NieuwWielrennen

Epo en de Waalse Pijl van 1994

Het wondermiddel Epo werd al voor 1994 gebruikt door wielrenners en andere sporters. Met dank aan een openhartige dokter Ferrari leerde het grote publiek het middel kennen na afloop van de Waalse Pijl van 1994. Op het podium stonden drie renners van dezelfde ploeg: Gewiss-Ballan..

‘Blues om het bloed’, zette wielerverslaggever Jeroen Wielaert boven zijn column in het blad Wieler Revue, achttiende jaargang, nummer 9.  Hoofdredacteur Evert de Rooij wijdde er een commentaar aan. De ongekende overmacht van de Italianen in het voorjaar van 1994 had ineens een naam gekregen: Epo. Wielaert gebruikte het woord bloedarmoede om de magere prestaties van de Nederlandse renners te typeren.

Ferrari

In L’Equipe had dokter Ferrari van de succesvolle Italiaanse Gewiss-ploeg verklaard dat Epo niet gevaarlijk was. En verder: “Alles wat niet verboden is, is dus toegestaan. Als ik coureur was zou ik niet opspoorbare producten gebruiken als het de prestaties zou verbeteren.” Ferrari werd direct ontslagen door Gewiss, maar de geest was uit de fles. Het middel Epo was al langer bekend, Jean Nelissen noemde het al in een boek over doping uit 1989. Na de uitspraken van Ferrari werd er openlijk over geschreven.

Terugbladerend in Wieler Revue proef je zowel de twijfels als de voorzichtigheid. Iemand zomaar veroordelen zonder bewijzen kon natuurlijk niet. Na het machtsvertoon van de Gewiss-ploeg in de Waalse Pijl, durfde niemand de Italianen zonder meer te beschuldigen. Bijzonder succesvolle renners als Moreno Argentin, Gianni Bugno, Claudio Chiappucci, Franco Ballerini en Giorgio Furlan dreigden met een gang rechter als het gebruik van Epo nog langer gesuggereerd werd.

Hein Verbruggen van de UCI riep zoals gebruikelijk op om de verdachtmakingen zo snel mogelijk te stoppen. Maar als er dan geen Epo gebruikt werd, vroeg columnist Otto Beaujon zich terecht af, waarom wilde Verbruggen dan ineens de dopingstraffen opvoeren tot één of twee jaar? En waarom dan pleitte de UCI voor ‘out-of-competition’ controles naar willekeur? Inmiddels is dit alles overigens dagelijkse praktijk.

De koers

In de Waalse Pijl van 20 april 1994 reed een trio Gewiss-renners tijdens de tweede van de drie beklimmingen van de Muur van Huy gewoon weg van de concurrentie. Het waren de Italianen Moreno Argentin en Giorgio Furlan, en hun Russische ploegmaat Jevgeni Berzin.

Ze reden zestig kilometer voorop. Argentin kreeg in zijn nadagen de zege min of meer cadeau van zijn teamgenoten. Furlan had in maart al Milaan – San Remo gewonnen na een indrukwekkende demarrage op de Poggio. De jonge belofte Berzin was een paar dagen eerder winnaar geworden van Luik – Bastenaken – Luik.

Gianni Bugno werd als eerste van de achtervolgers vierde op één minuut en veertien seconden. Eddy Bouwmans, rijdend voor de ploeg van Peter Post , was de beste Nederlander op plaats achttien. Gert-Jan Theunisse werd vijfentwintigste: De Brabantse klimmer na afloop: “Ik weet echt niet meer wat ik nu moet doen. Ook nog ’s nachts gaan trainen soms?” Een paar dagen na de Waalse Pijl werd Bruno Cenghialta, een knecht uit de Gewiss-ploeg, zomaar tweede in de Amstel Gold Race.

Meedoen of afhaken

Argentin stopte met wielrennen na de Giro van 1994, die door Berzin werd gewonnen. De Rus zou zijn fabelachtige prestaties van dat jaar nooit meer evenaren. Ook Furlan raakte snel achterop. Andere renners van Gewiss namen de fakkel over. De Letse veteraan Pjotr Oegroemov stond in juli als tweede op het podium van de Tour. Vladislav Bobrik, een maatje van Berzin, won de Ronde van Lombardije. In 1995 zorgden Ivan Gotti, Bjarne Riis, Nicola Minali en Francesco Frattini voor nieuwe successen.

Dat de Italianen voorop liepen bij het gebruik van Epo is inmiddels wel bekend. Niet alleen de Gewiss-renners waren succesvol. In de Waalse Pijl eindigden acht Italianen bij de eerste tien, en dat was geen uitzondering in die dagen. Eén van hen was Davide Cassani, die we nog kennen als onbedoelde speurder in de ‘affaire Michael Rasmussen’. Vreemde eend in de bijt was Ronan Pensec op plaats negen, ploeggenoot van Eddy Bouwmans bij Histor-Novemail.

De concurrentie leerde in 1994 onder het motto ‘meedoen of afhaken’ snel bij. Ploegen als Festina en Telekom experimenteerden op dat moment al met Epo. De ene renner zal daarbij zuiniger zijn geweest op zijn lichaam als de andere. Een piepjonge Davide Rebellin werd in de Waalse Pijl van 1994 al zeventiende. Ook een even jonge Michael Boogerd reed de wedstrijd uit.

Advertentie

Reserveer bij bol.com