Wielrennen

Wielerpionier Herman van Raden en zijn wielerpionierende zus

Herman van Raden was een belangrijke rijwielpionier uit de 19e eeuw. Het zat in de familie, want zijn zus deed in 1888 mee aan de eerste baanwedstrijd met inbreng van ‘de schoone sekse’.

Alle afbeeldingen uit De Kampioen, jaargang 1888. Helaas is er geen afbeelding te vinden van Herman van Raden

Door Wim Zonneveld

Elektrische auto’s worden in onze tijd steeds populairder. Beter voor het milieu, geen uitlaatgassen en fijnstof, minder geluidoverlast, belastingvoordeel. Honderd en nog wat jaar geleden zijn de eerste automobielen elektrisch en concurreren ze lange tijd met nieuwere modellen met een verbrandingsmotor. Maar die strijd gaat verloren. Hun twee grote nadelen, geringe actieradius en overzware accu’s, zijn nu nog steeds een onopgelost probleem.

Begin 20ste eeuw is een Nederlander actief in de Britse auto-industrie, vanuit Coventry, gespecialiseerd in accu’s en dynamo’s voor elektrovoertuigen. Hij heeft dan al een Nederlandse sportcarrière achter de rug, als wielrenner en handelende vélocipède-pionier. Herman Willem van Raden. En familie.

Vader

Hermanus Willem van Raden wordt geboren op 6 februari 1866 in Den Haag. Vaders kant heeft een kunstzinnige inslag, Marinus van Raden schildert. En grootvader, naar wie hij is vernoemd, was tekenleraar en runde, met kunsthandelaar Augustus Alexander Weimar, het ‘Magazijn van Teeken-Behoeften’ in de chique Haagse Papestraat.

Het Rijksmuseum heeft Marinus’ Gezicht op de kades langs de Seine bij Parijs in de collectie, volgens het Museumbulletin van 2000 is zijn werk zowel onbekend als onderschat. Hermans jeugd moet sterk beïnvloed zijn door zijn vaders werk en reislust. Maar ook diens dramatische zelfmoord. In de winter van 1879 slaat Martinus’ vriend en ‘dierenschilder’ Bernard te Gempt de hand aan zichzelf en Marinus, zwaarmoedig en depressief, volgt hem een paar weken later – een opmerkelijke gebeurtenis in de destijdse kunstwereld.

Bi en tri

Emile ‘Pim’ Kiderlen, 17 jaar uit Delfshaven, en Herman Willem van Raden, net 19, zijn de twee winnaars van de wielerwedstrijden in Den Haag op 6 april 1885, georganiseerd door vereniging De Ooievaar en de eerste in Nederland onder auspiciën van de A.N.W.B. Ze zijn groots opgezet, maar worden voortijdig gestaakt wegens overvloedige regenval. Pim heeft dan de race over 1750 m. voor bicycles (‘hoge bi’) gewonnen en Herman die over 1 km. voor tricycles, voor Kiderlen.

Ze rijden op het beste, lichtste, materiaal. Ze zijn jonge samenwerkende wielerhandelaars die al adverteren in het bondsorgaan De Kampioen als agenten voor gerenommeerde Engelse merken, zoals Salamon Matchless uit Londen en de Coventry Machines Co. Het zou best kunnen dat de wedstrijden, Van Raden is lid van De Ooievaar, bedoeld zijn ter bevordering van de handel, en de verdeling van de prijzen op de twee afstanden een gevolg is van hun samenwerking.

Pim Kiderlen is de zoon van een goed boerende, oorspronkelijk Duitse, jeneverdistilleerder uit Delfshaven. Hij heeft al jong grote belangstelling voor techniek, is voortdurend bezig met de nieuwste modellen vélocipède en gaat in 1886 studeren in Delft. Hij rijgt twee jaar overwinningen aaneen alsof het niets is, nationaal en internationaal, maar in 1888 komt er een plotseling eind aan zijn sportloopbaan door een botsing met een rijtuig, waarbij hij fataal knieletsel oploopt. Hij begint rond 1900 in de autohandel, met een eigen garage in Amsterdam.

