Wil Merkies was de eerste vrouwelijke voetbaljournalist van Nederland, maar niemand mocht het weten

Foto gemaakt door Louise van Lil, via Geheugen van Oost
Tijdens het EK voetbal zijn veel vrouwelijke sportjournalisten actief. Wil Merkies was in 1949 de pionier.
Van onze verslaggeefster
Volkskrant
Wil Merkies werd geboren op 28 maart 1931, nog als Willy Jansen. Als kind ging ze met haar vader naar de wedstrijden van Ajax, schreef ze in 2015 op de website Geheugen van Oost. “Sport was alles voor mij. Ik zwom en speelde in een straatvoetbalelftal. Als vijftienjarige schreef ik sportverslagen voor de Cetem, een sportblad dat elke zondagavond verscheen en voor tien cent werd verkocht. Zo verdiende ik mijn eerste geld.”
Haar grootste ambitie was om als volwaardig sportjournalist in dienst te treden bij de Volkskrant, toen nog een katholieke krant. “Meisje, dat lukt je nooit”, zei de chef personeelszaken. “Op de redactie werken geen vrouwen.”
Merkies mocht wel aan de slag op de abonnementenafdeling, wat ze deed om alsnog in de buurt te zijn van de sportredacteuren. “Toen ik hoorde dat er een voetbaltoernooi werd georganiseerd voor journalisten zag ik mijn kans schoon. Die dag heb ik voor het personeelsblad de wedstrijdverslagen geschreven.” Die verhalen waren zo goed dat ze alsnog werd aangetrokken door de sportredactie.
Boze brieven
Op 19 september 1949 schreef ze haar eerste stuk op de sportpagina’s van de Volkskrant. Onder het verslag van de voetbalwedstrijd De Volewijckers – SVV stond opeens ‘Van onze verslaggeefster’. En ook in de weken erna liep Merkies rond op de Nederlandse voetbalvelden, wat zorgde voor een stroom verontwaardigde brieven voor de hoofdredactie. Die boog deemoedig het hoofd beloofde dat dit nooit meer zou gebeuren. Zo wist ruim zeventig jaar geleden niemand dat Merkies de eerste vrouwelijke voetbaljournaliste van ons land was.
Haar eigen naam stond dus niet bij de artikelen van haar hand. En na het protest tegen ‘onze verslaggeefster’ mocht ze wel blijven, maar alleen als haar stukken voortaan werden ondertekend als ‘onze verslaggever’.
Merkies was niet alleen een naamloze voetbaljournaliste geworden, maar ook een geslachtsloze voetbaljournaliste. Toch stond ze dit toe. “Als ik in opstand zou komen, zou ik mijn baan kwijtraken.”
Handelingsonbekwaam
Die baan verloor ze in 1954 alsnog, omdat ze trouwde met Wim Merkies. Zo stond het in Nederland tot en met 1956 namelijk keihard in de wet: gehuwde vrouwen zijn handelingsonbekwaam, wat erop neerkwam dat ze zonder toestemming van hun man geen zelfstandige uitgaves mochten doen. En tot 1 januari 1958 was er een arbeidsverbod voor gehuwde vrouwen.
Toch keek Merkies zeer positief terug op haar pionierswerk. “Met de mannelijke collega’s van de andere kranten had ik goed contact. De veel oudere mannen wilden mij maar al te graag de spelregels uitleggen, maar dat was niet nodig omdat ik ze tot hun verbazing allemaal kende.” Na haar huwelijk bleef ze wel schrijven, maar niet meer op de sportredactie. In 1982 verscheen een verhaal over Kasteel Amerongen in het Parool, onder haar eigen naam – eindelijk. Dat schrijfwerk hield ze vol tot aan haar dood in 2018.
Erkenning
Pas op hoge leeftijd kreeg Merkies de erkenning als Nederlands eerste vrouwelijke voetbaljournaliste. Voormalig hockeyster Lisette Sevens schreef over haar in 1988 in een column in het NRC Handelsblad. Frits Barend sprak met haar in 2013 voor het boek De Nederlandse sportliteratuur in 80 en enige verhalen.
Het echte eerbetoon kwam pas ná haar dood. In 2024 vernoemde de gemeente Haarlem een park naar Merkies. Kort daarna deelde de gemeente Stichtse Vecht mee dat zij een eigen straat krijgt in de nieuwbouwwijk Zuilense Vecht.

