NieuwOlympische SpelenUncategorized

Zuid-Afrika mocht niet meedoen aan de Paralympische Spelen van 1980 in Arnhem

Eind deze week is de openingsceremonie van de Paralympische Spelen in Beijing. Rusland is hiervan nog niet uitgesloten, ondanks de gepleegde oorlogsmisdaden in Oekraïne. In 1980 werd Zuid-Afrika geweigerd vanwege het apartheidssysteem. 

 

De openingsceremonie van 1980. Foto Rob C. Croes via het Nationaal Archief

In de jaren zestig en zeventig was er een merkwaardige situatie ontstaan rond de Zuid-Afrikaanse sport. Vanaf 1964 werd dit land de toegang geweigerd tot de Olympische Spelen vanwege het apartheidssysteem. Deze uitsluiting bestond dan weer niet bij de Paralympische Spelen.

Aanvankelijk was Zuid-Afrika daarom toegelaten tot de Paralympische Spelen van 1980 in Arnhem. In de tweede helft van de jaren zeventig kwam aan deze vanzelfsprekendheid een einde door de bloedige rellen in Soweto in 1976. De hele wereld zag zo de bruutheid van het racistische apartheidssysteem, zodat deze discussie oversloeg naar de organisatie van de Paralympische Spelen in Arnhem, onder meer door een boycotdreiging van Afrikaanse landen als Zuid-Afrika zou worden toegelaten.

De Nederlandse organisatie wilde hier echter niet aan toegeven: “Zuid-Afrika moet aan de Spelen van 1980 kunnen deelnemen, mits dit team op een interraciale basis is samengesteld. Het stichtingsbestuur, dat van tevoren de gegevens van de deelnemers ontvangt, zal nagaan of inderdaad ook duidelijk blijkt dat het team interraciaal is samengesteld. Is dit niet het geval dan zal deelname niet mogelijk zijn.”

De alarmbellen in de Nederlandse politiek gingen echter massaal rinkelen toen de boze Afrikaanse landen met economische sancties dreigden. Zelfs de Verenigde Naties bemoeiden zich ermee, zodat een meerderheid in de Tweede Kamer zich tegen de komst van Zuid-Afrika uitsprak. Dat leidde tot een officiële regeringsverklaring: “Gegeven de door de uitspraak van de Tweede Kamer ontstane situatie rond de Spelen in Arnhem is de ministerraad echter tot de conclusie gekomen dat handhaving van het aanbod tot materiële steun aan de Paralympics indien een Zuid-Afrikaans team zou deelnemen niet verstandig zou zijn.”

Erica Terpstra

De Zuid-Afrikaanse associatie voor gehandicapte sporters was het niet eens met deze uitsluiting. Voorzitter Menzo Barrish uitte zich teleurgesteld: “Dat besluit is een slag in het gezicht voor mijn organisatie, die niets anders wil dan rassenharmonie, en dit ook reeds bereikt heeft.” De associatie beklaagde zich bij de International Organizations of Sport for the Disabled (IOSD). Tegelijkertijd organiseerde Zuid-Afrika selectiewedstrijden en ging het door met het samenstellen van een ploeg.

In Nederland roerden zich steeds meer partijen die de uitsluiting van Zuid-Afrika onterecht vonden. Diverse gehandicaptenorganisaties, de VVD en prominente Nederlanders als Erica Terpstra en Anton Geesink spraken zich uit vóór Zuid-Afrikaanse deelname.

Namens de Zuid-Afrikaanse associatie voor gehandicapte sporters, zes Zuid-Afrikanen en drie Nederlandse stichtingen diende mr. Leo van Heijningen twee beroepschriften in bij de Raad van State, om het kabinetsbesluit te schorsen. Op 22 november werd een nieuwe stichting opgericht die de deelname van Zuid-Afrika als hoofddoel had. De stichting Wij horen er bij stond onder voorzitterschap van Radio-omroeper Hans van Zijl, die zelf gekluisterd was aan een rolstoel.

Van Heijningen gaf aan waarom het besluit van de regering volgens hem onrechtmatig was: “Door een sportploeg te weren, hoopt men het regeringsbeleid in Zuid-Afrika te wijzigen. Dat is niet alleen onmogelijk en irrationeel, maar ook hoogst onrechtvaardig omdat de Zuid-Afrikaanse sporters zich op multiraciale basis verenigd hebben. Het is onzedelijk en verwerpelijk. De gehandicapte medemens kan en mag geen inzet zijn bij een internationale politieke strijd.”

