Vijf jaar na de Tweede Wereldoorlog mocht Die Mannschaft weer meedoen aan het internationale voetbal
Op 22 november 1950 speelde het nationale elftal van West-Duitsland de eerste interland na de oorlog. Dat was voor Nederland veel te snel.
West-Duitsland tegen Nederland in 1956 in Dusseldorf. Foto Harry Pot via Nationaal Archief / Wikimedia
Duitsland en Japan verloren niet alleen de Tweede Wereldoorlog, maar ook hun positie in de internationale sport.
Het veld was zeer zwaar en het regende af en toe tijdens de wedstrijd
Internationale schorsing
West-Duitsland werd in 1945 uitgesloten van alle grote sportevenementen. De FIFA legde dit land een langdurige schorsing op. Dat betekende geen WK voetbal voor dit land – voor zover daar iemand in de rokende puinhopen van dat land al mee bezig was. Ook de Olympische Spelen waren voorlopig onbereikbaar.
Na vijf jaar maakte de FIFA een einde aan die schorsing tijdens een bijeenkomst in Brussel. Het complete uitvoerend comité was het ermee eens, schreef Sportkroniek op 2 oktober 1950. ‘Met uitzondering van de leden uit Nederland, Amerika, Brazilië en Rusland waren alle comitéleden aanwezig.’ Karel Lotsy was zo één van de afwezigen, vanwege ziekte. ‘De acceptatie van Duitsland heeft tot gevolg, dat nog dit seizoen de interlandwedstrijd Duitsland—Zwitserland (in November a.s. in Stuttgart) gespeeld zal worden.’
Op 22 november 1950 was dan de eerste officiële wedstrijd van Die Mannschaft, het West-Duitse voetbalelftal. De mediabelangstelling was gigantisch met aanvragen van 450 journalisten en honderd fotografen aan de Stuttgarter Sportpers. Het was sowieso druk met maar liefst 102.000 toeschouwers in het stadion.
Duitsland won met 1-0 en maakte een grote indruk. ‘Het veld was zeer zwaar,’ aldus Sportkroniek, ‘en het regende af en toe tijdens de wedstrijd.’ De toeschouwers leefden bijzonder heftig mee.
Vier jaar later won Duitsland het WK voetbal in Zwitserland.
Nederlandse kat in Duitse boom
Nederland deed ondertussen of er niets was veranderd, want dat weigerde nog lange tijd om weer te voetballen tegen de Duitsers. Sterker, geen enkel land hield dat langer vol dan Nederland.
Er was zelfs geen officieel contact tussen de KNVB en de Duitse Voetbalbond – tot teleurstelling van de laatste. ‘Niemand kan het ons kwalijk nemen dat we voorlopig de spreekwoordelijke kat uit de boom kijken,’ verklaarde het Limburgsch Dagblad op 19 november 1949 deze emoties. ‘Er is immers zoveel, dat moeilijk te vergeten is.’
Tegelijkertijd vroeg diezelfde krant zich af of die afkeer van het nieuwe Duitsland wel zo verstandig was: ‘We zijn nog altijd een van de buurstaten van dit grote rijk, waar straks — dat staat zo vast als een paal — de sport tot zeer grote bloei zal komen. Een nauwer contact zal zeer zeker ook ons prestatiepeil ten goede komen.’
De eerste toenaderingen met Duitsland kwamen vanuit de grensstreek, want al vóór de oorlog was het daar de gewoonte om grensoverschrijdend te denken. Ze pakten daar simpelweg de draad weer op, die door de oorlog was doorgeknipt.
Op dat lokale niveau werd veel voorbereidend werk verricht, waar de KNVB jaren later van profiteerde. Begin jaren vijftig speelden provinciale elftallen uit Friesland, Groningen of Gelderland hun eerste wedstrijden tegen Duitse teams als Oost-Friesland en Noord-Duitsland. In Veendam was er in 1952 een sportweek waaraan de voetbalclub Germania uit Leer meedeed.
In 1953 werden deze contacten serieus toen gesproken werd over twee semi-interlands: Noord Nederland – Noord Duitsland en West Duitsland – Oost Nederland (waarbij met West Duitsland dus het westen van West-Duitsland werd bedoeld). Het Arnhemse Vitesse weigerde principieel om spelers te leveren, maar beide wedstrijden gingen wel door.
Het Nederlands elftal van 14 maart 1956, foto Harry Pot via het Nationaal Archief
Winst
Voordat Nederland en West-Duitsland een officiële interland konden spelen, was er al heel veel voorbereidend werk getroffen. Deze jarenlange arbeid vond de bekroning op 14 maart 1956 in het Rhein-stadion in Dusseldorf. Dat Nederland toen ook nog eens won met 1-2 zorgde natuurlijk helemaal voor een groot feest, waarbij het extra leuk was dat West-Duitsland toen heersend wereldkampioen was.
Elf jaar na de Duitse capitulatie was dan ook voor het Nederlandse voetbal de Tweede Wereldoorlog eindelijk voorbij.