Geen vooroordeel en valse schaamte

Bij Van Raden thuis is het fietsen wat de klok slaat. Ook Hermans broer M.F. (Marinus?) rijdt rond bij De Ooievaar en zijn zus J. (Johanna?) wordt in het voorjaar van 1885 het eerste vrouwelijke lid van de A.N.W.B. Er wordt op 17 mei in Haarlem, na afloop van een tocht waaraan de Van Radens gedrieën deelnemen, een toast uitgebracht ‘op het welzijn der dame, die de moed had te breken met vooroordeel en valse schaamte, door zich openlijk aan onze sport te wijden’.

In augustus 1885 starten Kiderlen en Van Raden in de eerste Nederlandse baanwedstrijden in Nijmegen en Utrecht, op de driewieler, waarbij Pim niet op een overwinning meer of minder kijkt en Herman soms achter hem tweede wordt.

Vanaf dan tot zomer 1886 verblijft Herman in Coventry, vermoedelijk om handelscontacten te leggen of te verstevigen. Maar niet alleen dat. Het A.N.W.B.-blad De Kampioen citeert in oktober uit The Coventry Gazette dat “Mijhneer H.W. Van Raden” uit “The Hague, Netherlands, spending his vacation in Coventry, started from Broadgate, Coventry, at midnight Tuesday September 22 1885, to ride to London and back. A telegram was received handed in at east Finchley Post Office: distance 182 miles, stoppages 3½ hours, actual riding time 18 h. 47 m.”

Zo’n kleine 300 km., ruim binnen de 24 uur. Hij herhaalt (bijna) wat Pim Kiderlen deed in november 1885, toen hij binnen een etmaal over 346 km. van Rotterdam naar Leeuwarden reed. In februari 1886 schrijft Herman vanuit Coventry een ingezonden brief aan De Kampioen waarin hij goede vélocipèdes aanbeveelt die hij ter plekke heeft leren kennen: als tricycle de Eureka van Bayliss Thomas & Co., en als safety, het moderne model in opkomst, de Rover van Starley & Sutton.

Het Algemeen Vélocipède Depot

Terug in Nederland hervat Herman, profiterend van zijn contacten, zijn activiteiten als handelaar in Engelse rijwielen, nu samen met Jules Herckenrath, een Rotterdammer uit een oorspronkelijk Duitse handelsfamilie. Begonnen als handelaar in technische onderdelen (deursloten en nog zo wat), was hij bezig een groot wielerbedrijf, het ‘Algemeen Vélocipède Depot’ op te zetten. Via dit bedrijf rijdt Pim Kiderlen als eerste in Nederland in een wedstrijd op een Rover safety, Nijmegen 24 april 1886.

Naast het zakendoen, waarvoor hij verhuist naar Rotterdam, blijft Herman ook ‘wielrijder’. Hij behaalt af en toe succesjes, en hier en daar een overwinning, zo lang Kiderlen maar niet meedoet. Op Wilhelmina’s Prinsessedag in Utrecht, 30 augustus 1886, wint hij zowel individueel (“H.W. van Raden reed zeer fraai op zijn lichte Eureka racer”) en met Pim op de tweepersoons driewieler. Voorjaar 1888 slaagt hij er in, samen met ondermeer Herckenrath en de Delftse A.N.W.B.-bestuurder A.L. Couvée, en gedreven door het succes van streekgenoot Kiderlen, in Scheveningen een wedstrijdbaan van de grond te krijgen.

