Home > Nieuw > Het jaar 1885 was de internationale doorbraak voor de Nederlandse sport
NieuwSchaatsenWielrennen

Het jaar 1885 was de internationale doorbraak voor de Nederlandse sport

Het eerste sportjaar met aansprekende Nederlandse prestaties was 1885. Het hele jaar door waren er successen in het schaatsen, wielrennen en roeien, in internationaal gezelschap.

Benedictus Kingma

Door Wim Zonneveld

Op 28 januari 1885 is het na een paar jaar plannen maken zover. Op de Groote Wielen bij Leeuwarden wordt een groot toernooi geschaatst tussen Friese kortebaansprinters en een aantal Engelse fen-rijders, naar Engelse traditie over 1 mijl. Pieter Bruinsma uit Sneek wint, de Engelsen komen er niet aan te pas, maar de Friezen laden in het knock out-toernooi de verdenking op zich van parten, een vorm van matchfixing.

Dat muisje zal nog een staartje hebben, want voor de jonge Nederlandse schaatsbond zijn de onregelmatigheden aanleiding om zich serieus achter de oren te krabben over het professionele schaatsen en zich actief te richten op het in Engeland al zo gepropageerde amateurisme. De Noor Axel Paulsen, regerend wereldkampioen, heeft zich in Leeuwarden met geruzie al voor de start teruggetrokken. Hij daagt de Friezen uit om naar Noorwegen te komen en op 25 en 26 februari rijden Renke van der Zee en Benedictus Kingma, de twee snelsten van de Groote Wielen, als Nederlandse schaatspioniers tegen de beste Noren.

Op slecht ijs op het Frognerkilen-fjord bij Christiania (Oslo) verliest Van der Zee over 3 mijl van Paulsen, hij wordt beticht van slechte voorbereiding en een naïeve tactiek. Maar in een onregelmatige rit met valpartijen verslaat Kingma zijn tegenstander Carl Werner, en hij komt thuis met een van de fraaiste Nederlandse sporttrofeeën ooit, een ‘Hongaarse ossenhoorn’, nu in de collectie van het Fries Scheepvaartmuseum.

Wielrennen

Als ‘officieel’ begin van het Nederlandse wielrennen wordt gewoonlijk de vélocipède-wedstrijd op 6 april 1885 aangehouden, georganiseerd op de Wassenaarseweg in Den Haag door de wielervereniging De Ooievaar, in samenwerking met de in 1883 opgerichte A.N.W.B. Maar internationaal succes is er al eerder.

De in eigen land onbekende Albert E. Derkinderen behoort van 1877 tot 1883, natuurlijk als The Flying Dutchman, tot de sterkste rijders van de snel groeiende Engelse wielersport. Wonend op het eiland duelleert hij met rijders als Cortis, Keen en Philips, en zijn grootste succes vermeldt G.J.M. Hogenkamp in Een Halve Eeuw Wielersport: “In den zomer van het jaar 1879 behaalde een Hollander, de heer A.E. Derkinderen, een schitterende overwinning door aan de overzijde van het kanaal een wegwedstrijd over 50 mijl, die voor het amateurkampioenschap van Engeland gold, te winnen.” Vermoedelijk is dit de eerste Nederlandse internationale individuele sportzege. Pim Mulier begint net rugby te spelen in Haarlem.

In 1883 vertrekt Derkinderen naar de Oost, waarover een Engelse bron een opvallende mededeling doet – The Wheel World 4, January 1886: “Derdykin,’ as the crowd used to call him, lies buried in Java, a victim to the earthquake which happened there a few years ago.” Krakatau augustus 1883, is dat waar het om gaat? 36.000 doden onder wie 32 ‘Europese’ Nederlanders, zegt Wikipedia.

In Den Haag april 1885 debuteert Emile ‘Pim’ Kiderlen, het 17-jarig wielerfenomeen uit Delfshaven, die op de hoge bi de wedstrijd over 1750 m. wint, voor Jhr. E.J. de Stuers uit Den Haag. De 1000 m. voor tricycles wint H.W. van Raden, een andere Hagenaar, voor Kiderlen.

Op 10 mei vindt op het Vrijthof in Maastricht de eerste ontmoeting in Nederland plaats met internationale deelname, uit België en Duitsland. Kiderlen moet over 5 km. de ritwinst laten aan zijn Antwerpse naamgenoot Emile de Beukelaer, derde De Ligne uit Brussel, vierde Weber uit Gladbach. De Beukelaer zal zich vaak gaan meten met Nederlandse rijders, hij wordt later een internationaal bestuurder, onder andere in 1900 de eerste voorzitter van de U.C.I.

