NieuwVoetbal

In de jaren zeventig was het Nederlandse voetbal nog verliefd op het kunstgras

Het kunstgras verdwijnt in 2025 uit de Eredivisie. Ruim een halve eeuw geleden droomden clubs als Ajax en Feyenoord om hierop te kunnen spelen.

Kunstgras bij AFC in Amsterdam in 2004. Foto Doriann Kransberg via het Stadsarchief Amsterdam 

Al in 1926 werd voorspeld dat er voetbalwedstrijden op kunstgras zouden komen. De Indische krant De Sumatra Post plaatste dat jaar een toekomstvoorspelling over 1976. ‘Die velden van thans! Neen, ook dat hadden wij vroeger nooit kunnen droomen, dat die zoo geperfectionneerd konden worden. Op dit speelveld zou men inderdaad hebben kunnen biljarten. Niet de minste oneffenheid. En de paar die d’r door het spelen opkwamen, werden in de pauze met de electrische wals weer teniet gedaan. En geen zwart plekje heb ik in ’t groene tapijt van kunstgras kunnen ontdekken. Deze tegelvloeren met kunstzoden, we kenden ze vroeger niet.’

Die voorspeller verdient een bloemetje, want hij zat er maar twee jaar naast. In 1978 kreeg EVV Eindhoven namelijk toestemming van de Brabantse onderbond van de KNVB om te spelen op een voetbalveld van kunstgras, bedoeld als experiment om ervaring op te doen. Er werd wel nadrukkelijk bij gezegd dat er op korte termijn geen toestemming zou komen voor kunstgras in het betaald voetbal of de hogere amateurklassen.

In datzelfde jaar speelde het Nederlands amateurelftal in Dubai een wedstrijd tegen de Verenigde Arabische Emiraten op kunstgras, wellicht als eerste Nederlandse voetballers ooit in een officiële wedstrijd. De Nederlanders speelden zeer onwennig op dit terrein en liepen de nodige blessures op.

Eerste kunstgrasvelden

Het verschijnsel kunstgras was in de jaren zestig onder de naam astroturf overgewaaid vanuit de Verenigde Staten naar onze kant van de oceaan. In 1968 besloot de FIFA dat de belangrijkste wedstrijden van het olympische voetbaltoernooi in Mexico op kunstgras moesten worden gespeeld – méér dan een halve eeuw geleden! Zo althans meldden de Nederlandse kranten vlak voor aanvang van dit evenement, maar er is daarna nooit geschreven of dat inderdaad ook is gebeurd.

In diezelfde tijd toonden clubs als Ajax en Feyenoord al wel belangstelling voor deze innovatie. Dagblad Trouw voorspelde eind 1969 zelfs dat deze clubs binnen enkele jaren hun Europese wedstrijden op kunstgras zouden spelen. ‘In ieder geval wordt er achter de schermen reeds hard aan gewerkt, dat het eenmaal zover komt.’ De Sumatra Post bleek toch beter in voorspellen.

De eerste profclub die trainde op kunstgras was NEC uit Nijmegen, vervaardigd van polypropeen. ‘Zij waren van mening dat de speltechniek op deze kunstgrasmat overeenkomt met die op een natuurlijke grasmat,’ zo meldde Het Parool op 6 juni 1970. ‘Ook met kleinere proefvelden in Enschede, Oldenzaal, Zwolle en Driel, heeft men goede ervaringen opgedaan.’

Den Haag

In de tweede helft van de jaren zeventig zorgde de doorbraak van het kunstgras bij het hockey voor groeiende interesse bij het voetbal. FC Utrecht bijvoorbeeld organiseerde in februari 1979 een minitoernooi voor profclubs op een kunstgrasveld bij het nabijgelegen Kampong, samen met FC Den Haag, Go Ahead Eagles en NEC. Utrecht won door NEC met 3-1 in de finale te verslaan.

Er waren alleen nog steeds geen voetbalvelden op kunstgras, zodat hockeyvelden het beste alternatief waren. Voor de minder vermogende clubs was dat weliswaar al een goede vervanging tijdens de winterstop voor dure reisjes naar zonnige oorden, maar het bleef behelpen.

Het was voor Den Haag in 1981 aanleiding om bij de clubs Gona en HMSH aan de Vrederustweg als eerste Nederlandse gemeente een voetbalveld van kunstgras aan te leggen. Het werd zelfs een heus samenwerkingsproject tussen gemeente, de ministeries van Economische Zaken en Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM) en de fabrikant. Verder kwam er een begeleidingscommissie met ook nog vertegenwoordigers van de NSF (Nederlandse Sport Federatie, toen nog los van het NOC) en de KNVB.

Den Haag werd alleen in mei 1982 nog net ingehaald door Papendal met een gemengd hockey- en voetbalveld met kunstgras, ook bedoeld als experiment. Vier maanden later openden de ministers Terlouw van Economische Zaken en De Boer van CRM het Haagse veld bij Gona en HMSH. De openingswedstrijd ging tussen vertegenwoordigers van de Nederlandse Sportfederatie, de KNVB, ambtenaren en medewerkers van de bedrijven.

De uitslag daarvan is onbekend. Wat we wél weten is dat precies veertig jaar later is besloten dat het kunstgras zal verdwijnen uit de Eredivisie. Dat had onze voorspeller in 1926 dan weer niet voorzien.

Waaardeer deze site!

Onze content is gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je dat laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
https://sportgeschiedenis.nl
Specialist in sporterfgoed. Schreef mee aan het boek "Nooit meer Qatar" over de FIFA en mensenrechten. Al 25 jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.