslavië. Het is ook de tijd waarin Kroatië zich aansloot bij de FIFA nadat het zich losmaakte van Joegoslavië.

Daarmee is de introductie van Kroatië op het internationale voetbaltoneel een duidelijk product van zijn tijd, gekenmerkt als het einde van de Koude Oorlog en de opkomst van nieuwe staten, die daarvoor nog onderdeel waren van de Sovjet-Unie en Joegoslavië. Bij het IOC was dit begin jaren 90 eveneens duidelijk zichtbaar met tientallen nieuwe landen die opeens mee wilden doen aan de Olympische Spelen.

Politiek voetbalgeweld

Het einde van Joegoslavië diende zich al vroeg aan in de sport, onder meer bij het voetbal. Op 13 mei 1990 eindige een competitiekraker in Zagreb in een slagveld. Het plaatselijke Dinamo speelde toen als leidende Kroatische club tegen Rode Ster Belgrado, het boegbeeld van de Serviërs. Een week eerder waren er voor het eerst vrije verkiezingen geweest, waarbij in Kroatië Tudjman verkozen was,  voorvechter van de Kroatische onafhankelijkheid. Het voetbalduel kwam hierdoor onder grote politieke spanning te staan.

De harde kern van Rode Ster was daarom meegereisd met hun club en riepen in de hoofdstad van Kroatië leuzen als ‘Zagreb is Servië’ en ‘Dood aan Tudjman’. Ondertussen sloopten ze het stadion en vielen ze Kroatische supporters aan. De Joegoslavische politie liet de aanhangers van Rode Ster hun gang gaan, maar trad wel hard op tegen de fans van Dinamo. Bij deze gevechten vielen ruim 150 gewonden. Honderden mensen werden gearresteerd.

Op 3 juni speelde Joegoslavië in hetzelfde stadion een oefenwedstrijd tegen Nederland. De Kroatische supporters floten massaal door het Joegoslavische volkslied heen en keerden zich tegen het nationale team van Joegoslavië.

Op het voetbalveld was Joegoslavië dus al uit elkaar gevallen voordat dit was gebeurd op politiek niveau. Zo is het ook in de Sovjet-Unie gegaan, die op 25 december 1991 definitief werd opgeheven, waarna de vijftien verschillende deelrepublieken onafhankelijk van elkaar werden. Het Olympisch Comité echter was jaren eerder al uit elkaar gevallen, met de Baltische staten voorop. Die waren allemaal allang voor zichzelf begonnen met eigen nationale teams.

Maar liefst twaalf van de vijftien Sovjet-deelrepublieken had een eigen Olympisch Comité vóór het officiële einde van de Sovjet-Unie! Kijk maar:

Letland: 17 september 1988
Litouwen: 10 oktober 1988
Estland: 14 januari 1989
Georgië: 6 oktober 1989
Kazachstan: 3 februari 1990
Turkmenistan: 20 april 1990
Armenië: 24 oktober 1990
Oekraïne: 22 december 1990
Moldavië: 29 januari 1991
Kirgizië: 15 februari 1991
Wit-Rusland: 22 maart 1991
Rusland: 20 december 1991
EINDE SOVJET-UNIE 25 DECEMBER 1991
Azerbeidzjan: 14 januari 1992
Oezbekistan: 21 januari 1992
Tadzjikistan: 29 mei 1992

Politieke analysatoren doen er daarom goed aan om de interne sportieve verhoudingen van een land goed in de gaten te houden. Het zegt alles over wat er in de jaren erna kan gaan gebeuren.

Voetbalburgeroorlog

Joegoslavië viel begin jaren negentig tijdens een verschrikkelijke burgeroorlog uit elkaar in verschillende landen. In de zomer van 1991 stapten 26 Sloveense sporters op uit de Joegoslavische ploeg, die deelnam aan de Spelen van de Middellandse Zee – een regionale variant van de Olympische Spelen. De boycot volgde na een oproep van hun eigen regering.

Nog in diezelfde zomer trok Kroatië zich terug uit het Joegoslavisch Olympisch Comité en de andere federale sportbonden. De blik werd gericht op de Olympische Spelen van 1992, zowel de Winterspelen in Albertville als de Zomerspelen in Barcelona. “Wij weten dat het een lange moeilijke strijd zal worden dat te bereiken.” Als een wat loze reactie zei de Joegoslavische Sport Unie daarna dat er geen Kroaten meer mochten meedoen aan internationale sportwedstrijden.

De eerste interland van een eigen nationaal voetbalteam van Kroatië was al op 17 oktober 1990 geweest, tegen de VS. Dat was dus nog geen half jaar na de voetbalrellen en de thuiswedstrijd van Joegoslavië tegen Nederland. Revoluties gaan nu eenmaal snel, zodat deze landenwedstrijd ruim vooraf ging aan de officiële onafhankelijkheidsverklaring van 8 oktober 1991.

De internationale voetbalgemeenschap hield aanvankelijk nog afstand en deed gewoon de naam van Joegoslavië in de kokertjes voor de loting van het EK voetbal van 1992 in Zweden. Daarna veranderde echter alles in hoog tempo door gebeurtenissen in politiek en op het slagveld. Begin 1992 erkende Europa de onafhankelijkheid van Kroatië en Slovenië, waarmee ze konden deelnemen aan de Winterspelen in Albertville. Met weinig succes trouwens.

Op 30 mei 1992 stemde de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties over Resolutie 757, waarin werd vastgelegd dat er een boycot kwam voor Joegoslavië, inclusief de sport. De Joegoslavische voetballers waren op dat moment al in Zweden en hadden zelfs een eerste training gehad. Desondanks werd de ploeg uitgesloten voor het EK, dat op 10 juni begon. De FIFA en de UEFA hadden weinig keus dan het volgen van de VN. Denemarken stond klaar als vervanger en zou dat toernooi zelfs winnen.

Zo deed Joegoslavië niet mee aan het EK voetbal en werd Kroatië op 3 juli 1992 toegelaten tot de internationale voetbalgemeenschap. Deelname aan de kwalificatiewedstrijden voor het WK van 1994 werd aanvankelijk nog niet toegestaan, maar twee jaar later plaatste Kroatië zich voor het EK. Het debuut op het WK van 1998 was overweldigend met een derde plaats, onder meer na een zege op Nederland.

Precies twintig jaar later heeft Kroatië de finale bereikt van het WK voetbal. Van alle nieuwkomers van eind vorige eeuw is dit land daarmee zonder twijfel het meest succesvolle voetballand.

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.