Augustus en september 1888 zijn de drukste maanden van zijn wielerloopbaan. Hij haalt ereplaatsen in Scheveningen en Nijmegen, en rijdt op 3 augustus in Nijmegen in de eerste wedstrijd met safety tandems in Nederland. Met de Arnhemmer Adriaan Kerkhoven wordt hij tweede achter Huijsser en Ives (de kranten zijn zuinig: “Het komt ons voor dat deze rijwielen wel een weinig gevaarlijk zijn op een eene wielerbaan”).

De schoone sekse

Op 23 september wint hij de wegwedstrijd Groningen-Muntendam v.v. over 50 km., voor Van Pallandt, een mooi succes dat ten onrechte, door een slordigheid in Hogenkamps Halve Eeuw Wielersport van 1916, vaak doorgaat voor het eerste nationale wegkampioenschap. En: zijn zusje deelt ook in de successen.

Op 8 september heeft Scheveningen de primeur van de eerste baanwedstrijd met inbreng van ‘de schoone sekse’. De ‘great attraction’ van de dag is een ‘Wedstrijd voor tweepersoons driewielers (dame en heer)’ over 800 meter, met 4 deelnemende paren die ‘zich goed geoefend bleken te hebben’. Winnaars ‘mej. v. Raden en de heer Kerkhoven’, voor broer en zus Stroethoff uit Amsterdam. Een familie om u tegen te zeggen!

Twee jaar lang rijdt Herman vervolgens bij de militairen, in een speciaal opgericht peloton dat met vélocipèdes oefent in militaire manoeuvres om de bruikbaarheid ervan in het leger te beproeven. Soms racen ze. In augustus 1890 verslaat Herman de toekomstige Kampioen-hoofdredacteur Frans Netscher, dan ook militair, in een safeties race over 3 km. in Nijmegen.

De zaken gaan ondertussen minder, in 1892 wordt zijn wielerzaak met Herckenrath ontbonden. Die gaat zich specialiseren in elektrische installaties en verlichting, bij bedrijven en de gemeente Rotterdam. In januari 1897 wordt Herman in Rotterdam failliet verklaard. Hij is dan al 5 jaar getrouwd met de Engelse Edith Hanson en het stel vestigt zich in 1898 in Engeland, in Coventry, dat hij kent als zijn broekzak en waar nu de productie van rijwielen zich ontwikkelt tot een gloednieuwe automobielindustrie. Hoe hij het doet, doet hij het, maar hij bouwt een heel nieuw leven en een heel nieuw bedrijf op.

Creativiteit is geen modewoord, maar een noodzaak om je te onderscheiden van de moordende concurrentie. Het specialisme van H.W. van Raden & Co., waarin Herman samenwerkt met partner Carey Burt Robinson, zijn de “woven glass accumulators”, waarin elastisch glaswol lood vervangt, met als voordeel een lagere weerstand en een lager gewicht. De accu’s worden bekend onder de naam Radenite Batteries. Maar zijn fabriek produceert ook de hele range elektrische apparatuur voor de nieuwe automobielen, onder andere de Sunbeam wordt er mee uitgerust.

In 1907 verkoopt Herman zijn aandelen in het bedrijf, hoewel het wel doorgaat onder zijn naam. Mogelijk gaat dat niet zonder slag of stoot, want twee jaar later wint het bedrijf een ‘injunction’ tegen hem, die hem verbiedt zichzelf nog langer in verband te brengen met hun activiteiten.

Vanaf de regionale census van 1911 zijn er geen gegevens meer te vinden over Herman van Raden en zijn echtgenote, ze wonen dan in Warwick iets ten zuiden van Coventry. In 1924 wordt J.P. Starley directeur van de fabriek, een telg uit het uitgebreide geslacht van fietsenbouwers uit Coventry. Van Raden verdwijnt uit de naam en elektrische aandrijving van automobielen begint het af te leggen tegen de verbrandingsmotor. Starley overlijdt in 1961 en in 1984 houdt de fabriek op te bestaan.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je je waardering laten blijken met een kleine financiële bijdrage.

 
Mijn gekozen waardering € -