NieuwWielrennen

Een Nederlands verslag van Milaan – San Remo uit 1885

De Italiaanse voorjaarsklassieker Milaan – San Remo bestaat sinds 1907. De Utrechtse Engelsman Charles Henry (Charlie) Bingham reed die al in 1885 en schreef daarover een uitgebreid verslag. Dit artikel is gratis, maar een bijdrage is plezant, onderaan deze pagina.

Charles Henry Bingham, wielerpionier

Door Wim Zonneveld

De Italiaanse voorjaarsklassieker Milaan – San Remo van 21 maart werd afgelast vanwege het coronavirus. Alleen in de drie oorlogsjaren 1916, 1944 en 1945 werd de Primavera tot nu toe niet verreden. In 1907 werd de eerst editie gewonnen door de Fransman Lucien Petit-Breton, in 2019 door land- en voornaamgenoot Lucien Alaphilippe.

Wielerpionier

In oktober 1885 reed de Utrechtse Engelsman Charles Henry (Charlie) Bingham, wielerpionier in Nederland, over vrijwel het parcours van de klassieker in vijf dagen van Milaan naar San Remo. Charlie, dan 24 jaar en als goedereninspecteur in dienst bij de Rijn Spoorweg Maatschappij, nam in juni 1883 het initiatief tot de oprichting van de Nederlandsche Vélocipedisten Bond (twee jaar later de ANWB), was daarvan tot september 1884 de eerste president en maakte in 1884 en 1885 twee grote tochten per bicycle, de vervaarlijke ‘hoge bi’, vanuit en in Noord-Italië.

In de lente van 1884 wilde hij met twee Engelse metgezellen rijden van Genua naar Rotterdam, maar het eerste deel moest worden afgekapt door – hoe kan het – maatregelen van de Italiaanse autoriteiten tegen toerisme vanwege de heersende cholera. Het werd toch nog een stevig stukje, van Chiasso op de Italiaans-Zwitserse grens door de Alpen naar Mainz, 791 kilometer in elf dagen. De tocht staat uitvoerig beschreven in Nederlandsche Sport van eind augustus 1888 – hier.

In oktober 1885 mag Bingham wel Noord-Italië in. Hij reist per trein van Brussel over Basel naar Laveno aan het Lago Maggiore en steekt per boot door naar Arona aan het zuidpuntje van het meer. Hij brengt met een Engelse metgezel acht dagen door in het Italiaanse merengebied, waarbij hij Bellinzona, Lugano, Chiasso, Locarno en Como aandoet, vaak flink klimmend en dalend. Dan bereikt hij Milaan en begint zijn Milaan – San Remo.

De eendagsklassieker Milaan – San Remo staat bekend om zijn ultralange maar vrijwel vaste parcours, van Milaan vrijwel recht naar beneden over de Passo di Turchino tot aan de Ligurische kust, en dan over de kustweg naar San Remo, met maar weinig jaarlijkse variatie (in hier en daar wat capo’s). De aflevering van 1907 telde 288 km., die van 2019 291 km.

Bingham (op zijn ‘Club Special’ hoge bi) en zijn Engelse maat Pullen (op een driewieler) volgen dit parcours vrij nauwgezet, maar het is wel 1885. Vanwege de te verwachten slechte weg starten ze per trein vanuit Milaan naar Pavia, waarna ze zo’n 40 km. rijden naar ‘de voet van de Apenijnen’, waarschijnlijk tot Tortona. De klassieker neemt hier de weg links over de Turchino naar de kust, maar Bingham houdt rechts aan en gaat ‘om de hooge bergen en slechte wegen te vermijden’ per trein naar Genua.

Parkoers Milaan – San Remo

Vanaf Genua beschrijft Bingham zijn tocht langs de kust als een wielerfeest: ‘Pegli voorbij, begonnen wij spoedig den weg te vergeten in het genot van den prachtige, steeds afwisselende tafereelen, de heerlijke frissche lucht en warme zonneschijn. Het is een hoogst eigenaardige en interessante weg, deze route langs de Riviera di Ponente. Op eene verbazende wijze kronkelt hij om de klippen; geen 500 meters schijnen recht te zijn; minstens de helft is op metselwerk gebouwd of uit de rotsen gehouwen. Het eene ogenblik is de weg haast gelijk met de zee; een kilometer verder ziet men over de borstwering kijkende, de zee honderd meter beneden zich.’

En: ‘Berg op, berg af, ging het uren lang dien dag; […] nu dicht aan het strand van eene kleine kreek, waar mannen, vrouwen en kinderen in schilderachtige costumen bezig waren, de lange netten in te halen, dan weder onder de olijven hoog op een berg, wiens kruin door de overblijfselen van een sterke veste gekroond zijn.’

In drie dagen rijden ze zo van Genua naar San Remo, ruim 200 km., over het kustparcours van de klassieker, eind negentiende eeuw. In totaal neemt hun Milaan – San Remo vijf dagen, waarvan 240 km. per rijwiel. De laatste dag rijdt Bingham nog door naar Monaco, waarvan hij helaas maar weinig ziet, want hij moet per trein terug naar Genua en vandaaruit terug naar het noorden.

Het mooie verslag van de tocht staat in De Kampioen 3:4 van april 1886. Kijk maar:

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je je waardering laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -