NieuwVoetbal

Mooie vondst van de Telegraaf in 1971: ‘De beker met de grote oren’

Met een vertraging van bijna drie maanden is dan eindelijk de Champions League-finale, voor ‘de beker met de grote oren’. De Telegraaf kwam in 1971 als eerste met die uitdrukking. Gratis verhaal, maar een donatie is welkom – onderaan deze pagina.

Foto via Wikipedia

Op 2 juni 1971 won Ajax de Europa Cup 1. Twee dagen later schreef De Telegraaf over de huldiging in Amsterdam, waarbij de krant de trofee omschreef als ‘de beker-met-de-grote-oren’. Negen jaar later deed De Waarheid hetzelfde in een verhaal over Nottingham Forest. In 1987 sprak Søren Lerby van PSV de wens uit om de beker met de grote oren ooit eens vast te mogen houden.

De uitspraak werd pas echt beroemd in 1988 door Leo Beenhakker. “Die beker met die grote oren wil ik een keer vasthouden,” zei hij in De Telegraaf, nota bene in dezelfde krant die deze omschrijving zeventien jaar eerder al eens had gebruikt. Beenhakker sprak die ambitie uit als coach van Real Madrid, maar werd dat seizoen gevloerd door PSV, inclusief Lerby die een jaar eerder al had gesproken over de cup met de grote oren.

Bobby Haarms

In een mail bevestigde Beenhakker mij hoogstpersoonlijk dat hij inderdaad niet zelf de bedenker is geweest van deze term. “Ik heb ook nooit de pretentie gehad c.q. geclaimed dat deze uitspraak van mij was. In diverse interviews c.q docu’s heb ik regelmatig aangegeven dat ik in 1978, tijdens mijn eerste dienstverband bij Ajax, deze uitspraak te horen kreeg van mijn toenmalige collega Bobby Haarms.”

Kortom: de uitdrukking ‘de beker met de grote oren’ is in 1971 verzonnen door De Telegraaf, maar kreeg grote bekendheid in 1988 door Beenhakker.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je je waardering laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Meest recente boek: 'Door Wilskracht Zegevieren' over sport in de Tweede Wereldoorlog. Schreef ook boeken over - onder meer - Amsterdam 1928 en de Elfstedentocht, net als de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Al bijna 25 jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.