De regering betreurde de gang van zaken, maar stelde dat het niet anders kon. Door de dreiging van boycots en het standpunt van de Kamer zou de organisatie bij deelname van Zuid-Afrika haast onmogelijk worden. Op 4 januari 1980 verklaarde de Raad van State dat het overheidsbesluit rechtmatig was en werd het ingediende verzoek afgewezen.

“We gaan toch”

In Zuid-Afrika maakte deze beslissing echter geen indruk. Barrish gaf aan dat er toch een Zuid-Afrikaanse afvaardiging naar Nederland zou gaan, en overwoog nu een klacht in te dienen tegen het organisatiecomité. “Maar ongeacht de uitkomst van deze of andere wettige acties tegen de Nederlandse regering of de organisatoren hebben wij de bedoeling om aan de Spelen deel te nemen omdat dit ons moreel en wettig recht is.” Het vervolg was dat er nogmaals een bezwaar werd ingediend bij de Raad van State, nu tegen het organisatiecomité.

Ondertussen ontspon zich in Nederland een keiharde strijd tussen de twee stichtingen Comité Zuid-Afrika Nee en Wij horen er bij. Kort voor het begin van de Paralympics was er nog steeds geen duidelijkheid of er een Zuid-Afrikaanse ploeg in Nederland zou aankomen. Wij horen er bij rekende hier wel op, en zou zorg dragen voor de ontvangst en begeleiding van die ploeg. Eventueel zou er gezorgd worden voor een alternatief sportprogramma.

Comité Zuid-Afrika Nee kondigde aan de atleten op te zullen wachten met een demonstratie, en ze overal te gaan schaduwen. Het Arnhemse PvdA-raadslid G.H.L. Velthuizen, lid van het Comité Zuid-Afrika Nee, sloeg dreigende taal uit: “Als ze toch tegen een Nederlandse ploeg uitkomen zullen wij dit proberen te verhinderen. Lukt dit niet met praten dan doen we het op een andere manier.”

Van Zijl reageerde namens Wij horen er bij: “Het is een afschuwelijke zaak dat er mensen met zulke plannen rondlopen. De Zuid-Afrikanen komen hier als gasten en mogen gaan en staan waar zij willen. En dat ze ons vanaf Schiphol achtervolgen? Geen probleem, wij zijn overal op voorbereid en schudden ze wel af.” Anderhalve week voor aanvang kwam het verlossende woord van de Raad van State. Zuid-Afrika werd definitief uitgesloten van deelname. De Zuid-Afrikaanse associatie voor gehandicapte sporters legde zich er nu wel bij neer, zodat er geen ploeg naar Nederland afreisde. Het rustige verloop van de Paralympics leek hiermee gewaarborgd.

De Paralympics beginnen

Toch was er tijdens de opening op 21 juni nog wel iets van de commotie te merken. Dr. Robert W. Jackson, waarnemend voorzitter van de ISOD, gaf in zijn toespraak aan de afwezigheid van Zuid-Afrika te betreuren. En tijdens de openingsplechtigheid cirkelden een uur lang twee vliegtuigjes in de lucht met een spandoek met de tekst: “Zuid-Afrikaanse invaliden blank en zwart, Nederland houdt u apart.”

In de dagen daarna zou de aandacht echter steeds meer uitgaan naar de sportprestaties. Zuid-Afrika zou nadien pas in 1992 weer zijn opwachting maken op de Paralympics.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je dat laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -

Frank Grootemaat
Frank Grootemaat schreef twee boeken over sportgeschiedenis. In "Burenruzies. Voetbalinterlands vol strijd en rivaliteit" maakte hij een wereldreis langs twaalf internationale voetbalderby’s, van Engeland-Schotland en Argentinië-Brazilië tot Irak-Iran en Honduras-El Salvador. "De Romário-show en andere sportverhalen" is een bundeling van opmerkelijke gebeurtenissen, tragische voorvallen, grappige anekdotes en onbekende pareltjes uit de geschiedenis van het Nederlands elftal, het EK en WK voetbal, de Olympische Spelen en nog veel meer.