NieuwVoetbal

Voetbal in ballingschap als diplomatiek instrument

De Amsterdamse sportjournalist Albert Milhado presenteerde in 1944 een ambitieus plan voor de sportieve samenwerking tussen veertig Nederlandse en Engelse steden. De band tussen Leiden en Oxford bestaat nog steeds. Dit artikel is gratis, maar een donatie is welkom, onderaan deze pagina. 

J. Nieuwenhuis, voorzitter van de Belgische Voetbalbond in Engeland, Albert Milhado, voorzitter van de Nederlandse Sport-organisatie in Engeland en de Nederlandse premier professor Gerbrandy. Foto uit 1943

Albert Milhado was in mei 1940 net op vakantie in Zuid-Frankrijk toen Nederland werd binnengevallen. Hij ging niet meer naar zijn huis in Amsterdam, maar reisde via Parijs naar Londen, onder meer als medewerker van Radio Oranje. Zo werd hij onderdeel van de Nederlandse kolonie en knoopte daar contacten aan met de militaire top, de regering in ballingschap, prins Bernhard en koningin Wilhelmina. Als sportjournalist had hij ook korte lijntjes met hoge Engelse sportofficials, onder wie Stanley Rous, secretaris van de Football Association, de machtige Engelse voetbalbond.

Al snel had Milhado in de gaten dat sportwedstrijden de ideale plek waren voor informele ontmoetingen tussen notabelen uit verschillende landen, ook van andere buitenlandse kolonies die neergestreken waren in Londen. Op 1 februari 1941 organiseerde hij een officieuze interland tussen een Nederlands en Belgisch team, samengesteld uit militairen die toevallig in de buurt waren. De ereloge barstte uit zijn voegen met de officiële vertegenwoordiger van de Engelse koning, Nederlandse en Belgische ministers en de Nederlandse luitenant-generaal en generaal-majoor. Voorafgaand verzorgde Unilever een lunch voor genodigden uit verschillende landen, toegesproken door prins Bernhard. Premier Gerbrandy bedankte daar de Britten voor het verlenen van onderdak aan zijn regering in ballingschap. ‘Wij zullen nooit vergeten, dat de Engelschen ware wapenbroeders zijn.’

In de Nederlandse sportwereld zijn nog steeds sporen te vinden van de Tweede Wereldoorlog. Precies 75 Jaar na de Bevrijding onderzoekt Jurryt van de Vooren deze nalatenschap, zoals monumenten en gedenkstenen. Tips welkom!
Reacties hier

De hele oorlog door waren er tientallen van zulke wedstrijden in Londen en omgeving, vaak met een goedgevulde ereloge. Er waren complete voetbalcompetities tussen militairen uit België, Frankrijk, Groot-Brittannië, Nederland, Noorwegen, Polen en Tsjechoslowakije. Prins Bernhard stelde een speciale prijs beschikbaar, natuurlijk naar hem vernoemd. Alleen al in november 1942 speelden Nederlandse voetballers tegen een Schots legerelftal, een Engels team en een selectie van de Royal Navy. Met behulp van de gastenlijsten van deze internationale wedstrijden krijgen we zicht op het internationale netwerk, waarbinnen de Nederlandse regering in ballingschap zich bewoog.

Sport werd zo een diplomatiek instrument, de basis voor het internationale leven ná de oorlog. Milhado was daarin zeer succesvol, merkte verzetsblad Strijdend Nederland op: ‘Hij slaagde er in meer autoriteiten bij deze wedstrijden te verzamelen dan er ooit in Nederland bij een echten interlandwedstrijd belangstelling getoond hadden en als het aan hem gelegen had zouden alle gekroonde hoofden der in ballingschap levende regeeringen de wedstrijden hebben bijgewoond.’

Internationale stedenbanden

In september 1944 presenteerde Milhado een zeer ambitieus plan ‘ten einde na den oorlog te komen tot een grootscheepsche uitwisseling van jongelui in Nederlandsche en Engelsche steden.’ In de oorlog, zo betoogde hij, waren Nederland en Engeland dichter tot elkaar gekomen en die samenwerking moest blijven bestaan. ‘Engelschen en Nederlanders zullen elkaar in de toekomst veel beter dienen te begrijpen. En is de sport niet de aangewezen weg om dit te bereiken?’ De bezoekers zouden gewoon logeren bij hun gasten. Hij werkte hiervoor samen met Rous en kreeg de openlijke steun van koningin Wilhelmina en generaal Bernard Montgomery.

Het leverde veertig stedenverbanden op, te beginnen met Maastricht als eerste bevrijde stad van het land. ‘Ik ben onmiddellijk aan den slag gegaan teneinde voor Maastricht een geschikte partner te vinden,’ seinde Milhado vanuit Londen naar Limburg, ‘en heb het genoegen U mede te deelen, dat mij alsnog door den Burgemeester van Woolwich is gezegd, dat deze graag Maastricht wil adopteeren.’ Op 16 september 1945 speelde MVV tegen een stedelijk voetbalteam uit Woolwich, wat het begin van een lange traditie moest worden. Het bleef bij deze ene ontmoeting.

Filmbeelden van de wedstrijd tussen MVV en Woolwich, via Open Beelden 

Met de vloot

Andere stedenbanden bleken veel succesvoller, zoals die tussen Amsterdam en Liverpool. Precies 75 jaar later bestaat die tussen Oxford en Leiden nog steeds, met elkaar verbonden als universiteitssteden. Tijdens de eerste uitwisselingen was er nog geen veerboot en gingen de Leidenaren mee met een vloot. ‘Vooral in de jaren 50, 60 en 70 waren het grote evenementen,’ aldus Roelof Hol, tegenwoordig voorzitter van de Stichting Leiden – Oxford. ‘In de laatste jaren zijn er wat juniorenteams naar Oxford geweest, maar de regelmaat is er een beetje uit.’

In 1985 werd Rous als eregast naar Nederland gehaald om te worden herenigd met Milhado, als de twee hoofdpersonen van de sportdiplomatieke nalatenschap van de Tweede Wereldoorlog, die in Leiden nog steeds bestaat. De ontmoetingen voor dit jaar zijn vanwege corona afgelast.

Klik hieronder op de stad om te zien met wie er werd samengewerkt.

Eerder in deze serie

Sporten als therapie voor Joodse patiënten

Het oorlogsmonument van de KNVB

Tussen Puinhopen Opgericht: voetballen in de gordel van verwoesting

Het voetbalmonument van The Nits

Een schuldige sporthal op de Veluwe, speciaal voor de Nederlandse SS

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je je waardering laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Meest recente boek: 'Door Wilskracht Zegevieren' over sport in de Tweede Wereldoorlog. Schreef ook boeken over - onder meer - Amsterdam 1928 en de Elfstedentocht, net als de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Al bijna 25 jaar de enige Amsterdammer, die is afgestudeerd op Feyenoord.