Het Nederlands elftal aan de eettafel
Olympische SpelenVoetbalZomerspelen

In 1920 werd het complete Nederlands Elftal ontslagen

De grootste deceptie van het Nederlands elftal is de Olympische Spelen van 1920. Na afloop werden alle internationals eruit gedonderd.

Het Nederlands elftal aan de eettafel

De voetballers werden gehuisvest op het schip de Hollandia, dat volgens Het Vaderland verschrikkelijk was: ‘Een akelig, somber krot, waarin men geen gevangene opbergt.’ De sportofficials hadden ondertussen wel goede logeerruimte voor zichzelf geregeld, zodat de stemming onder de voetballers nog slecht werd. Zij wel een goed bed en wij niet?

Na twee gewonnen wedstrijden tegen Luxemburg en Zweden kwamen de voetballers daarom in opstand na een nederlaag tegen België. ‘Er zijn helaas trieste dingen te melden’, opende de Nieuwe Rotterdamsche Courant het bericht over deze muiterij.

In een nabijgelegen hotel probeerden sommige spelers hun ellende te vergeten aan de bar en op de dansvloer, ‘champagne drinkend met ladies, wier deugdopvatting van bedenkelijke breedte is.’ Een idee van een voetbalbestuurder om een bloemententoonstelling te bezoeken, werd dan weer afgeslagen. ‘Sabotage van de meest onvervalschte soort, baldadige ontwrichting van een goed bedoelde organisatie.’

Staking

Als straf werden vier spelers weggestuurd, zodat ze niet konden meedoen aan de wedstrijd om de derde plaats tegen Spanje. Hier greep aanvoerder Leo Bosschart echter in en verklaarde namens de spelers, dat het hele elftal naar huis zou gaan als deze straf werd gehandhaafd. Met andere woorden: de internationals dreigden met een staking!

Om een afgang tegen Spanje tegen te voorkomen trok de voetbalbond daarop de straf in – trillend van woede. Waarna Oranje die wedstrijd ook nog eens verloor… De Telegraaf – toen al stemmingmakend – gaf daarop Bosschart de schuld van alle ellende.

Alleen Het Vaderland verdedigde de spelers, die zo slecht waren behandeld door de officials van de Nederlandse Voetbalbond: ‘Wat een ergerlijk gemis aan zorg, aan leiding, aan organisatie, wat een prutsboel, wat een geklungel, een schande voor het N. O. C., dat dit logies heeft ingericht en voor den N. V. B., die er in heeft berust. Vooral had alles van dag tot dag in de puntjes geregeld moeten zijn; dat is organisatie. En als men het zelf niet wil of kan regelen, moet een bekwaam organisator in den arm genomen worden.’

Deze krant was een schreeuwende in een woestijn, want Bosschart werd daarna nooit meer opgeroepen voor Oranje. Sterker: het complete elftal dat tegen Spanje had gespeeld, werd in de volgende wedstrijd van Oranje genegeerd! Het complete Nederlands elftal was aan de kant geschoven door de officials!

Graf in de schaduw van het Olympisch Stadion

Bosschart behaalde daarna gelukkig veel maatschappelijk succes als ingenieur. In 1938 werd hij directeur van de Antwerpse scheepswerf Cockerill, dat onder zijn leiding een enorme ontwikkeling meemaakte.

In 1951 overleed deze oud-international, waarna hij werd begraven in Hoboken, gemeente Antwerpen. Zijn laatste rustplaats ligt daarmee nog geen twee kilometer verwijderd van het Olympisch Stadion waar hij in 1920 het einde van zijn Oranje-loopbaan meemaakte…

Advertentie

Reserveer bij bol.com

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.