Wielrennen

Verdwenen koersen: de Catalaanse Week

Door Ronnie van den Bogaart

Op het omvangrijke kerkhof van ter ziele gegane wielerkoersen vinden we ook de Catalaanse Wielerweek (1963-2005). Drie keer won een Nederlander. Michael Boogerd was de sterkste in 1998 en 2001. Joop Zoetemelk zegevierde in 1974, ten koste van zijn ploeggenoot Cees Bal.

De karakteristieke Spaanse rittenkoersen van een paar dagen over geaccidenteerd terrein, waar het Spaanse wielrennen een patent op lijkt te hebben, worden met uitsterven bedreigd. Zo is naast de Catalaanse Week ook de Ronde van Aragon al van de wedstrijdkalender verdwenen. De Ronde van Valencia van dit jaar werd geannuleerd wegens geldgebrek.

De Catalaanse Wielerweek (Setmana Catalana de Ciclisme) was jarenlang het kleinere broertje van de veel oudere Ronde van Catalonië, en telde in de jaren zeventig regelmatig mee voor het jaarklassement Super Prestige Pernod. De eerste twee edities werden in 1963 en 1964 gewonnen door de Spaanse klassementsrenner José Perez Frances. Hij is daarmee recordhouder met twee overwinningen, samen met Luis Ocaña, Eddy Merckx, Alex Zülle, Laurent Jalabert en Michael Boogerd.

De Zeeuw Cees Bal leek in het voorjaar van 1974 de eerste Nederlandse winnaar te worden van de Catalaanse Week. Journalist Dominique Elshout sprak een paar jaar geleden met Bal voor het blad Wieler Revue.

“Bal had de trui gepakt in de eerste etappe. Hij soleerde dertig kilometer lang en had aan de meet op de 1174 meter hoge Queirat vijf minuten voorsprong op Merckx, Ocaña, Poulidor en Zoetemelk. Merckx en Ocaña koersten vol gas achter de Zeeuw aan, maar kregen hem niet te pakken. Bal ziet het als zijn fraaiste prestatie ooit.”

Helaas voor de Zeeuw werd hij in de laatste rit door Joop Zoetemelk uit de leiderstrui gereden. Nota bene zijn ploeggenoot bij het Franse Gan-Mercier. Gedreven door rancune en in de vorm van zijn leven won Bal kort daarna zeer verrassend de Ronde van Vlaanderen. ’s Ochtends had hij nog de pont naar Zeeuws-Vlaanderen moeten nemen, omdat hij weigerde met Zoetemelk in hetzelfde hotel te slapen.

Het bleek achteraf het vroege hoogtepunt uit zijn wielerloopbaan. Bal daarover tegen Elshout: ,,Ik heb een heleboel weggegooid door er niet serieus voor te leven. En als het minder gaat, maak je jezelf wijs dat fietsen niet leuk is. Uiteraard heb ik spijt, maar het valt niet terug te draaien.” En over de Nacht van Breda, een wielercriterium uit die tijd: ,,Die zal wel langer geduurd hebben dan alleen maar de koers.”

Iemand die wel serieus voor zijn vak leefde was Michael Boogerd. In 1998 won Boogerd in Catalonië zijn eerste rittenkoers bij de profs door in derde rit alle anderen voor te blijven in de slotklim en zo de leiderstrui te veroveren. Uit het Wielerjaarboek: “Boogie ging autoritair aan de leiding fietsen op de laatste klim en fietste Luttenberger, Massi, Zülle, Jalabert en zelfs het klimgeitje Pantani uit het wiel.”

Zijn tweede plaats in de afsluitende korte tijdrit rond het bekende park van Montjuich – achter Alex Zülle maar vóór zijn grootste concurrent Laurent Jalabert – was misschien nog wel een knappere prestatie van de erkende niet-tijdrijder Boogerd. De Hagenaar zou drie jaar later nog een keer de Catalaanse Week winnen, vóór Danilo di Luca.

Mede onder invloed van de Pro Tour verdween de Catalaanse Week wegens geldgebrek van de kalender. Door de startplicht voor de grote ploegen in de vele Pro Tour wedstrijden werd het voor de kleinere koersen steeds moeilijker een representatief rennersveld aan de start te krijgen. En daardoor werd het weer lastiger om sponsors aan te trekken. Maar ook alle dopingperikelen, zeker in Spanje, zullen voor potentiële geldschieters een reden zijn geweest om af te haken.

In 2005 werd de laatste editie gewonnen door een pas tweeëntwintigjarige renner. De toen nog amper bekende Alberto Contador zette met zijn overwinning een fraai orgelpunt onder de erelijst van de Catalaanse Wielerweek.

Advertentie

Reserveer bij bol.com