Door dit contact rijden in juni en juli Pim en de Engelse Utrechter Charles Henry Bingham, mede-oprichter van de A.N.W.B., wedstrijden in België, waar al langer georganiseerd wordt gereden. En niet zonder succes. Op 7 juni in Antwerpen klopt De Beukelaer Kiderlen nog over 1 mijl. Op 28 juni in Thienen, op een slechte baan met veel valpartijen, behaalt Pim meerdere zeges in races op de bi en de driewieler. Op 19 juli in Spa behalen zowel Bingham als Kiderlen overwinningen en tweede plaatsen, met als grootste concurrenten de Belgen Goethals en De Beukelaer.

Ook in Duitsland zijn Nederlanders actief. Op 26 juli in Gladbach wint De Beukelaer, de Nederlanders A. Zeguers en Emile Burghoff uit Roermond en Gerard Vrolik uit Rotterdam eindigen bij de eerste zes. Op 28 juli wint E.J. de Stuers op de renbaan van Hannover een 2 km.

Hoeveel wielrennen kun je in een beginjaar persen? De A.N.W.B. laat in de zomer in Nijmegen een wedstrijdbaan aanleggen met een ondergrond van ‘aangestampt puin’. De baan is al bij de opening op 14 en 15 augustus het toneel van internationale wedstrijden; “zoo uitgebreid hebben er in ons land nog niet plaats gehad”, zeggen de kranten.

Kiderlen (nu “onzen gevierden jovialen Nederlandschen kampioen-rijder”) wint weer meerdere afstanden, waarbij hij op de ‘2 km. voor tweewielers’ De Beukelaer en Bingham klopt en op de 10 km. De Stuers en de wielertourist Brauner uit Praag. Bij de nieuwelingen over 1 mijl wint A. Knubel, “lid van den deutschen Radf.-Bund”, voor de jonge Amsterdammer Ferdinand Hart Nibbrig die een mooie toekomst voor zich heeft, niet alleen als wielrenner maar ook als kunstschilder in Parijs.

Roeien

Het Nederlandse roeien is al zo’n 25 jaar een internationaal georiënteerde sport, met frequente uitwisseling met verenigingen in Antwerpen en Ostende. In het weekend waarin er in Nijmegen wordt gewielerd, houdt de tweeriemsgiek met stuurman van studentenvereniging Njord uit Leiden op 15 en 16 augustus een zegetocht langs Belgische banen. Eerst winst in Ostende, met De Maas uit Rotterdam als tweede, en een Parijse ploeg derde. In Brussel wordt de Cercle d’Aviron uit Parijs verslagen. Winnen van Fransen in het roeien, dat is niet mis in deze tijd.

In Brussel worden “de heeren Damsté, Vrede en Buis voorgesteld aan de Koning en Koningin van België”. Pieter H. Damsté publiceert in 1886 samen met F.E. Pels Rijcken het Nederlandsch Handboek voor de Roeisport, in 1902 wordt hij hoogleraar Latijnse taal- en letterkunde in Utrecht.

Het Vrijthof en het Vreeburg

Op 23 augustus is Pim Kiderlen weer in Antwerpen. Hij behaalt meerdere ereplaatsen, maar hij moet wel zijn meerdere erkennen in steeds dezelfde concurrent. Dat is geen schande, het gaat om de Franse crack Frederic de Civry, die veel in Engeland heeft gereden, ook tegen Derkinderen. Totdat in de 2 km. race De Civry afstapt na onenigheid over een voorgift – dan wint Pim, voor de Belgen.

Het Vrijthof, dan ook het Vreeburg: op 31 augustus komen in Utrecht de vélocipèdes in actie op feesten ter ere van de jarige prinses Wilhelmina. De wedstrijden verliezen helaas hun internationale karakter als De Beukelaer afzegt vanwege een in Nijmegen opgelopen blessure, en de toeschouwers ook de spectaculaire aanblik van het racende Engelse echtpaar Barrow wordt onthouden, die uit Antwerpen zijn doorgereisd; ze stellen financiële eisen die niet worden ingewilligd. Onder “daverend gejuich” wint Pim Kiderlen weer zijn gebruikelijke hoeveelheid onderdelen.

Op 20 september wint Ferdinand Hart Nibbrig de wegwedstrijd Amsterdam – Arnhem over 93 km., die een aantal jaren een Nederlandse klassieker wordt. Op 27 en 28 september op de baan van de Crefelder Velociped-Club, een van twaalf nieuwe banen in Duitsland, behaalt Jhr. De Stuers ereplaatsen, hij wordt tweede op de 10 km. achter de herstelde De Beukelaer.

Als op 21 november Pim Kiderlen het nationale langeafstandsrecord op 346 km. heeft gebracht door binnen een etmaal van Rotterdam naar Leeuwarden te rijden, is het lange eerste wielerseizoen afgelopen. Het sportjaar eindigt waar het is begonnen, in Leeuwarden.

Het was een mooi sportjaar, met allround internationale Nederlandse successen.