Home > Nieuw > De fietscross is een Nederlandse uitvinding
NieuwWielrennen

De fietscross is een Nederlandse uitvinding

In 1955 was er in het Groningse dorp Eenrum een fietscrosswedstrijd, de oudste die we tot nu toe kennen. Ze waren in ieder geval eerder dan in Californië.

De fietsencross van 1959, foto via Het Nieuwsblad van het Noorden

Volgens het Internationaal Olympisch Comité is de BMX of fietscross een Amerikaanse uitvinding van eind jaren 60. ‘Het begon in Californië, in dezelfde tijd dat de motorcross populair werd in de Verenigde Staten. De gemotoriseerde versie van de sport was de inspiratiebron voor de op menskracht gebaseerde competitie.’

Het is de vraag wanneer we een bepaalde sport een fietscross noemen. Als we zo ruim zijn om dan ook fietsen met hindernissen mee te tellen, kunnen we meteen terug naar de negentiende eeuw, zo zei Lizet Kruyff op Twitter. En inderdaad stond er op 17 augustus 1885 een verhaal over een wedstrijd met hindernissen in Het Algemeen Handelsblad, georganiseerd in Nijmegen. ‘Bij den wedstrijd met hindernissen hadden enkelen het ongeluk te vallen; opmerking verdient, dat de prijs gewonnen werd met een safety’s-machine, die voor de hindernisssen uitstekend geschikt schijnt; andere mededingen moesten bij sommige hindernissen geregeld afstijgen.’ Een safety was een fiets zoals we die nu nog kennen, een moderne fiets.

Fietsencross

In die tijd bestond er ook de discipline ‘wedstrijd voor bedienden van vleeschhouwers’, waarbij hindernissen in het parcours werden gebouwd. Laten we al die varianten de voorlopers van fietscross noemen, om over te kunnen gaan naar wedstrijden in het Groningse dorpje Eenrum in 1955, tussen Groningen-stad en de Waddenzee – toen nog fietsencross genoemd.

Het Nieuwsblad van het Noorden schreef op 14 augustus 1959 over de jaarlijkse kermis van het dorp: ‘De traditionele cross van de jeugd van Eenrum die ieder jaar in de kermisdagen wordt verreden, gold ditmaal een jubileum want deze keer was het de vijfde.’

Er werd in die regio toen al zeven jaar aan de fietsencross gedaan, zei Wybe Westra op De Marne Nieuws.NL in 2017. “Er was niks. De Duitsers hadden in de oorlog alles meegenomen. De motorclub werd in 1947 weer op poten gezet en die hadden een racebaan rond de boerderij van Prenger, de laatste boerderij aan de Eenrumerstreek, in de bocht voor de Hornsterweg.  Je verveelt je, je hangt wat rond en ineens is het idee er. We gaan met de fiets op de racebaan. We waren 12, 13 jaar. En die baan was veel te lang en eigenlijk ook te gevaarlijk. We reden er maar een stuk van.”

Het was het begin van de fietscross, verzonnen door de plaatselijke jeugd zelf. In 1955 mochten ze zelfs meedoen aan het programma van de kermis, wat uitliep op een groot succes. In 1959 kwamen er maar liefst 1400 mensen kijken naar het spektakel dat volgens de omschrijving inderdaad herkenbaar is als de fietscross: ‘Kuilen gegraven, bochten gelegd, een springschans, hellingen, alles was aanwezig op deze baan.’

Net als de Amerikaanse variant was de motorcross het voorbeeld voor deze jongens uit Eenrum, die ook werden ingedeeld in cc-klasses. Hoe jonger, hoe lager het aantal cc.

In 1960 werd zelfs de zijspan ingevoerd als nieuw onderdeel, het jaar waarin voor de eerste keer werd samengewerkt met de Motorclub Eenrum, die stropakken aanbood. Die zijspan bleek alleen iets te hoog gegrepen, want veel rijders verloren onderweg hun bijrijder. In Californië waren ze toen nog niet eens begonnen met de normale cross.

Jurryt van de Vooren
http://Sportgeschiedenis.nl
Jurryt van de Vooren is sporthistoricus. Auteur van 'Amsterdam 1928' en de Bosatlas van het Nederlandse voetbal. Bezig met boekenserie over Amsterdam en sport. Nog steeds de enige Amsterdammer die is afgestudeerd op Feyenoord.